Literary Writing on the Web: 10 excellent examples & personal favorites of new writing online

screen-shot-2016-10-07-at-09-50-10‘How do we write when we write online?’ is the question asked by the first item on this list and by the list as a whole. We write a lot online; that’s for sure. Of course, there are discussions about the mobile phone destroying our sense of grammar, about image-biased media overturning the craft of writing, whether moving or not, and about whole populations no longer able to read books or, for that matter, anything over a thousand words.

Still, written language is very much alive on the internet, and day in day out, we write hundreds of words on Facebook Messenger, WhatsApp, Twitter, and so on. What does this do to the kind of language with a deep interest in language – namely the language of literature? The web must have some effect on literary writing, right? Literary writing is bound to transform in a digital context, no? Below, I’ve collected what I consider the best writing on online (literary) writing. It’s not about e-books, digital narratives or science fiction; it’s about good old Literature as found in that sphere of a medium: the Internet.

Find the contextualised list over at As We Read

Anger and Forgiveness (Woede en vergeving): de nieuwe Martha Nussbaum is vintage Nussbaum

coverWie zal niet zeggen, in navolging van zelfhulpboeken, Oprah en Dr. Phil, dat een beetje boosheid goed voor je is? Vooral als je verlegen bent of slecht wordt behandeld. Maar is dat wel zo? Martha Nussbaum, een van de belangrijkste hedendaagse filosofen, onderwerpt boosheid in Anger and Forgiveness (Woede en vergeving, vertaald door Peter Diderich en Bep Fontijn, verschijnt in november) aan een stringent onderzoek en moet concluderen van niet. Boosheid werkt vrijwel altijd contraproductief, zegt ze, of het nu gaat om persoonlijke relaties of over politieke veranderingen.

Lees verder op Athenaeum: Het gaat niet om jou. Niet boos worden

Essay in de Revisor

coverOp 1 april mocht ik in de Westerkerk optreden als voorprogramma van het denkbeest uit Ljubljana, Slavoj Žižek, ter gelegenheid van de G10 van de economie en filosofie. In het essay dat ik daar voorlas vertrok ik vanuit Žižeks beschrijving van een ‘event’ als een gebeurtenis die niet tot haar oorzaken is terug te voeren (heel kort door de bocht gezegd) – en probeerde te laten zien hoe dat ook iets kan verhelderen over sleutelmomenten in je eigen leven. Titel: ‘Voor en na [vul in: naam van partner, land, lichaamsdeel]’.

Omdat het beschrijven ervan al gauw saai klinkt, als de samenvatting die het in feite ook is, kun je maar beter het essay gewoon lezen. En! Dat kan nu ook, want het is opgenomen in het jongste nummer van de Revisor. Daar ben ik trots op, want al sinds mijn jongste studentenjaren wilde ik al eens in de Revisor staan. En nu is het zover. Een event!

Te koop bij de boekhandel of online.

Wilhelm Schmid – Sex-out. De seksuele impasse filosofisch beschouwd

cover‘Kan een door seks bezeten tijdperk tegelijkertijd vol zijn van lusteloosheid?’ vraagt de achterflap van Wilhelm Schmids Sex-out. De seksuele impasse filosofisch beschouwd (Sexout, uit het Duits vertaald door Willem Visser). In een bijzonder kwiek en je zou kunnen zeggen lustig betoog beantwoordt Schmidt deze vraag allereerst met ‘ja’ om vervolgens tien strategieën te geven om in lusteloze tijden de seks weer terug te veroveren.

Lees verder op Athenaeum: Op de bedrand met Wilhelm Schmid

Vrijheid in de 21e eeuw. Over Wereldverbeteraars en Rusteloosheid

9789045030500-wereldverbeteraars-l-LQ-f rusteloosheid-ignaas-devisch-boek-cover-9789023494188

 

 

 

 

 

Deze week in De Groene Amsterdammer: een beschouwing van mijn hand over twee recente filosofische boeken, Wereldverbeteraars van Larissa MacFarquhar (vertaling van Strangers Drowning) en Rusteloosheid van Ignaas Devisch.

Wat die twee met elkaar te maken hebben? Ze relativeren de vrijheid en autonomie van het individu door te laten zien dat we vaak gewoon doen wat we niet laten kunnen, for better or for worse.

Lees online bij De Groene of op Blendle.

De stront en het kwaad: Vrouw, deel VI van Karl Ove Knausgård – Mijn strijd

coverLees hier mijn recensie van Vrouw van Karl Ove Knausgård: Knausgårds stront en het kwaad

Veel lezers zullen al iets over Vrouw, het zesde, laatste deel van Karl Ove Knausgårds Mijn strijd, hebben gehoord voordat het in Nederlandse vertaling verscheen. Dat het zou gaan over de ontvangst van het eerste deel, Vader, over de weerslag daarvan op zijn manisch-depressieve vrouw, en dat Knausgård zou aankondigen te stoppen met schrijven. De laatste zin was al berucht en besproken en is nu dan ook eindelijk écht vertaald (helaas is net in deze cruciale zin een zetfout geslopen): ‘Daarna nemen we de trein naar Malmö, stappen in de auto en rijden we naar huis, en die hele rit zal ik genieten, echt genieten, van het idee dat ik geen schrijver meer ben.’

De stront is opgeruimd, zou je ook kunnen zeggen. In een ontzettend smerige en daardoor ook erg grappige scène gaat Knausgård zijn zomerhuis klaar maken voor de verkoop. De stront die in de loop van de tijd bij het huis zonder riolering is opgehoopt en die zo verschrikkelijk meurt dat je je nauwelijks door de ruimte kunt bewegen, moet hij schep voor schep kwijt zien kwijt te raken, liefst zonder dat de buren op het park er ook maar een glimp van meekrijgen:

‘Het grind was met onkruid bedekt, ook dat was in strijd met de regels en ik kreeg pijn in mijn buik toen ik het zag. Ik wilde dat het me lukte het aan mijn laars te lappen, een enorme hoop schijt te hebben aan die idioten die elkaars tuintjes in de gaten zaten te houden, die imbeciele troep rimpelige ouwe zakken met huidplooien onder hun kin, die nergens anders aan konden denken dan wat goed en fout was en die, na alle ervaringen die ze in een lang, uniek leven hadden vergaard, hun laatste jaren, hun laatste dagen eraan besteedden een gazon netjes te houden en van woede te schuimen als anderen dat niet deden. Ik wilde dat ik schijt aan hen kon hebben, maar dat kon ik niet. De waarheid was dat ik bang voor hen was en het hun graag naar de zin wilde maken.’

Lees verder bij Athenaeum: Knausgårds stront en het kwaad

door Miriam Rasch