Over de vrouwelijke filosofie van Luce Irigaray

Voor De Groene Amsterdammer schreef ik onlangs over filosofe en psychoanalytica Luce Irigaray, in het bijzonder over Dit geslacht dat niet (één) is.

Ik stel me zo voor dat Luce Irigaray bij zulke hardnekkige ‘macho-mythes’ zin heeft om de straat op te gaan met een kartonnen bord in de hand zoals dat van de oudere dame die werd gefotografeerd bij een protest tegen het verscherpen van abortuswetgeving: ‘I can’t believe I still have to protest this fucking shit.’

Lees het tiende deel van de Feministische Leeslijst hier: ‘Vrouwspreken’ met trotslippen

Meerstemmige filosofie: over ‘Onszelf voorbij’ in De Groene

Ik schreef in De Groene Amsterdammer over het filosofische essay-drieluik Onszelf voorbij van Lisa Doeland, Elize de Mul en Naomi Jacobs. Lezen doe je hier: Kom uit je bubbel.

De filosofie, en dan vooral de postmoderne variant, mag recentelijk zijn aangeklaagd voor doorgeslagen relativisme, verantwoordelijk zijn gehouden voor fake news en post truth, en dus bij uitbreiding voor Trump en Brexit, ze blijft tegelijk een reputatie houden van een bolwerk voor oude witte mannen die de waarheid in pacht denken te hebben en haar in hermetische boekwerken over het onwetende (of ongeïnteresseerde) publiek uitstorten. Karikaturale voorstellingen, die echter wel uitnodigen tot reflectie over de filosofische vorm. Al langer denk ik dat meerstemmigheid op de een of andere manier in de filosofie ingebracht zou moeten worden. Dat zou relativering kunnen laten zien, maar niet van álles, en autoriteit en expertise, maar dan in meervoud. En het zou bovendien de lezer uitnodigen om zich actief tot de tekst te verhouden.

De kanonnen van de filosofie en de tijdsgeest in mijn boekenkast – Maand van de Filosofie in de Athenaeum-etalage

Dat zijn de leukere klussen: voor de Maand van de Filosofie mocht ik een etalage inrichten bij Athenaeum Boekhandel op het Spui. Klik door naar Athenaeum voor de toelichting – of lees na de knik de hele lijst. En natuurlijk is de etalage live te aanschouwen op het Spui!

Het is magisch, troostrijk en verontrustend tegelijkertijd: het besef dat wat je leest tijdens je studietijd, de ‘vormende jaren’, ook daadwerkelijk een onuitwisbare indruk maakt op je geest en zo je denken vormgeeft. Of nou ja, dat is bij mij het geval. Het is magisch omdat boeken dus echt je leven kunnen veranderen, troostrijk omdat je altijd kunt terugvallen op die oude vrienden, en verontrustend omdat je blijkbaar het gevaar loopt te verstarren in de wortels van een denken dat steeds verder in het verleden komt te liggen. Toelichting op Athenaeum: De kanonnen van de filosofie en de tijdsgeest in mijn boekenkast.
“De kanonnen van de filosofie en de tijdsgeest in mijn boekenkast – Maand van de Filosofie in de Athenaeum-etalage” verder lezen

Zwemmen in de oceaan genomineerd voor de Hypatia-prijs

Aankomende zaterdag 14 april wordt de Hypatia-prijs uitgereikt. Een nieuwe prijs voor het beste en meest prikkelende en actuele filosofieboek geschreven door een vrouw.

Het is een tweejaarlijkse prijs en mijn Zwemmen in de oceaan staat op de shortlist.

Kom ook op zaterdagmiddag 14 april in de Doelenzaal (UvA), Singel 425, Amsterdam.​

Zie verder de website van SWIP. “Zwemmen in de oceaan genomineerd voor de Hypatia-prijs” verder lezen

Update: Essay in de Revisor – nu online

cover

[Oorspronkelijk gepubliceerd 11 september 2016]

Op 1 april mocht ik in de Westerkerk optreden als voorprogramma van het denkbeest uit Ljubljana, Slavoj Žižek, ter gelegenheid van de G10 van de economie en filosofie. In het essay dat ik daar voorlas vertrok ik vanuit Žižeks beschrijving van een ‘event’ als een gebeurtenis die niet tot haar oorzaken is terug te voeren (heel kort door de bocht gezegd) – en probeerde te laten zien hoe dat ook iets kan verhelderen over sleutelmomenten in je eigen leven. Titel: ‘Voor en na [vul in: naam van partner, land, lichaamsdeel]’.

Omdat het beschrijven ervan al gauw saai klinkt, als de samenvatting die het in feite ook is, kun je maar beter het essay gewoon lezen. En! Dat kan nu ook, want het is opgenomen in het jongste nummer van de Revisor. Daar ben ik trots op, want al sinds mijn jongste studentenjaren wilde ik al eens in de Revisor staan. En nu is het zover. Een event!

Te koop bij de boekhandel of online.

Update: de jaargang van Revisor (2016, ik sta op pp. 34-37) is nu geüpload naar de dbnl, dus dat betekent dat het essay daar online te lezen is en daarom ook hieronder gearchiveerd wordt. “Update: Essay in de Revisor – nu online” verder lezen

2017: mijn jaar in boeken, jubileumeditie

 

 

 

 

 

 

 

Dit is het tiende overzicht van mijn boekenjaar dat ik hier presenteer #jubilee (zie: 2008, 2009, 2010, 2011, 2012, 2013, 2014, 2015, 2016). Die kwantificeringsdrang mag misschien opmerkelijk lijken voor iemand die zich steeds meer met anti-kwantificatiedenken bezighoudt (kortweg: antikwanti). Maar zoals ik elders al betoogde, is voor zinvolle kritiek op het hysterische datageloof een simultane liefde voor het getal misschien wel noodzakelijk. Daar gaan we.

Dit jaar heb ik 47 boeken gelezen, min of meer: zes daarvan las ik voor het grootste gedeelte, waarvan ik er maar twee onbevredigd voor het einde heb weggelegd. (Ik heb wel meer boeken niet uitgelezen, maar die staan  niet op de lijst.)

De helft van de boeken komt uit 2017. Tja, steeds weer heb ik het voornemen om ‘zoals vroeger’ ook weer veel klassiekers te lezen, maar het komt er niet van. Werk, nieuwsgierigheid, en ja, ook de beschikbaarheid ervan als recensent, zorgen ervoor dat ik juist steeds meer actuele en hedendaagse boeken lees. Voor de komende vakantie heb ik wat oudere romans klaargelegd, want het bevalt altijd goed om iets uit een andere tijd te lezen, zelfs als het boek eigenlijk tegenvalt.

Ook een helft: filosofie en essays. En een derde, wat veel is voor mij: Nederlandstalig.

Mijn waardering was genereus dit jaar, wat ik dan maar opvat als teken dat ik ondanks die druk om actueel te lezen goed weet te kiezen. Gemiddeld een 3,77 (uit vijf)! Het hoogste ooit behaald? Zou zomaar kunnen. Nu bedenk ik me wel dat Bookpedia sinds een laatste update ook halve sterren accepteert, dus het kan zijn dat ik daardoor vaker een 3,5 of zelfs 4,5 heb gegeven, waar dat eerder een 3 of 4 was geworden.

Oké, namen en rugnummers.

Omdat ik relatief veel Nederlandse romans las, wil ik allereerst de twee dichterdebuten noemen: Wormen en engelen van Maarten van der Graaff en Het tegenovergestelde van een mens van Lieke Marsman. Beide bijzondere boeken met een geheel eigen thematiek (religie en klimaat) en die bovendien op papier zoeken naar nieuwe vormen. Daar houd ik van. Klont van Maxim Februari is een roman over data en kwantificering die grappig en multi-interpretabel is, ga er maar aan staan. Ook een eigen thematiek en ook een vorm als disruptie, om in de wereld van de internetgoeroes te blijven. Over die vorm denk ik nog steeds na, ooit zal ik er misschien iets over schrijven.

Er waren ook goede Nederlandse essays, zoals van Marja Pruis (Genoeg nu over mij is grappig en ontroerend en vrouwelijk zoals het hoort en misschien wel het beste boek dat ik las dit jaar; in elk geval het boek dat ik het vaakst heb aangeraden) en het debuut van Bier met Boeken-genoot Jan Postma (maar ik vind eigenlijk dat je geen boeken kunt noemen waar je iets mee van doen hebt gehad, ah, kijk, nu heb ik het toch gedaan, Vroege werken dus). (Had ik mijn eigen essayboek al genoemd? Nee, dat kan ook niet, maar zie vooral hier – waar? – hier, maar ook hier!!!)

De grote verrassing was voor mij dit jaar het filosofische essay van Kris Pint, De wilde tuin van de verbeelding, dat helaas te weinig aandacht heeft gekregen (ik schreef erover voor De Groene).

Een andere donderslag bij heldere hemel kreeg ik van Eugene Thackers In the Dust of this Planet – wat een fenomenaal werk! En er zijn nog twee delen (die ik nog moet lezen). Het is van 2011, maar who cares. Het is filosofie die uit de diepste diepten van mystiek, kennisleer, middeleeuwse horror en Kantiaanse kritieken allerlei bizarreriën opdiept – maar pertinente bizarreriën – en die combineert met contemporaine OOO en existentiële klimaatangst, enzovoorts en zo verder, en je verbluft achterlaat.

Heb ik nu echt maar één niet-Nederlands werk genoemd? Zo’n jaar was het blijkbaar. Vooruit, dan gooi ik er nog een tip in voor de koude wintermaanden: Het licht van Torgny Lindgren. Uit 1987. Want zomaar een boek lezen uit een andere tijd en een andere taal, dat MOET.

Heidegger in de boardroom: recensie Christian Madsbjerg – Filosofie in een tijd van big data

Een businessconsultant die iets met filosofie en big data doet, dat klinkt eerder angstaanjagend dan aantrekkelijk. Er zijn al genoeg CEO’s van technologiegiganten die sjiek doen met stoïcisme of die beweren dat het brein net een computer is. Zij doen de filosofie doorgaans geen goed. Christian Madsbjergs Filosofie in een tijd van big data is echter van een andere orde. Sterker nog: het is een boek waarvan je zou willen dat iedereen in bedrijfsleven en politiek, en vooruit, ook het onderwijs en de zorg, het zou lezen.

Maar lees eerst de recensie, bij Athenaeum: Heidegger in de boardroom

De dwaze obsessie nuttig te willen zijn: Cioran, Een kleine filosofie van het verval

Wie de inhoudsopgave van Een kleine filosofie van het verval van E.M. Cioran opslaat, wordt meteen voorbereid op een bepaalde filosofische leeservaring: ‘Oefeningen in ontbinding’ heet de eerste afdeling, en daaronder volgen: ‘Genealogie van het fanatisme’, ‘De anti-profeet’, ‘Op het kerkhof van de definities’, tot onderaan de pagina, ‘De reactionaire engelen’, ‘Bekommerd om fatsoen’, ‘Het gamma van de leegte’ – en zo nog tientallen titels door. Het leest als een lange litanie, die de liefhebber van pessimistische filosofen en de schrijvers van het lijden meteen zal aanspreken.

Lees verder bij Athenaeum: De dwaze obsessie nuttig te willen zijn

Zwemmen in de oceaan: Berichten uit een postdigitale wereld

‘Een diepzinnig boek over de grote verleiding om langs de oppervlakte te blijven scheren. Miriam Rasch laat zien dat die oppervlakte in de digitale cultuur van de eenentwintigste eeuw meer te bieden heeft dan verstrooiing en degradatie tot consument. Ze tovert er een eigentijds soort hevigheid tevoorschijn.’ – Maxim Februari

De Bezige Bij

Bestellen

E-boek

Voorpublicatie

Presentatie

Interviews

Read one of the essays in English

Rasch blijft (…) dicht bij zichzelf, maar dat neemt niet weg dat ze ook haarscherp de problemen met transparantie en datahonger duidt. **** NRC Handelsblad

Voor iemand die zich met huid en haar onderdeel voelt van de oppervlakkige digitale wereld schrijft Miriam Rasch met analoge, jargonvrije intelligentie.
Carel Peters, Vrij Nederland

Ze is in staat om door de onzin van de nieuwe tijd heen te prikken, maar ook vast te stellen wat waardevol is. In haar essays speelt ze regelmatig met de vorm om haar pointe kracht bij te zetten. **** Trouw

Van dichtbij, per essay, barst het van de ideeën, invalshoeken en doorverwijzingen. Dat maakt Rasch bijzonder. Het Belang van Limburg

Een literaire kritiek van het internet (…) Goethe sprak ooit van een zarte Empirie, een zachte of delicate empirie, ‘die zich volledig identiek met het object maakt, en zo tot de daadwerkelijke theorie wordt’. In haar beste stukken benadert Rasch dat ideaal. De Nederlandse Boekengids “Zwemmen in de oceaan: Berichten uit een postdigitale wereld” verder lezen

Denken over het kwaad met Bettina Stangneth

De Duitse filosofe Bettina Stangneth weet hoe ze de gemoederen moet bezighouden. Zo’n zes jaar geleden zorgde ze voor opschudding met haar boek over Adolf Eichmann, Eichmann in Argentinië. Eichmann was geen voorbeeld van Hannah Arendts these van ‘de banaliteit van het kwaad’, betoogde ze daarin, maar juist een overtuigd misdadiger die met behulp van zijn intellect het kwaad zo doelmatig mogelijk wist uit te oefenen. In haar nieuwste boek Het kwade denken (vertaling René van Veen) werkt ze deze intellectuele vorm van immoraliteit nader uit. Niemand ontsnapt daarbij aan haar gesel.

Lees verder hieronder of bij Athenaeum: Het kwaad van ons allemaal

Lees ook mijn column Over de twijfel, of: waar ik ’s nachts van wakker schrik, bij wijze van spreken, uitgesproken bij de uitreiking van de Jan Hanlo Essayprijzen 2017 in De Balie, 17 mei 2017, waarin Stangneth ook voorkomt. “Denken over het kwaad met Bettina Stangneth” verder lezen