Beste boeken 2012
30/12/12 13:00 Denk aan: Literatuur

Ik las dit jaar 40 boeken boeken, waarvan 5 grotendeels gelezen.
Mee bezig: de teller staat op 8, nadat een aantal terug zijn gebracht op Ongelezen of Niet uitgelezen. Waanzin.
Uiteindelijk heb ik een stuk minder boeken gelezen dan voorgaande jaren (2008, 2009, 2010, 2011). Dat heeft zo z'n redenen, ik ben aan een nieuwe baan begonnen waar ik veel losse dingen voor heb gelezen - boeken die ik voor het grootste gedeelte heb doorgewerkt zijn meegeteld.
Een andere reden: er zijn maar weinig boeken geweest die me zodanig hebben meegesleept dat ik ze als een hongerige wolf heb verslonden. Een matig boekenjaar dus, in mijn optiek.
Ik las vooral veel filosofie en essays, de uitgeverijen Lemniscaat en Boom zijn beter vertegenwoordigd dan de grote literaire jongens. Bijna de helft stamt uit 2012 - mijn conclusie: minder nieuwe boeken lezen en meer oude zal het leesgenot misschien weer doen verhogen.
Gemiddeld aantal sterren: 3,175. Wat inderdaad een zeer gemiddeld getal is.
Waarvan twee keer 1 ster (dat is nog nooit voorgekomen denk ik) (hier en hier vind je welke dat zijn).
En ook slechts twee keer 5 sterren (tekenend).
Voor wie zijn die vijf sterren dan?
Ten eerste Gary Cox - Word existentialist die me inspireerde tot een heus manifest.
En twee, een boek dat ik nota bene al gelezen had, jaren terug, en nu onderwerp was van de leesclub waar iedereen jaloers op mag zijn, Bier met Boeken: Vladimir Nabokovs Pnin.
Nu ik erover nadenk is Bier met Boeken misschien wel mijn beste 'boek' van het jaar.
Vooruit, er was natuurlijk meer moois. Hier dan:
André Aciman - Alibi's. Essays over elders. Een intellectueel genot, zeker ook om een recensie over te schrijven. (Zinnen als herinneringen)
J.M. Coetzee en Paul Auster - Een manier van vriendschap. Brieven 2008-2011. Ook dat recenseerde ik, voor Athenaeum: Een cadeau dat eigenlijk te mooi is voor de gelegenheid.
Dit was toch ook het jaar van mijn ontmoeting met Paul Auster, groot schrijver en groot mens. (Hier mijn verslag)
Susan Cain - Stil. Absolute eye-opener over wat het betekent om introvert te zijn. (Introvert en extravert, de kantoortuin en zure matten)
Lees vooral ook:
Oek de Jong - Pier en oceaan (Mystiek veroverd op het onverschillige geweld van de zee)
John Williams - Stoner (Literatuur, liefde, leren, leven: John Williams - Stoner)
Patrick Lapeyre - Het leven is kort en het verlangen oneindig (recensie en een rêverie over de verliefde man)
John Green - Een weeffout in onze sterren. Onlangs in één ruk uitgelezen, prachtig boek over ziekte, dood, liefde en vriendschap en zestien jaar oud zijn.
In een doorwaakte nacht las ik in enkele uren Imre Kertész - Liquidatie. Een heftige ervaring.
De filosofische tips:
Mark Vernon - Een beetje geluk met filosofie. Korte stukjes, maar vol diepgang en nergens maakt Vernon zich er makkelijk van af.
Michael Sandel - Rechtvaardigheid. Erg Amerikaans, maar niemand legt de categorische imperatief van Kant beter uit dan hij.
Bert Keizer - Waar blijft de ziel? Essay voor de Maand van de Filosofie.
Daar hoort ook bij gelezen te worden: Jan Bor - Wat is wijsheid?
(Nu nog mee bezig, dus mag eigenlijk niet: Paul van Tongeren - Leven is een kunst. Over morele ervaring, deugdethiek en levenskunst en op de valreep begonnen aan Karl Ove Knausgård - Vader, een boek dat aan me trekt en duwt en waar ik snel naar terug wil en tegelijk bang voor ben)
Zo bezien was het toch een mooi boekenjaar! Maar mijn wens voor volgend jaar is weer omvergeblazen worden. Is het niet door boeken uit 2013, dan zoek ik ze zelf wel in het verleden.
Comments
Beste muziek 2012
28/12/12 14:42 Denk aan: Muziek

Een EP op 1, maar ik draai hem met gemak vijf keer achter elkaar.
2. Django Django - Django Django
Om meerdere redenen gedenkwaardig op Motel Mozaïque
3. Ty Segall Band - Slaughterhouse
Ty, held.
4. Sharon van Etten - Tramp
Een zangeres naar mijn hart en dat is bijzonder
5. Dirty Projectors - Swing Lo Magellan
Omdat hier mijn meest gedraaide nummer op staat (Gun Has No Trigger)
In verdere willekeurige volgorde
Thee Oh Sees - Putrifiers II
Jack White - Blunderbuss
Jake Bugg - Jake Bugg
Mac DeMarco - 2
Dan Deacon - America
Disappears - Pre Language
Tyvek - On Triple Beams
The Revival Hour - Clusterchord EP
Moss - Ornaments
Balthazar - Rats
Gewoon, omdat ik altijd graag LCD Soundsystem in mijn lijstje zet (maar jammer genoeg nu echt voor het laatst), de afscheidsdocumentaire:
LCD Soundsystem - Shut Up And Play The Hits
Helaas, ik was een jaar te laat voor deze platen:
Mikal Cronin - Mikal Cronin (2011)
Adrian Younge Presents Venice Dawn - Something About April (2011)
Conan Moccasin - Forever Dolphin Love (2011)
Milagres - Glowing Mouth (2011)
Literatuur, liefde, leren, leven: John Williams - Stoner
23/12/12 15:38 Denk aan: Literatuur

Het is ook een roman óver literatuur, waarin dit bijzondere vermogen van literatuur om een middelmatig leven boven de middelmaat te verheffen gethematiseerd wordt, want dat is precies wat met Stoner gebeurt. De boerenzoon, voorbestemd tot een werkend leven op de akkers, gaat naar de universiteit voor een agrarische opleiding maar raakt al snel bevangen door de schone letteren. Zonder te begrijpen wat er met hem gebeurt ondergaat hij de betovering en laat die de gang van zijn hele verdere leven bepalen.
Dat klinkt al best memorabel. Al was het maar door dat spiegeleffect dat hierin zit, en dat Williams op haast alle thema's toepast. De weinig opzienbarende Stoner raakt onder invloed van de kracht van literatuur, hoe die het leven werkelijk tot leven kan brengen, ook al specialiseert hij zich in een weinig sexy onderwerp, iets met de late middeleeuwen en de invloed van Romeinse poëzie op de overgang naar de renaissance. Het boek van Williams over Stoner is zelf weer een voorbeeld van hoe met het woord een leven werkelijk tot leven wordt gebracht, haast nog meer tot leven dan Stoner ooit (in die fictieve wereld) lijkt te zijn geweest. Daar wordt hij geboren, werkt en sterft en niemand die er echt van opkijkt, ook hijzelf niet.
Dat is de intrieste stemming die in eerste blijft hangen tijdens en na het lezen: wie kijkt van dit leven op? Het is in alle opzichten mislukt, of laat ik zeggen: in geen enkel opzicht gelukt en dus ook gespeend van geluk. Het huwelijk: vanaf de wittebroodsweken een domper. De carrière: gefnuikt door een vete met een gehandicapte. Het kind: een bloem in de knop gebroken. De dood: roemloos.
He took a grim and ironic pleasure from the possibility that what little learning he had managed to acquire had led him to this knowledge: that in the long run all things, even the earning that let him know this, were futile and empty, and at last diminished into a nothingness they did not alter.
Het enige wat in het leven te leren valt is dat wat je leert in het leven nergens toe leidt. Er is maar één zekerheid: dat kennis eindigt in de zinloosheid van kennis. En die kennis heft haar eigen zinloosheid nooit op.
Maar er is toch meer aan de hand, zoals die haast magische werking van de literatuur. Terugdenkend blijven toch de passages - hoe kort ze ook zijn, in het verhaal en in Stoners levensloop - van uitzonderlijke krachtigheid hangen. Niet alleen van de Literatuur, maar ook van de Liefde, en van het Leraarschap. De kracht van die drie l'en overkomt je, maar je kunt hem niet vasthouden. Het gaat dan ook niet - concludeer ik weken na het uitlezen van Stoner - om de kennis, die zinloos is en alleen haar eigen zinloosheid weet te onderstrepen, maar om de ervaring. Die is toevallig, zoals liefde een toevallige samenkomst van twee mensen is en leraarschap die van een bevlogen meester en een leerling die zich openstelt, toevallig en tijdelijk. Maar het is die ervaring die van het leven een Leven maakt.
'Poor Daddy,' he heard Grace say, and he brought his attention back to where he was. 'Poor Daddy, things haven't been easy for you, have they?'
He thought for a moment and then he said, 'No. But I suppose I didn't want them to be.'
Ervaring is niet makkelijk en hoeft dat ook niet te zijn. Dat is iets waar ik al vaker over heb geschreven. Deze roman is hoort zeker thuis in die voortgaande zoektocht naar wat leven waardevol maakt, als het geluk niet altijd voor het oprapen ligt. Zie bijvoorbeeld Van de nood een deugd maken: Nietzsche, Finkielkraut, Voltaire, Gilbert en F.M. Dostojevski – De Grootinquisiteur, uit De broers Karamazov.
'Bezit' 'ik' 'mijn' 'leven'? Ofwel: ik vs. leven
15/12/12 09:23 Denk aan: Filosofie

2. Ik zocht terug in mijn eigen notitieboekje. Ja, daar was het, ergens in 2005 neergepend. Er is het ik, en het leven. Allebei van jou, maar soms kunnen ze als van twee verschillende personen lijken. Het leven speelt zich af ergens achter je rug, het ik ontsnapt aan je grip als een heliumballon. Terwijl je ze toch bezit, ze zijn je eigendom. Het gaat goed als je kunt zeggen: ‘Ik heb mijn leven in de hand.’ Maar waarschijnlijk valt het niet eens op als het zo is, op zulke momenten vallen leven en ik gewoon samen. In de literatuur – en in dagboeken – lezen we gewoonlijk vooral over de momenten dat het niet goed gaat, en de twee – ik en leven – mijlenver van elkaar verwijderd zijn.

4. Laat ik het nog problematischer maken. Alleen maar vertwijfelen over ‘ik’ en ‘mijn leven’ is nogal solipsistisch. Er is ook nog de buitenwereld. Wat als die je ook ontglipt? Als je ik en je leven ook nog afgesneden worden van de anderen? Pessoa in het Boek der rusteloosheid: ‘80. SMARTELIJK INTERVAL (...) Mijn leven is alsof men mij ermee sloeg.’ Mijn leven – mij – men. Wie is ‘men’? Is het ik werkelijk als een stoffig tapijt dat ervan langs krijgt met de mattenklopper van het leven? Of als de monnik die met een karwats aan zelfkastijding doet?

6. Dat er een ik is dat zijn leven in bezit heeft, is een bruikbare illusie die het mogelijk maakt over jezelf en je leven na te denken. Maar filosofie en wetenschap geloven al lang niet meer in het mannetje/vrouwtje in de stuurhut van de ‘vessel’ zoals Sontag het noemt. Filosoof Julian Baggini beschrijft ons standaard ik-beeld als een kern, een pit die van alles vasthoudt, als vrolijke handtasjes – één voor elke eigenschap – plus een backpack vol herinneringen. Het zelf in bezit van zijn leven. Klopt niet. Baggini streept de pit door en wat overblijft zijn de handtasjes, aan elkaar verknoopt in een netwerk als een rattenkoning. Het zelf is het netwerk. Je ik is decentraal, hoe gek dat ook klinkt. (Julian Baggini over het 'ware zelf' als netwerk)
7. En het leven? Van wie is het, als niemand het bezit? Wat blijft er over als we de pit wegstrepen? Nou, gebeurtenissen, toeval, het lot. Gebeurtenissen die zich even decentraal afspelen als de eigenschappen van je ik. Verbonden, op zijn best, door een netwerk van notitieboekjes.
Oek de Jong - Pier en oceaan. Mystiek veroverd op het onverschillige geweld van de zee
21/11/12 17:51 Denk aan: Literatuur

Pas op pagina 793 van Pier en oceaan van Oek de Jong zet ik een potloodstreep. Het boek is bijna uit en hier heb ik eindelijk het gevoel om tot een kern te zijn gekomen. Abel, die je hebt gevolgd vanaf zijn moeder, zwanger van hem, tot zijn laatste zomer thuis, inmiddels achttien, is hier tot een kern gekomen. Dit inzicht luidt de volwassenheid in - die beklemmende beperking van het leven en de ultieme vrijheid die ermee gepaard gaat. Pas als je beseft dat alles altijd hetzelfde zal zijn, is er ruimte om zelf iets te doen, dat is de paradoxale les van ouder worden, zelfstandig worden. Je kunt toevoegen dat niet alleen in een ander land het leven niet anders is, ook in een andere tijd was alles altijd al zoals het nog steeds is. Dat zie je aan Abel en zijn ouders - de verschillen zijn even groot als de (aan erfelijkheid en opvoeding te danken) overeenkomsten. Maar deze zinnen zeggen ook iets over de roman zoals je die nu leest. Abel is zelfs hetzelfde als ik. Of gaat de conclusie dat alles hetzelfde blijft toch niet helemaal op? De tijd die Oek de Jong beschrijft (het naoorlogse Nederland tot aan begin jaren zeventig) is nu toch echt voorbij. We zijn definitief een ander land binnengegaan, denk ik.
De wereld van Pier en oceaan (concreet: Dokkum en Goes) is de oude wereld, de stille wereld van voor mobiele telefoons, internet en commerciële tv. Een wereld als een lange, lange zondag. Ook voor niet-gelovigen is het zondagsgevoel herkenbaar. Niks mocht en alles kwam tot stilstand. Ik mocht alles, maar kon niks. Als ik in het weekend bij m'n vader was gingen we naar het museum. Verder las ik een boek en schreef gesprekken op tussen mijn vader, zijn vriendin en m'n zus. Omdat ik nooit zo snel kon schrijven als zij konden spreken, was het resultaat een onbegrijpelijke wirwar van zinnen. Hilarisch (echt). Dan een treinreis van Amsterdam naar Culemborg en de zondag was weer voorbij.
Die zondag bestaat niet meer, toch? Die kinderen bestaan niet meer. Het lezen van Pier en oceaan deed me realiseren dat ik oud ben. Ik voelde me opeens dichterbij Oek de Jong, geboren in 1952, staan dan bij mijn oudste studenten, geboren eind jaren tachtig. Of, godbetert, dichter bij Arie Storm, die in een lovende bespreking zowaar de herkenbaarheid prees (dat mag ik wel, dat Arie Storm een roman prijst om zijn herkenbaarheid).
Oek de Jong vertelt zelf in interviews (zoals in Vrij Nederland) dat hij een voorbij tijd wilde vastleggen. Een voorbije tijd en ook duidelijk een voorbij landschap - dat al verandert in de loop van de roman (denk: nieuwbouwwijk). De Jong is geïnspireerd geraakt door Marcel Proust, zegt hij, de reden waarom ik het boek ben gaan lezen. Ik zie geen echte verwantschap, ja, dit is een evocatie van een jeugd en de familiegeschiedenis die eraan voorafgaat - maar de manier van beschrijven is totaal anders: we zitten hier midden in de tijd van handeling, er is geen oudere verteller die terugkijkt. Geen ik bovendien, en waar uiteindelijk bij Proust de haast filosofische reflectie de bovenhand krijgt, lijkt het De Jong vooral te doen om zintuiglijke ervaringen. Van het lichaam, het landschap, meisjes, seks. Hier geen mijmeringen over De Tijd of Het Geheugen (waar Proust in heerscht), maar een vinger die door de korst van het schaamhaar in het zachte daarachter duwt (je ziet de jaren zeventig meteen voor je), zijdeachtig water op de naakte huid, voeten die in het slik wegzinken en zelfs een beschrijving van het onbeschrijflijke, die je toch meteen snapt, al komt die neer op 'het' dan wel 'het eeuwige' waar Abel steeds naar op zoek is.
Terugdenkend is dat toch wel prachtig, hoe kabbelend en weinig gevaarlijk de roman verder ook op mij overkwam: de beelden die Abel zijn hele jeugd vergezellen, soms een kwartslag draaiend, of letterlijk van gedaante veranderend. De jongen met een koffer lopend over een oprijlaan op weg naar huis, die later verandert in een jongen met een kauwtje op zijn schouder, zachtjes wegzinkend in een zwarte poel. Waar die beelden vandaan komen en wat ze betekenen mag je zelf bedenken, Oek de Jong gaat het je niet voorzeggen. Dat is mystiek, Hollandse mystiek. Net als de titel, die misschien wel het mooiste voorbeeld is van diezelfde mystiek, Pier en oceaan, mystiek veroverd op het onverschillige geweld van de zee.
Ik heb mezelf geloof ik net naar een waardering van vier sterren geschreven in plaats van de drie die ik had gegeven.
Gelegenheidsoptimist: Ode aan het zwart
18/11/12 10:39 Denk aan: Kunst

Onlangs zag ik van Armando een ander werk, met daarop een bosrand. (Ik stel het maar even zo droog, los van de beladenheid van het werk.) Een ander zwart, dat toch hetzelfde is. De bosrand markeert de grens naar een andere wereld, of nee, de bosrand ís die grens, een niet-op-zichzelf bestaand gebied, zoals de lijn tussen twee aangrenzende kleurvlakken niet bestaat. Als je de eerste boom voorbijgaat kom je in het land van de sprookjes. Als dat te aangenaam klinkt: de bosrand verbergt ook de wereld van Twin Peaks, het zwartste sprookje voor volwassenen. Maar je stapt die eerste bomenrij niet voorbij, want een bosrand is iets waar je van een afstand naar kijkt. Je probeert door te dringen in de duisternis. Onmogelijk. Zelfs op de helderste zomerdag kun je niet door het bos heen kijken. Waardoor je blijft kijken, enigszins verontrust en met kippenvel op je blote armen. De dreiging die van het zwart van de bosrand uitgaat is te groot, te onbekend. Ze vibreert van ontembare wildheid. Het zwart temmen, dat moet de volgende stap zijn.
Lees verder bij De Optimist: Gelegenheidsoptimist: Ode aan het zwart
Susan Sontag - Zoals de geest gebonden is aan het vlees
12/11/12 20:48 Denk aan: Literatuur

Het eerste deel, Herboren, besloeg de jaren 1947 tot 1963. Sontags zoon David Rieff noemt het in zijn voorwoord de ‘Bildungsroman’ van zijn moeder, bij gebrek aan echt autobiografisch werk. Dit tweede deel gaat verder van 1964 tot 1980 en is veel dikker, ruim vijfhonderd pagina’s. Het zijn de overvolle jaren, vol van succes en vol van misère, zoals de kanker waarvoor Sontag wordt behandeld en die eigenlijk alleen via notities voor Ziekte als metafoor in het vizier komt. In die zin kun je deze dagboeken juist helemaal geen autobiografie noemen. En ook nauwelijks een biografisch document, want de context van Sontags leven waarin we de notities moeten lezen is zeer summier gegeven.
Lees verder op Athenaeum: Grasduinen door Sontags geestesleven
F.M. Dostojevski – De Grootinquisiteur, uit De broers Karamazov
11/11/12 21:00 Denk aan: Literatuur

Sevilla, zestiende eeuw. Christus is teruggekeerd op aarde, verricht een wonder, wordt opgepakt en opgesloten door de inquisitie. De brandstapel wacht. In de nacht bezoekt de Grootinquisiteur zijn gevangene en legt hem uit hoe de wereld nu (dat wil zeggen, in de zestiende eeuw) in elkaar zit. De kerk heerst weliswaar in naam van Christus, maar dat is schijn. In werkelijkheid hanteren ze de principes van de duivel: ‘Geef de mens brood, beheers zijn geweten en heers over de wereld.’ Christus is haast een moderne held – hoewel we hem zelf niet horen en alleen leren kennen via de woorden van de Grootinquisiteur. De nadruk op vrijheid, kennis en individualiteit die aan Christus wordt toegeschreven, staat lijnrecht tegenover de gehoorzaamheid die de kerk eist, het dom houden van de mensen en het streven naar gemeenschappelijkheid (eigenlijk: world domination). Het maakt van deze Christus een voorloper van de twintigste-eeuwse, existentiële mens. Misschien kunnen we zeggen, een echt eind-negentiende-eeuws mens, de tijd waarin Dostojevski de parabel schreef. In de kern draait deze monoloog om de vrijheid. Hieronder enkele gedachten over vrijheid en behoefte, geluk en het zwijgen.
*
Wat is de betekenis van de vrijheid? Laat ik proberen de verschillende denkbewegingen in de tekst te ontrafelen. Christus staat voor het geloof in vrijheid, geloof belijden in vrijheid. ‘Ik wil jullie vrijmaken’ – dat is de ware vrijheid. De kerk van de Grootinquisiteur heeft de mensen deze vrijheid afgepakt en er een illusie van vrijheid voor in de plaats gezet. Hij beweert dat mensen de vrijheid helemaal niet aankunnen. In feite is dat de existentialistische formulering van ‘de last van de vrijheid’. De mens kan niet omgaan met vrijheid; zodra hij die heeft, zoekt hij naar manieren om ervan af te komen, ‘ergens voor te kunnen knielen’. Is de vrijheid echt zo beangstigend?
*
In de woorden van de inquisiteur herkennen we wel een psychologisch inzicht dat hout snijdt. Namelijk: in hoeverre kun je vrij zijn als je behoeftig bent, ‘brood’ nodig hebt. Wat voor betekenis kan vrijheid hebben als je honger hebt? De moderne, existentiële vrijheid is misschien wel een elitair probleem. Je zult eerst moeten zorgen voor je behoeftes voor je je met zoiets als vrijheid kunt bezighouden.
Omgekeerd leveren die behoeftes je ook een excuus om je niet met vrijheid – die last – bezig te hoeven houden. Is de moderne, ‘elitaire’ mens niet almaar bezig met het najagen van behoeftes – laat hij zich niet gewillig knechten door het consumentisme, zoals dat dan heet, om maar niet met die ware opgave van vrijheid geconfronteerd te worden? Waar gaat het najagen van je behoeftes over in onvrijheid? Het is een val waar iedereen in gevangen zit: je bent niet vrij als je niet zelfstandig in je eigen behoeftes kunt voorzien. Je moet wel een mate van vrijheid opgeven voor het materiële. Maar het is heel makkelijk je in het materiële te verliezen en steeds meer behoeftes voor jezelf te creëren die om vervulling vragen, zodat je maar niet over ‘dat andere’ hoeft na te denken.
*
De Grootinquisiteur zegt: vrijheid tast het geluk van de massa aan. Haast niemand kan omgaan met de last van de vrijheid – men gaat daaronder gebukt en wij leveren de mensheid een gunst door haar die last af te nemen, te ontlasten. Geluk is rust, deemoed, vrij zijn van zorgen. Hij stelt vervolgens dat dit betekent: alleen de zwakke gelukkig kan zijn. Het schokkende is dat de Grootinquisiteur regelrecht toegeeft dat hij aan bedrog en leugens doet om zo de macht te verkrijgen.
Is vrijheid een overschat goed, dat geluk in de weg staat? Willen wat je hebt, is wel als recept voor geluk gegeven, in plaats van willen wat je niet kunt krijgen. Dat houdt ook in dat je een deel van je vrijheid (in wensen, dromen en verlangen) moedwillig moet opgeven, om gemoedsrust en dankbaarheid ervoor in de plaats te krijgen. Het probleem ligt natuurlijk in de dwang van de Grootinquisiteur: hij houdt de mensen klein en zwak, onder het mom van zelfopoffering. Terwijl geluk toch ook te maken heeft met een besef van accomplishment: niet meer willen dan je hebt, maar dan wel wetende dat wat je hebt in elk geval deels uit jezelf is voortgekomen. Rust mag een belangrijk bestanddeel zijn, maar dan wel rust na activiteit, productie. Deemoed, ja, maar dan iets als reflectieve deemoed. Ik noteerde eens: Geluk = Rust (na actie) + Reflectie (in realisme). Dichterbij een definitie ben ik nog niet gekomen.
*
Het einde van de monoloog intrigeert. Christus heeft de hele woordenstroom lang niet geantwoord. In feite geeft hij gehoor aan het bevel van de inquisiteur, die begint met te zeggen: ‘Zwijg!’. Als de tirade – een soort anti-preek – voorbij is, staat Christus op en geeft zijn aanklager een kus. Dan gebiedt de Grootinquisiteur hem om te gaan. Wat betekent die kus? Waarom laat de Grootinquisiteur Christus gaan? Maar even goed: waarom gaat hij? Hij doet precies wat de Grootinquisiteur van hem eist. Sommige toeschouwers ergerden zich aan de passiviteit van Christus. Waarom zegt hij niets terug? Waarom oefent hij niet daadwerkelijk zijn vrijheid uit door zich te verdedigen? Die passiviteit stoort.
Het zwijgen is echter ook op te vatten als een protest, weliswaar onhoorbaar, maar niet minder actief. Door te zwijgen laat Christus zien (horen) hoe het niet dwingen van mensen eruit kan zien, geeft hij tegenwicht aan de luidruchtige, van woorden overladen, bevelende tirannie van de Grootinquisiteur. Christus illustreert in zijn stille, zwijgende, stilzwijgende houding wat vrijheid is. Die is oneindig groot, niet in te vullen, niet op voorhand vorm te geven. Zijn zwijgen wordt zo een spiegel voor de ziel. Of de Grootinquisiteur in bezit is van een ziel valt te betwijfelen. Hij veroordeelt Christus zonder blikken of blozen tot de brandstapel. Maar dan zijn laatste woorden – ga heen en keer nooit weer… die tonen aan dat hij is in elk geval in staat is bewogen te worden.
De grootinquisiteur. Over het geloof van de vrijheid. Gespeeld door Paul Cobben en Quinten Rutten, 3 november 2012, Eindhoven.
So, what is The New Aesthetic?
05/11/12 19:08 Denk aan: Kunst

It all started with James Bridle’s Tumblr, followed by a much-discussed essay by Bruce Sterling. Think of portraits made out of pixels (or sculptures even), #iseefaces, but also soundscapes constructed through algorithmic software. No wait, actually it started in the 60’s, as Darko Fritz showed. The first computer art was made; multidisciplinary artists used biology, artificial intelligence and well, art, to create a new vision of reality. Now this ‘computer art’ has exploded into the new aesthetic, boasting neon colour, freaky videos and retweets. How does the computer see the world? How does it recognize humans? Interpret patterns? And how do we in turn respond to that? Tijmen Schep called it ‘painting the black box colourful again’ (but also asking whether it would not be better to actually open it) – which resonated nicely with Frank Kloos proclaiming Malevich Black Square the first (and most radical) pixel painting ever.
Translation is a key word in the talks: for example, as David Berry shows, how do computers recognize humans? And what does that say about what it means to be human? How do the different ‘languages’ translate between human and machine, machine and human and machine-to-machine? Opinions differ as to which degree humans are already machines themselves. Are we caught in algorithms, tying us down like spider webs? Has ‘computationality’ already gone so far that we cannot escape or fight back? David Berry doesn’t agree, although his account of Google’s future plans heading at ‘augmented humanity’, not only predicting but also actually replacing our innermost thoughts, definitely hits my ‘creepy line’.
The positive thing about The New Aesthetic, whether it’s an art movement, design form or empty bucket, is that the work it produces makes this tension within the computated human world visible. The big goal for a long time has been precisely to make technology invisible, with the result that we don’t realize the state of computing we actually live in. Through glitch, distorted audio, memes, datamoshing, -bending et cetera this can be again foregrounded. Moreover, it can be done in a way that doesn’t just reach the closed-in academic world or the small group of online activists, but an enormous part of the online community. Actually, everyone online helps spread the word. Or image. Or sound.
The New Aesthetic seems a truly democratic art form, but maybe it is at the same time too grand an equalizer. Is it really OK to have an art work that’s taken days, weeks, maybe months to conceptualize and construct (next to the years of education preceding the creative moment) put up next to a funny meme rolling out of a meme generator in a few seconds, on a standard Tumblr? Isn’t that contradictive to the idea of creating some kind of consciousness of the algorithms controlling us? It’s good to see theory, art, design and debate come together. So, what is this New Aesthetic thing? Open the box and have a look.
Check the book New Aesthetic, New Anxieties, written during a Book Sprint at V2, Rotterdam. And visit the exhibition Coded Perception at SETUP (until November 18).
Seks en filosofie: Alain de Botton - Meer denken over seks
27/10/12 12:58 Denk aan: Filosofie

'Filosofie voor een ontspannen seksleven' staat er op de achterflap. Dat is belangrijk, omdat de vraag zich tijdens het lezen opdringt of je je niet hebt vergist met de veronderstelling een filosofisch werkje in handen te hebben. 'The School of Life' levert zelfhulpboeken nieuwe stijl, maar wél expliciet onder de noemer filosofie.
Lees verder op 8WEEKLY: Seks en filosofie. Filosofie en seks.
Film en filosofie: geen of/of
06/10/12 11:25 Denk aan: Film

‘Duivelse dilemma’s’ heet het filmproject van Human: verfilmingen van of/of-keuzes, met alle ruimte voor detail en persoonlijkheid. Op het Nederlands Film Festival gingen filmers en filosofen met elkaar in gesprek. Boeiend en leerzaam, zolang film en filosofie niet zelf óók in het keurslijf van ‘of/of’ worden geduwd.
Lees verder bij Filosofie Magazine: Film en filosofie, geen of/of
2x de categorische imperatief van Kant: niet liegen en niet martelen
30/09/12 11:11 Denk aan: Filosofie
Opnieuw leen ik wat materiaal van Michael Sandel, dit keer om beter te begrijpen wat die categorische imperatief van Immanuel Kant nu betekent en voor implicaties heeft. Twee filmpjes, die corresponderen met de twee bekendste formuleringen van de imperatief, zoals Kant die geeft in zijn Fundering voor de metafysica van de zeden (1785).
1. ‘Handel alleen volgens die maxime waardoor je tegelijkertijd kunt willen dat zij een algemene wet wordt.’
1. ‘Handel alleen volgens die maxime waardoor je tegelijkertijd kunt willen dat zij een algemene wet wordt.’
