Gedachtekunst: The Dodos

Over de Dodos schreef ik al eens een bakvissenstukkie. Afgelopen zaterdag stonden ze in de Melkweg en daar moest ik natuurlijk bij zijn. Deze keer verzonk ik niet in bakvissengedroom over de onbereikbare rock-'n-rollheld, maar heb ik de hele avond met een glimlach van oor tot oor staan genieten van een steengoed optreden. Ik had niet eens de tijd om een crush te ontwikkelen. Alleen een klein stukje gedachtekunst.

Op de Beschaving vorig jaar stond ik ongeveer een meter van de zanger / gitarist af, die op een kruk zat. (Deze keer zat hij gelukkig niet, maar ging hij soms zelfs springend het podium over, waarbij opviel dat zijn toch best lange haar geen centimeter bewoog. Wie weet komt het daardoor dat het bakvissengeneuzel uitbleef, eerder dan door mijn hoogstaande muziekbeleving.) Zijn handen, op ooghoogte en zo dichtbij dat ik de haren erop kon zien, fascineerden me - omdat ik nu eenmaal gefascineerd raak door handen en voeten en dus zeker door mannenhanden (mannenvoeten zie je niet zo vaak), ja, ik zelfs een sucker for men's hands genoemd kan worden. Handen in stilstand doen 't 'm al, laat staan de handen van een zeer getalenteerde gitarist die tokkelen, woest akkoorden aanslaan, zo snel dat je de beweging zelf niet meer ziet, als in een tekenfilm, die haren uit ogen vegen en aan stemknoppen draaien.

En daar was het weer: gedachtekunst. Als... stel... als ik kunstenaar was, dacht ik, dan nam ik die handen, handen waarover je geen roman kan schrijven, waar geen verhaal van te brouwen is, waar je dus kunst van moet maken. Maar hoe? Een filmopname? Ik ken niets vervelenders dan videokunst. Misschien een serie schetsen van de handen, die je dan in een boekje langs je duim laat gaan, zodat je de beweging ziet, net als in een tekenfilm. Of dan toch een vertraagd afgespeelde film, waar de gitaar uit verdwenen is, je ziet alleen de handen op en neer gaan, met alle kracht (maar zonder druk) een afwezige hals omvatten (bijna zie je op die plek een andere hals opdoemen, met aderen op de plek van snaren). Heel zacht hoor je de vervormde, vertraagde muziek. Onheilspellend. Tot de film opeens versnelt, vanuit de achtergrond de muziek steeds luider klinkt en op de juiste snelheid komt, een hals opdoemt, nu echt, niet de hals van een vrouw met strengen haar erlangs, maar van de gitaar, met strakgespannen snaren. En dan freeze het beeld staat stil, het licht fel en wit, de gitaar verdwenen, de muziek gestopt. De camera zoomt in op de handen, die een ingewikkeld akkoord in de lucht grijpen en een plectrum tussen de vingers fijnknijpen. Je ziet de haartjes zitten.

Om het publiek te pleasen stopt de film hier niet, maar zet het zich weer in beweging, de muziek erbij, de handen, armen, borstkas, benen, hoofd met vettig haar en het gezicht van de rock-'n-rollheld, de hele band erbij, de zaal, publiek, applaus, gejuich.

Bookmark and Share

_________________________________________________________________________________

Gerelateerde artikelen:
blog comments powered by Disqus