Hidde Maas, das duik
14/06/09 13:44 Denk aan: Literatuur

Leuk aan het boekje is dat het je ook aan het denken zet over je eigen taalgebruik en welke idiosyncratische neigingen je bij jezelf hoort. Daarom hier een kleine greep uit de taalschat van het Miriams.
Toen ik klein was kon ik met mijn vader altijd zo hard lachen om de simpelste woordverhaspelingen. Klassieker is nog steeds de 'huidfragel'. (Bedenk zelf maar wat dat zijn moet.) Wil je me aan het lachen krijgen? Huidfragel.
Als het warm is, zeg ik niet 'wat is het warm hè' maar waad-n-hidde. En dan denk ik altijd aan Hidde Maas, van wie ik niet meer weet hoe hij eruit ziet.
Jaren geleden werkte ik in een boekwinkel en riep ik naar mijn collega: 'Kopje kofje?' Hij keek me aan alsof ik gek was. Een teken dat ik me er helemaal thuis voelde.
Alle stelletjes hebben koosnaampjes voor elkaar. Alle stelletjes zeggen vast een keer tegen elkaar: 'Schatje patatje.' Bij mij is dit een keer zozeer een eigen leven gaan leiden, dat ik zelfs bij mijn schoonouders werd aangesproken met Patat. Daarna duurde het niet lang meer of we noemden elkaar helemaal niets meer.
Het koosnaampje dat nu opgang doet, verklap ik niet.
Iets waarvan ik denk dat veel mensen het zeggen, maar wat ik toch nooit hoor is 'murkwaardig', met rollende r. Herkent iemand dit?
Mét J-P Balkenende mag ik graag een gesprek concluderen: 'Das duik.'
Taal hield me de laatste dagen ook op andere manieren bezig. Door het nieuwe boek van Tommy Wieringa bijvoorbeeld - Caesarion - dat me laat zien hoe ik zelf niet wil schrijven en me daardoor op een spoor zet naar het formuleren van een eigen stijl. Of doordat ik zomaar een prachtige term cadeau kreeg: semantic fatigue. En een schitterende uitdrukking: Il mange la vie. Maar daar zal ik het een andere keer over moeten hebben.
_________________________________________________________________________________
Gerelateerde artikelen:
- Glasvezelkabelinbaalstechniek Een mooi woord
blog comments powered by Disqus