Hoe een zin te schrijven: Stanley Fish en Dostojevski's Duivels
11/01/12 17:59 Denk aan: Literatuur


Deze zin komt uit Duivels van Dostojevski en is in al zijn eenvoud fantastisch. Sinds ik het boekje How To Write A Sentence And How To Read One van Stanley Fish las, valt mijn oog vaker op dit soort juweeltjes. Fish is een zinnen-aficionado, en dit boekje zijn evangelie. Eerste zinnen, laatste zinnen, gewoon mooie zinnen: hij probeert ze te begrijpen én te schrijven. Hoewel het verre van volledig is, staan er een aantal mooie overdenkingen in. Wat maakt een zin tot een goede zin? Ik las het boekje naast Duivels, dus hierbij mijn eigen overdenkingen, aan de hand van de roman van de meester.
1. Onvergetelijk goede zinnen zijn als een steen, gegooid uit onverwachte hoek. (Ik zou zeggen: als een katapult afgeschoten vanuit het struikgewas.) Een goede zin maakt steeds meer tempo om uiteindelijk hard aan te komen, bam! in je hoofd. De zin is een wereld op zichzelf, hard en af. De zin hierboven ('Zichzelf blijven is het slimst - dat gelooft immers niemand.') is een goed voorbeeld. Hij begint met een haast clichématige constatering, gekeuvel, om na de gedachtestreep een eigenzinnig wereldbeeld je hoofd binnen te katapulteren. Een wereldbeeld dat het keuvelende cliché op z'n kop zet. In vier woorden.
Of neem deze:
'Als ik op dat moment gedroomd had, zou ik het nog niet hebben geloofd.'
Dit lijkt een paradox. Meestal geloof je iets juist als je zeker weet dat je het met je eigen, wakkere ogen hebt gezien. Wat de spreker ziet is zó ongeloofwaardig dat het uit een droom lijkt te komen. Het is echter nog ongeloofwaardiger dan alle waanbeelden die een droom kan fabriceren. Of vertolkt dit misschien een diepere waarheid? Moet je alleen geloven in dat wat je droomt? De persoon die deze zin uitspreekt is alleen al door deze zin een individu, omringd door zijn eigen werkelijkheid. Duizelingwekkend, zoals de werkelijkheid bij Dostojevski zich wel vaker voordoet.
2. Zinnen kunnen 'naar voren leunen', lean forward. Dan zijn ze geen in zichzelf besloten, harde en affe wereld, maar dragen ze eerder de belofte van die wereld, die zich zal ontvouwen na de punt. Fish bespreekt zulke naar voren leunende zinnen in een hoofdstuk over eerste zinnen van romans. Wat mij betreft kunnen dat soort 'eerste zinnen' zich in het hele verloop van een boek kunnen voordoen, bij elke nieuwe plotontwikkeling.
Bijvoorbeeld, opnieuw in alle eenvoud:
'Toch gebeurde er in dit geval iets anders, iets raadselachtigs.'
Een heerlijk Dostojevskiaanse, negentiende-eeuwse zin. Er gebeurt iets. Wat gebeurt er? Niet dat ene wat je zou verwachten. Nee, iets anders. De zin roteert om het woord 'anders'. Dat slaat op 'de andere van een aantal mogelijkheden'. Maar wat er gebeurt is ook anders, buiten het gewone vallend. Iets raadselachtigs, iets wat zich opent, iets wat vragen oproept, iets complex, iets anders. Er voltrekt zich een intrige.
3. Fish heeft ook een eenvoudige tip om zelf zulke zinnen te leren schrijven. Analyseer de zin - allereerst op de schoolse manier van grammaticale zinsontleding, vervolgens inhoudelijk (vormen de woorden een paradox? een tegenstelling? hoe volgt de informatie van de ene bijzin op de andere?). En imiteer. Hij geeft vele voorbeelden van eigen imitaties, in het volle besef dat hij met zijn imitaties de meesters niet overtreft. Vooral bij aforistische zinnen werkt het imiteren. Durf ik dat aan?
Men neme een Dostojevskiaans aforisme:
'Mijn uitgangspunt is onbeperkte vrijheid, mijn conclusie onbeperkte dictatuur.'
De structuur is duidelijk:
Mijn uitgangspunt is [bijvoeglijk naamwoord A] [zelfstandig naamwoord B], mijn conclusie [bijvoeglijk naamwoord A] [zelfstandig naamwoord -B].
Bedenk dan waar je iets over wilt zeggen. Bijvoorbeeld over liefde. Welke haast filosofische concepten staan in het denken over liefde als B en -B tegenover elkaar? Laten we zeggen: de Ene, romantische liefde, en de toevallige aantrekkingskracht van velen. Welk bijvoeglijk naamwoord is op beide van toepassing? Laten we zeggen: eeuwig. Of hartverscheurend. Of voorbestemd. Voeg ten slotte alles bij elkaar.
'Mijn uitgangspunt is eeuwige liefde, mijn conclusie eeuwige aantrekkingskracht.'
Of:
'Mijn uitgangspunt is hartverscheurende romantiek, mijn conclusie hartverscheurende seks.'
Of:
'Mijn uitgangspunt is de voorbestemde Ene, mijn conclusie het voorbestemde toeval.'
Stanley Fish, How To Write A Sentence And How To Read One. HarperCollins Publishers, 2011
Meer over Duivels dat eerder Boze geesten heette: Waarom ik zo van Dostojevski houd
Meer over liefde hier.
Comments
Over Bas Heijne op Humanistisch Verbond
24/05/11 07:41 Denk aan: Filosofie

Lees verder over Moeten wij van elkaar houden van Bas Heijne op de website van het Humanistisch Verbond: De eigen opvatting en emotie als standaard
Klassieker: Dostojevski - Aantekeningen uit het ondergrondse
23/04/11 12:24 Denk aan: Literatuur

Lees verder op 8WEEKLY over vrije wil en determinisme, zelfhaat en haat voor de ander, kortom: Op de bodem van het menselijk bestaan.
De prijs van de vrijheid na de dood van God
12/04/11 17:59 Denk aan: Filosofie

Moderne vrijheid
Waar komt dat moderne vrijheidsbegrip vandaan? Prof. Maarten van Buuren opende met een inleiding op de geschiedenis van de moderne vrijheid. Nietzsche verklaarde God dood en maakte daarmee een einde aan de richtinggevende instantie in het leven. De mens verwierf daarmee een enorme vrijheid om zijn eigen richting te kunnen volgen – maar hij verloor orde en duidelijkheid. Vrijgemaakt van onderdrukking, wordt de mens geconfronteerd met de vraag waartoe hij vrij is. ‘De prijs van de vrijheid is de prijs die we hebben moeten betalen voor de moord op God,’ aldus Van Buuren.
Vervolgens stelde Dostojevski de volgende vraag: als God dood is, is dan alles toegestaan? Hoeveel vrijheid kan een mens eigenlijk aan? Zal niet iedereen elkaar uitroeien – de mens is de mens een wolf, toch? Sartre ging nog een stap verder. Als God dood is, is alles contingent. De wereld, de mens, ons leven: alles is toevallig en zonder noodzaak. Daar kun je op twee manieren op reageren: jezelf wijsmaken dat er tóch een richtinggevende instantie is. Of de absolute vrijheid op je nemen en je leven als een project zelf ontwerpen. In de levenskunst zal de een echter beter slagen dan de ander. En zo komt Van Buuren uit bij Michel Houellebecq, die laat zien dat grotere vrijheid gelijk opgaat met grotere ongelijkheid.
Postseculiere orde
Het grote streven van de westerse mens, gaat prof. Joep Dohmen verder, is niettemin het leiden van een eigen leven. De vraag hoe dat moet is actueler dan ooit, nu de modernisering die ten tijde van Nietzsche en Dostojevski werd ingezet, volledig is gerealiseerd. We leven in een postseculiere orde, die radicaal verschilt van een halve eeuw geleden, toen Dohmen en Van Buuren opgroeiden. We moeten nu onze eigen levensstijl ontwikkelen, we ontkomen er niet aan. Joep Dohmen wijst op het belang van de context als het gaat om levenskunst. Aan de hand van Michel Foucault, Peter Bieri en Charles Taylor legt hij uit dat vrijheid altijd gesitueerd is.
Foucault wijst er bijvoorbeeld op dat identiteit beïnvloed wordt door veel verschillende factoren. Toch is hij geen determinist, we zijn niet helemaal overgeleverd aan onze genen, ons brein of onze omgeving. De vraag is dan waar de marge ligt van de vrijheid. Niet alleen werken externe factoren in op wie we zijn, ook zijn we zelf altijd ingebed in een gemeenschap. Leven doe je met anderen. Zoals Taylor zegt gaat het om een driehoek van jezelf, de ander en de omgeving. Daarbinnen ontvouwt zich je leven, en de waarde van je keuzes hangt samen met de wereld waar je in staat. Het kan niet zo zijn dat elk individu maar kiest wat hij wil, zonder dat je nog van waarde kunt spreken. Precies in die gerichtheid op de samenleving ziet Dohmen antwoorden voor de actuele vraag hoe we met vrijheid om moeten gaan.
De rol van de wetenschap
Hoe moet dat dan? Kan de wetenschap daar ook nog een rol in spelen? Dohmen en Van Buuren, beiden hoogleraar, blijken nogal sceptisch over de wetenschap. Volgens Dohmen moeten we oppassen voor een al te wetenschappelijke samenleving, de ‘expertsamenleving’. De wetenschap kan niet vertellen hoe je moet handelen, hoe je leven te leiden. Daarmee gaan zij in tegen de heersende tendens om wetenschap juist als basis te zien van de staatsinrichting, economie, moraal, tot individueel handelen en oordelen aan toe. Denk maar aan de liefde die wordt gereduceerd tot hormonale oprispingen of de rechtspraak die steeds meer laat afhangen van de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek – psychisch, forensisch of juridisch.
Joep Dohmen stelt dat we op zoek moeten naar een gedeeld hypergood om de samenleving (weer) op orde te krijgen en met de uitdagingen van de toekomst – wetenschap, technologie, duurzaamheid – om te kunnen gaan. Hij is optimistisch: het zal hard werken zijn, maar dat hypergood moet te vinden zijn. Niet door wetenschap, maar door filosofie. Maarten van Buuren ziet de ontdekking van zo'n hypergood nog niet gebeuren. Maar ook hij ziet geen heil in wetenschap. Wat zegt die over mij? Niets, de wetenschap kan mij niet vertellen wat ik moet kiezen of doen. Zij heeft pas belang nadat die fundamentele levensvragen beantwoord, of ten minste onderzocht zijn.
Zo lijken Van Buuren en Dohmen toch terug te zijn bij hun oorspronkelijke tegenstelling van zwartkijker en optimist. In elk geval geloven ze beiden in de kracht van de literatuur en filosofie. En er wordt vanavond harder gelachen dan ooit tevoren in het Academiegebouw.
Verder kijken en lezen
De lezing van gisteren is hier terug te zien. De serie Levenskunst liep in 2009-2010 en is ook online terug te zien. In september 2011 start het vervolg op deze serie bij Studium Generale. Lees op dit blog ook 10 schrijvers en denkers over levenskunst.
[Verschenen op het Studium Generale nieuwsblog]
Waarom ik zo van Dostojevski houd
06/12/10 21:00 Denk aan: Literatuur

De ambtenaar met een nietszeggend baantje op het Russische platteland werkt 'met administratieve wellust'. Het is een gewemel van kleurloze types, 'die op hun veertigste opeens uitgroeien tot personages'. Waarop je alleen nog kunt uitroepen: 'Ik verzeker u, dat ik met mijn neus in een intrige ben gevallen.'
Daar smul ik van. Vooruit, de ietwat oubollige vertaling die al meer dan een halve eeuw meegaat, is daar mede debet aan. Maakt het uit? Het is precies die oubolligheid, de kneuterigheid van de notabelen met hun drankneus, de revolutionaire jongeling met zijn bleke, maar buitengewoon knappe gezicht, het bleue meisje dat oppervlakkig ademt - die de onvermijdelijke ondergang zo hartverscheurend en zelfs beangstigend maakt. Want die ondergang zit natuurlijk besloten in de wellust, al is ze administratief, in het uitgroeien tot personage en het vallen in een intrige.
De wellust wordt een kwelling en de drankneus een delirium.
Maar niet iedereen gaat ten onder. Sommigen, misschien zelfs de meesten, blijven hun kneuterige zelf. Zoals in De idioot, wanneer de notabelen en jongedames zich na de hardop voorgelezen afscheidsbrief van een revolutionaire jongeling met ziekelijk gelaat, eens goed uitrekken en gapend de zonsopgang bekijken. Vreselijk. Ook al is die jongeling op zichzelf een kwelling en een delirium. (Zie De biecht van Ippolit.)
Het heeft ook iets troostrijks. Als ik op kantoor tussen de ambtenaren mijn taken verricht, denk ik graag even aan die administratieve wellust. En als ik de chaos van het leven overzie, bedenk ik dat ik ben uitgegroeid tot personage, en dat lang voor mijn veertigste. Met mijn neus in een intrige gevallen, dat klinkt goed. Onvermijdelijk. Dramatisch, kunstzinnig, romantisch. Een wending, een clou, catharsis aan de einder.
Dostojevski geeft mij misschien wel de stem om een verhaal te vertellen, zoals Sennett schreef. Het is niet mijn eigen stem, maar maakt dat uit? Het is wel mijn verhaal.
Objectieve gevolgen van subjectieve interpretaties
21/07/10 10:06 Denk aan: Filosofie

Een bekende sociologische uitspraak zegt: 'If men define situations as real, they are real in their consequences.' De situatie of context is op zichzelf niet een 'werkelijkheid'. En de manier waarop je de situatie ziet en interpreteert ook niet. Elk mens doet dat op zijn eigen, individuele manier. Maar je handelt wel naar die interpretatie en dat handelen is wél reëel. De niet-reële interpretatie heeft dus reële gevolgen. Om terug te komen op de herinneringen: ook al zijn ze niet echt, ze kunnen heel reële gevolgen hebben.
Ik kwam de uitspraak tegen in De ogen van de ander van Christien Brinkgreve. (Ondertitel: De sociale bronnen van zelfkennis.) Het is een sociaal-wetenschappelijk werk en geen filosofische exercitie, waardoor het me een beetje tegenviel. Maar het citaat hierboven had ik niet willen missen. De uitspraak staat bekend als het Thomas-theorema van W.I. Thomas (Brinkgreve schrijft W.F. Thomas), en stamt uit 1928. Het is een kernachtige formulering van de ondeelbaarheid van het echte en onechte.
De bekendste voorbeelden van het theorema hebben met economie te maken. Op Wikipedia is een grappig voorbeeld te vinden. 'The 1973 oil crisis resulted in the so-called "toilet paper panic." The rumour of an expected shortage of toilet paper - resulting from a decline in the importation of oil - caused people to stockpile supplies of toilet paper and this caused a shortage. This shortage, seeming to validate the rumour, is also an example of a self-fulfilling prophecy.'
De stelling is ook toe te passen op dagelijks leven, op wie je bent. Zoals bij herinneringen: de herinnering mag dan gebrekkig zijn of gebaseerd op een fictie, ze stuurt de keuzes die je maakt. Dat is niet erg, maar wel iets om je bewust van te zijn. Jouw interpretatie van de werkelijkheid is op zichzelf niet objectief, maar heeft wel 'objectieve' gevolgen. Dat is de eerste stap naar zelfrelativering en reflectie. En open communicatie met anderen. Brinkgreve: 'Als mensen van zichzelf en elkaar zien hoe hun cognities [dus hun definitie van een bepaalde situatie] over en weer zijn en hoe deze kunnen verschillen, kan dat schelen in misverstand en miscommunicatie, in vele arena's van het bestaan.'
Alles is perceptie, heet het ook wel eens. Ik ben echter geen aanhanger van het solipsisme, dat alleen wil uitgaan van wat bestaat in de waarneming en het bewustzijn van een individu. Juist de reële gevolgen van die waarneming en dat bewustzijn maken het leven interessant. In Chemische reacties schreef ik, naar aanleiding van het cliché dat een boek je leven kan veranderen: 'Een niet-bestaande wereld komt binnen in de mens, gaat een chemische reactie aan met alles wat in dat mens leeft aan opvattingen, herinneringen, wensen, dromen, en komt vervolgens weer naar buiten in handelingen, uitspraken, beslissingen - kortom een materieel veranderde wereld.'
Brinkgreve stipt ook kort aan dat dit een thema is in zowel wetenschap als literatuur. Op de literatuur gaat ze verder niet in. Terwijl dit nu juist is wat literatuur vermag: verhalen laten zien hoe een individuele interpretatie van een situatie die situatie verandert (liefst uit de hand laat lopen, anders is het niet boeiend). Is dat niet wat in tragedies gebeurt? Of in de romans van Thomas Rosenboom en Dostojevski? Dat zijn natuurlijk - fictieve - extremen. Maar let er eens op in je eigen leven: welke definitie plak jij op een situatie, en welke reële gevolgen heeft die definitie dan? En welke definitie geven anderen van hetzelfde?
10 schrijvers en denkers over Levenskunst
16/06/10 12:02 Denk aan: Filosofie
1. Schrijven is een vorm van zelfonderzoek. Door je gedachten te ordenen en onder woorden te brengen, vergaar je zelfkennis. Zelfkennis is een voorwaarde voor een goed leven: je leert omgaan met de veranderlijke aard van het leven. Schrijven biedt daarbij een houvast, maar ook de mogelijkheid om op onderzoek uit te gaan en ideeën uit te proberen. Had Montaigne nu geleefd, dan had hij vast een weblog gehad.
Michel de Montaigne: De melancholie van de wijsheid
2. Lezen is een vorm van zelfonderzoek. Filosofische of literaire teksten, zoals de maximes van La Rochefoucauld, confronteren de lezer met zijn waarden, door een andere (interpretatie van de) werkelijkheid voor te spiegelen. Soms is die confrontatie zo heftig dat je liever niet verder leest. Maar juist dan is het zaak om zo eerlijk mogelijk jezelf in de ogen te zien. La Rochefoucauld: Authenticiteit en eigenbelang – het lastige evenwicht van de honnête homme
3. Schep je eigen waarden, los van de groep. Mensen zoeken aansluiting bij groepen en ideologieën, omdat ze onzeker zijn en beschermd willen worden. Maar dat werkt je eigenlijk alleen maar tegen. Er is geen set van gegeven waarden die absoluut is en waar je je aan moet conformeren. Levenskunst gaat om het zoeken en scheppen van je eigen waarden. Friedrich Nietzsche: ‘De dood van God’ maakt de weg vrij voor een authentieke levenskunst
4. Er zijn geen antwoorden, alleen standpunten. Als God dood is, is dan alles geoorloofd? Misschien, misschien ook niet. De literatuur kan beide antwoorden in hetzelfde werk geven, zoals in de grote romans van Dostojevski. Hij toont meerdere theorieën en gezichtspunten zonder een oordeel te vellen. Het is aan de lezer om de polyfone perspectieven te onderzoeken en tegen elkaar af te wegen en zijn eigen standpunt in te nemen. Fjodor Dostojevski: Mensen zijn dom en slecht
5. Levenskunst is zorg voor jezelf. Het doel van levenskunst is vrijheid. Datgene wat de vrijheid om je leven vorm te geven zoals je wilt in de weg zit, verdient de meeste zorg. Je leeft en zorgt altijd in een context en de vrijheid daarin is altijd beperkt. Zorg voor jezelf brengt daardoor automatisch zorg voor de ander met zich mee. Michel Foucault: Het leven een kunstwerk
6. Ook loslaten is deel van levenskunst. In de mystieke ervaring of roes verlies je je kenmerkende eigenschappen en val je buiten de heersende moraal. Het is belangrijk om de mystieke ervaring niet meteen op te vullen met allerlei gegevenheden, maar te onderzoeken. Hoe stevig sta je in je schoenen, als de grond onder je voeten verdwijnt? Robert Musil: Mystiek zonder God
7. Authenticiteit kan niet zonder het gemeenschappelijke. De bron van een authentieke levenshouding ligt in het individu, maar krijgt pas echt gestalte in relatie tot de ander. Dialoog en het onderzoeken van gedeelde waarden zijn essentieel in het vormgeven van je eigen leven. Charles Taylor: ‘sociale authenticiteit’
8. De mens is absoluut vrij en absoluut alleen. Er zijn een paar gegevenheden in het leven, zoals je geslacht en je afkomst, maar er is geen doel of opdracht. Door keuzes te maken en je bewust te zijn van je verhouding tot de buitenwereld, schep je het project van je eigen leven. Pas in de praktijk van het existeren, ontstaat er zoiets als een essentie of basis. Jean-Paul Sartre en het existentialisme
9. Cognitieve afwegingen leiden tot goede keuzes. Er zijn altijd meerdere opties als je voor een beslissing gesteld staat. Die verschillende opties kun je onderzoeken, rationeel en emotioneel en met gebruik van je voorstellingsvermogen. Dan zal je wil de juiste keuze maken en daarvoor gaan. De toekomst staat niet vast; je hebt de macht haar met je vrije wil te veranderen. Peter Bieri / Pascal Mercier: Levenskunst als denkproces
10. Middenin de pijn staan en hard stampen. Via onderzoek naar je meest pijnlijke en duistere ervaringen, kom je tot de kern van wat het betekent om mens te zijn en jezelf te zijn. Hoe doe je dat? Door veel te lezen en door te schrijven. Want, zo leerde Montaigne al: schrijven is een vorm van zelfonderzoek. Michel Houellebecq: alleen in boeken jezelf kunnen zijn
Kijk de volledige lezingen over deze schrijvers en denkers terug via de website van Studium Generale.

_________________________________________________________________________________
Gerelateerde artikelen:
2. Lezen is een vorm van zelfonderzoek. Filosofische of literaire teksten, zoals de maximes van La Rochefoucauld, confronteren de lezer met zijn waarden, door een andere (interpretatie van de) werkelijkheid voor te spiegelen. Soms is die confrontatie zo heftig dat je liever niet verder leest. Maar juist dan is het zaak om zo eerlijk mogelijk jezelf in de ogen te zien. La Rochefoucauld: Authenticiteit en eigenbelang – het lastige evenwicht van de honnête homme
3. Schep je eigen waarden, los van de groep. Mensen zoeken aansluiting bij groepen en ideologieën, omdat ze onzeker zijn en beschermd willen worden. Maar dat werkt je eigenlijk alleen maar tegen. Er is geen set van gegeven waarden die absoluut is en waar je je aan moet conformeren. Levenskunst gaat om het zoeken en scheppen van je eigen waarden. Friedrich Nietzsche: ‘De dood van God’ maakt de weg vrij voor een authentieke levenskunst
4. Er zijn geen antwoorden, alleen standpunten. Als God dood is, is dan alles geoorloofd? Misschien, misschien ook niet. De literatuur kan beide antwoorden in hetzelfde werk geven, zoals in de grote romans van Dostojevski. Hij toont meerdere theorieën en gezichtspunten zonder een oordeel te vellen. Het is aan de lezer om de polyfone perspectieven te onderzoeken en tegen elkaar af te wegen en zijn eigen standpunt in te nemen. Fjodor Dostojevski: Mensen zijn dom en slecht
5. Levenskunst is zorg voor jezelf. Het doel van levenskunst is vrijheid. Datgene wat de vrijheid om je leven vorm te geven zoals je wilt in de weg zit, verdient de meeste zorg. Je leeft en zorgt altijd in een context en de vrijheid daarin is altijd beperkt. Zorg voor jezelf brengt daardoor automatisch zorg voor de ander met zich mee. Michel Foucault: Het leven een kunstwerk
6. Ook loslaten is deel van levenskunst. In de mystieke ervaring of roes verlies je je kenmerkende eigenschappen en val je buiten de heersende moraal. Het is belangrijk om de mystieke ervaring niet meteen op te vullen met allerlei gegevenheden, maar te onderzoeken. Hoe stevig sta je in je schoenen, als de grond onder je voeten verdwijnt? Robert Musil: Mystiek zonder God
7. Authenticiteit kan niet zonder het gemeenschappelijke. De bron van een authentieke levenshouding ligt in het individu, maar krijgt pas echt gestalte in relatie tot de ander. Dialoog en het onderzoeken van gedeelde waarden zijn essentieel in het vormgeven van je eigen leven. Charles Taylor: ‘sociale authenticiteit’
8. De mens is absoluut vrij en absoluut alleen. Er zijn een paar gegevenheden in het leven, zoals je geslacht en je afkomst, maar er is geen doel of opdracht. Door keuzes te maken en je bewust te zijn van je verhouding tot de buitenwereld, schep je het project van je eigen leven. Pas in de praktijk van het existeren, ontstaat er zoiets als een essentie of basis. Jean-Paul Sartre en het existentialisme
9. Cognitieve afwegingen leiden tot goede keuzes. Er zijn altijd meerdere opties als je voor een beslissing gesteld staat. Die verschillende opties kun je onderzoeken, rationeel en emotioneel en met gebruik van je voorstellingsvermogen. Dan zal je wil de juiste keuze maken en daarvoor gaan. De toekomst staat niet vast; je hebt de macht haar met je vrije wil te veranderen. Peter Bieri / Pascal Mercier: Levenskunst als denkproces
10. Middenin de pijn staan en hard stampen. Via onderzoek naar je meest pijnlijke en duistere ervaringen, kom je tot de kern van wat het betekent om mens te zijn en jezelf te zijn. Hoe doe je dat? Door veel te lezen en door te schrijven. Want, zo leerde Montaigne al: schrijven is een vorm van zelfonderzoek. Michel Houellebecq: alleen in boeken jezelf kunnen zijn
Kijk de volledige lezingen over deze schrijvers en denkers terug via de website van Studium Generale.
_________________________________________________________________________________
Gerelateerde artikelen:
Dostojevski en data
08/12/09 08:15 Denk aan: Leven
8 december. Vorig jaar schreef ik over de verjaardag van mijn vader, die sinds zes jaar steeds verwijst naar de laatste verjaardag Data I. Vanavond presenteer ik de allerlaatste lezing van het najaarsseizoen bij SG, over Fjodor Dostojevski. Toen mijn vader ziek was, in de maanden tussen 8 december en 10 maart (Data II) las ik De gebroeders Karamazov. Dostojevski is daarom op de een of andere manier verbonden met die tijd. Hoe Dostojevski appeleert aan het morel gevoel - het thema van vanavond - heb ik meerdere malen proberen te beschrijven (Epifanie en epilepsie, Laatste ogenblikken van een terdoodveroordeelde, De biecht van Ippolit). Deze dag is een combinatie van al deze stukken. Lees verder
De biecht van Ippolit
21/06/09 13:32 Denk aan: Literatuur

Al heel lang wilde ik iets schrijven over de biecht van Ippolit, uit Dostojevski’s De Idioot. Tot nu toe heb ik alleen maar omtrekkende bewegingen gemaakt. De epilepsie van prins Mysjkin kwam ter sprake, evenals de waanzin van de doodstraf die Mysjkin van dichtbij heeft meegemaakt, wat hem met Dostojevski doet samenvallen. En ik schreef over verraad, het ergste wat er is - juist omdat je eraan bent overgeleverd. Al deze dingen komen samen in de biecht van Ippolit, een lang, bizar, verschrikkelijk, ontroerend, razernij opwekkend ’hoofdstuk’ uit De Idioot. Lees verder
Laatste ogenblikken van een terdoodveroordeelde
08/05/09 21:27 Denk aan: Literatuur

Epifanie en epilepsie
10/08/08 17:31 Denk aan: Filosofie
