Zelfportret via datavisualisatie
21/01/12 16:39 Denk aan: Internet

Het is interessant om te zien hoeveel informatie er met een paar simpele tooltjes uit een online profiel te halen is. Niet alleen van jezelf, maar ook van je vrienden. Als je dat op je scherm ziet verschijnen, in honderden regels onder elkaar, word je je daar wel bewust van. Daarnaast krijg je door het (al dan niet creatief) bewerken van die data ook inzicht in jezelf. En het levert mooie plaatjes op, zoals het mozaïek van al mijn Facebook-foto's.
Als inleiding vertelt schrijver David Mulder over zijn kunstproject 'Turf'. Een jaar lang turfde hij werkelijk alles in zijn dagelijks leven, van kopjes koffie via wc-bezoek naar uren slaap. Turven is op zich geen moderne hobby, er zijn altijd mensen geweest die dag in dag uit hun gewicht, drankgebruik, sigaretten of calorieën hebben bijgehouden. Denk maar aan Bridget Jones. Het beschrijven van je 'quantified self' is een natuurlijk, menselijk verlangen. Maar die beschrijving is nu veel makkelijker geworden, zeker waar het gaat om het verwerken van de gegevens.
Het gaat ook verder dan alleen cijfertjes en statistieken: via de cijfertjes, die automatisch in grafieken en kaarten inzichtelijk worden gemaakt, maak je je levensverhaal zichtbaar. En dat kan anders uitpakken dan je had verwacht. Zoals het mozaïek van foto's: bij elkaar geplaatst in een grid vertonen de foto's één groot portret. Wat spreekt daaruit? Het zijn mijn herinneringen, maar samen vormen die een beeld dat andere mensen weer op hun eigen manier interpreteren.
Het turven, merkte Mulder, beïnvloedt je daadwerkelijke gedrag omdat je nu eenmaal van tevoren een ideaalbeeld van jezelf hebt – zelfs in de meest alledaagse, betekenisloze handelingen. Dat geldt ook voor het 'online turven', als je het bijhouden van je online profielen zo kunt noemen. Een voorbeeld dat ik wel herken is Last.fm, dat automatisch bijhoudt welke muziek je afspeelt. Heb ik bezoek met een belabberde muzieksmaak, dat mijn iTunes overneemt, dan krimp ik ineen van schaamte bij de gedachte aan mijn online voor iedereen te raadplegen Last.fm-lijst.
Al van oudsher geldt dat we graag verhalen vertellen over onszelf. Iets bestaat misschien pas in de reflectie erop. Als iets niet past in ons overkoepelende verhaal, ook al is het maar als afwijkend zijlijntje, dan schrappen we het uit onze realiteit. En die reflectie, dat vertellen, loopt nu veelal via sociale media. Anders dan vroeger zijn we zijn daar nu voortdurend, in real time mee bezig. Op vakantie wacht je niet meer tot je thuis bent om je definitieve verhaal te vertellen aan de thuisblijvers, maar ben je dag in dag uit dat verhaal aan het updaten. Haast als een echte roadnovel of zelfs een ouderwets feuilleton.
Daar stonden ze aan het eind van de middag dan allemaal bij elkaar: eindeloze rijen met al mijn statusupdates van Facebook en Twitter. Normaal gesproken kijken we niet vaak terug naar wat we allemaal ooit hebben geantwoord op de vraag 'what's happening'. Al was het maar omdat je moet weten hoe je al die data bij elkaar schraapt. Dat brengt wel reflectie op gang. Is dit wie ik ben? Wie ik wil zijn?
Bovenaan las ik: 'Iemand probeerde me net aan het schrikken te maken door heel hard in mijn gezicht te roepen: EY, IK BEN SCHIZOFREEN! Maar ik schrok niet. Hij had eerst namelijk heel lief hallo gezegd.' Ik herinner me dat ik dit op Facebook zette, maar niet de gebeurtenis zelf. Hetzelfde kun je met foto's hebben, vooral uit je kindertijd. Herinner je je echt dat moment, of alleen de foto die je al talloze malen hebt gezien? Maar er is een groot verschil wanneer je alles in real time boekstaaft (natuurlijk niet alles, alleen zij die nog nooit daadwerkelijk op Twitter hebben gekeken, denken dat mensen alle kopjes koffie noemen die ze op een dag drinken). Je wordt een personage in een verhaal dat niet eens op waargebeurde feiten gebaseerd hoeft te zijn. Een verhaal dat je zelf schrijft en dat tegelijkertijd jou schrijft. Want je mag een personage zijn in een half fictief verhaal, zodra het verloop van dat verhaal je gedrag gaat beïnvloeden, is het maar al te reëel.
Dat kun je allemaal heel erg vinden. Ik denk dat het alleen maar erg is als je je van die half-fictieve status niet bewust bent. Daarom is het goed om eens een middag aan een datavisualisatiezelfportret te knutselen. Bovendien kun je het ten goede aanwenden: je wordt voortdurend geconfronteerd met jezelf en daardoor aangezet tot gedragsveranderingen. Meestal nog ten goede ook, omdat je wilt overeenstemmen met een bepaald ideaalbeeld. Dat is de andere kant van het doemdenken dat de nadruk legt op de prestatiedruk en competitiedrang die met sociale media gepaard zouden gaan. Ook niet onbelangrijk: het prikkelt de creativiteit. En dat vind ik eh, leuk.
Workshop Data-is-me bij SETUP, 14 januari 2012
Comments
Filosofen en social media: een oppervlakkige relatie
16/04/11 17:32 Denk aan: Filosofie

Als ik zo langzamerhand ergens genoeg van heb, is het wel het aanhoudende geschrijf over social media, en dan in het bijzonder door filosofen. Je weet van tevoren al waar het op uit gaat lopen als iemand als Ad Verbrugge zijn licht laat schijnen over die oppervlakkige, vluchtige platformen, want door ze oppervlakkig en vluchtig te noemen zijn ze al verdoemd. Je zou denken dat juist filosofen door de vooroordelen héén willen denken en dus ermee beginnen om die veronderstelde oppervlakkigheid of luchtigheid te onderzoeken. Waar komt die kwalificatie vandaan? Is die terecht? Bestaat er überhaupt een causaal verband tussen oppervlakkigheid en verderfelijkheid?
Het startpunt van zo'n onderzoek kan - ik zeg maar wat - het aanmaken van een Twitter- of Facebookaccount zijn. Ik krijg altijd sterk de indruk het daar al mis gaat. Ad Verbrugge is niet actief op Twitter en heeft op Facebook alleen maar een fanpagina (waar niet veel meer op staat dan een link naar zijn lemma op Wikipedia). Niettemin zegt hij in een interview met Filosofie Magazine dingen als:
Lees verder
The Social Network: 6 keer (geen) tragedie
30/01/11 12:22 Denk aan: Film

1. De fatale vrouw
Hoewel er geen grote vrouwenrollen zijn, draait alles in The Social Network om meisjes. Wat drijft de mannen in hun streven naar de top? Vrouwen. In de eerste scène wordt Zuckerberg gedumpt - de directe aanleiding voor het ontstaan van een website waar tegenwoordig 500 miljoen mensen wereldwijd een profiel hebben. Vrouwen en seks, dat is waar de wereld op draait, aldus Zuckerberg. Hij heeft de pijnlijke les van zijn ex-vriendin heel goed geleerd en omgezet in een gigasucces.
2. De eer
Iets minder geprononceerd in The Social Network is ander klassiek tragisch motief: de eer. De film wordt verteld via twee rechtszaken die tegen Mark Zuckerberg zijn aangespannen. Uiteraard gaat het daarin om geld, een stukje van de taart. De achterliggende drijfveer, dat wat alles in beweging zet, is echter eer. De gebroeders Winklevoss klagen Zuckerberg aan omdat hij hun idee zou hebben gestolen. Wanneer besluiten ze om naar de rechter te stappen om hun gelijk te halen? Nadat ze een belangrijke roeiwedstrijd verliezen, van - kan het meer onterend - 'the Dutchies'. (Terwijl het eerder onterend werd gevonden om als Harvard man je gelijk bij de rechter te bevechten.) En dan die rare vriendschap tussen Zuckerberg en Saverin die gedoemd is kapot te gaan. 'Is het omdat ik werd toegelaten tot de Phoenix-club en jij niet?' vraagt Saverin aan zijn voormalige boezemvriend. Hoe kinderachtig het ook is, hoe onbelangrijk zo’n clubje ook klinkt, de wereld draait op dit soort trivialiteiten. De sociale vorm van het butterfly-effect is de rode draad in deze film. Excellent.
3. De dunne scheidslijn tussen mannenvriendschap en rivaliteit
Zie 2. De eer.
4. Toeval
Alle bovenstaande redenen zijn samen te vatten onder de noemer 'toeval', beter: 'onvermijdelijk toeval'. Dat is weer een andere, seculiere manier om te zeggen: noodlot. Klinkt paradoxaal, onvermijdelijk toeval. Iets wat onvermijdelijk is, is geen toeval toch? Misschien niet. Het onvermijdelijke kiest een toevallige vorm om zich te manifesteren. Neem het meisje bij wie Sean Parker, latere zakenpartner van Zuckerberg, voor het eerst hoort over Facebook. (Overigens: weer een meisje dat richting geeft aan het streven van een man.) Dat meisje is totaal onbelangrijk, wie zij is, is toevallig. Maar dat Parker in contact moest komen met Facebook, is onvermijdelijk. Het hele verhaal van The Social Network is op deze manier te ontleden.
5. De held
Dat Zuckerberg uit die berg toevalligheden de juiste kansen weet te pikken, maakt van hem een held. Een van de interessantste dingen van de film vond ik de manier waarop de geest van Zuckerberg wordt verbeeld. Je leert niets over zijn gevoelsleven of zijn innerlijke gedachten, je zult het moeten doen met wat hij hardop zegt. (Wat een opluchting om eens niet lastig te worden gevallen door een voice-over.) Uit wat hij zegt en ook hóe hij het zegt blijkt de werking van een bijzondere geest. Merkwaardige associaties en gedachtensprongen, afgevuurd in een razendsnel tempo. Hij heeft een scherp oog voor kansen, hij herkent in het toevallige het onvermijdelijke. Voortdurend vertaalt hij individuele hang-ups naar algemene concepten. Briljant. De hele film vertrekt uit de juridische vraag of hij nu wel of niet het Facebook zelf bedacht heeft. Maar uiteindelijk gaat het erom dat hij Facebook herkend heeft als the next big thing.
6. Geen ondergang
Toch is The Social Network geen tragedie en Zuckerberg geen tragische held. Een tragische held creëert met zijn scherpe geest, gedreven door vrouwen of eer geen miljardenbedrijf, maar zijn eigen ondergang. Hij maakt met de beste bedoelingen krachten los die hij niet kan beheersen en die hem zullen doden of krankzinnig maken. Denk maar aan Oedipus, of Romeo en Julia. Goed, Zuckerberg verliest zijn beste vriend, maar hij krijgt er een nieuwe voor terug. Hij verlangt nog steeds naar het meisje dat hem (terecht) aan de kant heeft gezet, zonder hoop dat zij het verlangen ooit zal beantwoorden. Maar dat is nou niet echt genoeg om van een tragisch einde te spreken. Het verhaal ís natuurlijk ook nog lang niet geëindigd. Zuckerberg heeft naar het schijnt gezegd dat hij het jammer vindt dat er een film over hem is gemaakt terwijl hij nog leeft. Dat kan ik me van hem voorstellen. Voor de kijker is juist het feit dat deze film een verhaal vertelt dat in werkelijkheid zich nog aan het ontvouwen is, fascinerend en buitengewoon post-post-postmodern.