Peter Bieri en Paul van Tongeren: diepgravend zelfonderzoek vereist!
10/02/13 17:30 Denk aan: Filosofie

In de populaire filosofie is het individu zowel begin- als eindstation. Paul van Tongeren is uitgesproken kritisch over die stroming van de levenskunst, in zijn boek dat dan toch Leven is een kunst heet. Deze filosofen beloven misschien wel (zelf)hulp in zware tijden, stelt hij, maar doen dat door die zware tijden in een handomdraai te neutraliseren. Het is Amerikaanse wilskracht vermengd met stoïcijnen-light. Je krijgt wat je wilt als je er maar genoeg in gelooft. En als het tegenzit, moet je iets anders willen. Voor tegenslag en tragiek, toch onderwerp van de verhevenste kunst, is in de levenskunst geen plaats. Dat is voor deze hoogleraren te makkelijk gedacht.
Lees verder op 8WEEKLY: Voelen, af en toe onderuit gaan, leren en ontwikkelen - Diepgravend zelfonderzoek met Peter Bieri en Paul van Tongeren
Comments
De prijs van de vrijheid na de dood van God
12/04/11 17:59 Denk aan: Filosofie

Moderne vrijheid
Waar komt dat moderne vrijheidsbegrip vandaan? Prof. Maarten van Buuren opende met een inleiding op de geschiedenis van de moderne vrijheid. Nietzsche verklaarde God dood en maakte daarmee een einde aan de richtinggevende instantie in het leven. De mens verwierf daarmee een enorme vrijheid om zijn eigen richting te kunnen volgen – maar hij verloor orde en duidelijkheid. Vrijgemaakt van onderdrukking, wordt de mens geconfronteerd met de vraag waartoe hij vrij is. ‘De prijs van de vrijheid is de prijs die we hebben moeten betalen voor de moord op God,’ aldus Van Buuren.
Vervolgens stelde Dostojevski de volgende vraag: als God dood is, is dan alles toegestaan? Hoeveel vrijheid kan een mens eigenlijk aan? Zal niet iedereen elkaar uitroeien – de mens is de mens een wolf, toch? Sartre ging nog een stap verder. Als God dood is, is alles contingent. De wereld, de mens, ons leven: alles is toevallig en zonder noodzaak. Daar kun je op twee manieren op reageren: jezelf wijsmaken dat er tóch een richtinggevende instantie is. Of de absolute vrijheid op je nemen en je leven als een project zelf ontwerpen. In de levenskunst zal de een echter beter slagen dan de ander. En zo komt Van Buuren uit bij Michel Houellebecq, die laat zien dat grotere vrijheid gelijk opgaat met grotere ongelijkheid.
Postseculiere orde
Het grote streven van de westerse mens, gaat prof. Joep Dohmen verder, is niettemin het leiden van een eigen leven. De vraag hoe dat moet is actueler dan ooit, nu de modernisering die ten tijde van Nietzsche en Dostojevski werd ingezet, volledig is gerealiseerd. We leven in een postseculiere orde, die radicaal verschilt van een halve eeuw geleden, toen Dohmen en Van Buuren opgroeiden. We moeten nu onze eigen levensstijl ontwikkelen, we ontkomen er niet aan. Joep Dohmen wijst op het belang van de context als het gaat om levenskunst. Aan de hand van Michel Foucault, Peter Bieri en Charles Taylor legt hij uit dat vrijheid altijd gesitueerd is.
Foucault wijst er bijvoorbeeld op dat identiteit beïnvloed wordt door veel verschillende factoren. Toch is hij geen determinist, we zijn niet helemaal overgeleverd aan onze genen, ons brein of onze omgeving. De vraag is dan waar de marge ligt van de vrijheid. Niet alleen werken externe factoren in op wie we zijn, ook zijn we zelf altijd ingebed in een gemeenschap. Leven doe je met anderen. Zoals Taylor zegt gaat het om een driehoek van jezelf, de ander en de omgeving. Daarbinnen ontvouwt zich je leven, en de waarde van je keuzes hangt samen met de wereld waar je in staat. Het kan niet zo zijn dat elk individu maar kiest wat hij wil, zonder dat je nog van waarde kunt spreken. Precies in die gerichtheid op de samenleving ziet Dohmen antwoorden voor de actuele vraag hoe we met vrijheid om moeten gaan.
De rol van de wetenschap
Hoe moet dat dan? Kan de wetenschap daar ook nog een rol in spelen? Dohmen en Van Buuren, beiden hoogleraar, blijken nogal sceptisch over de wetenschap. Volgens Dohmen moeten we oppassen voor een al te wetenschappelijke samenleving, de ‘expertsamenleving’. De wetenschap kan niet vertellen hoe je moet handelen, hoe je leven te leiden. Daarmee gaan zij in tegen de heersende tendens om wetenschap juist als basis te zien van de staatsinrichting, economie, moraal, tot individueel handelen en oordelen aan toe. Denk maar aan de liefde die wordt gereduceerd tot hormonale oprispingen of de rechtspraak die steeds meer laat afhangen van de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek – psychisch, forensisch of juridisch.
Joep Dohmen stelt dat we op zoek moeten naar een gedeeld hypergood om de samenleving (weer) op orde te krijgen en met de uitdagingen van de toekomst – wetenschap, technologie, duurzaamheid – om te kunnen gaan. Hij is optimistisch: het zal hard werken zijn, maar dat hypergood moet te vinden zijn. Niet door wetenschap, maar door filosofie. Maarten van Buuren ziet de ontdekking van zo'n hypergood nog niet gebeuren. Maar ook hij ziet geen heil in wetenschap. Wat zegt die over mij? Niets, de wetenschap kan mij niet vertellen wat ik moet kiezen of doen. Zij heeft pas belang nadat die fundamentele levensvragen beantwoord, of ten minste onderzocht zijn.
Zo lijken Van Buuren en Dohmen toch terug te zijn bij hun oorspronkelijke tegenstelling van zwartkijker en optimist. In elk geval geloven ze beiden in de kracht van de literatuur en filosofie. En er wordt vanavond harder gelachen dan ooit tevoren in het Academiegebouw.
Verder kijken en lezen
De lezing van gisteren is hier terug te zien. De serie Levenskunst liep in 2009-2010 en is ook online terug te zien. In september 2011 start het vervolg op deze serie bij Studium Generale. Lees op dit blog ook 10 schrijvers en denkers over levenskunst.
[Verschenen op het Studium Generale nieuwsblog]
Revolutie in het hoofd II
06/07/10 12:09 Denk aan: Leven

Twee dingen zijn belangrijk. Allereerst het verschil tussen materiële groei en immateriële verandering. Als het draait om materiële zaken, ga ik liever achteruit dan vooruit. Dat is tegenwoordig een onhandige eigenschap. Voor de meeste mensen staat vooruitgang of groei nu eenmaal gelijk aan 'meer bezit'. Ik heb een afwasmachine en een droger, maar leef op gespannen voet met beide apparaten. Als ik het heb over mijn (hypothetische) kluizenaarsgrot, waar ik een wortel word, heb ik het niet zozeer over geestelijke verlichting, maar om afzien. Afzien van al die goederen en gemakken waarmee we ons omringen. Back to basics, afzien in de fysieke zin. (Mijn Macbook en iPhone moeten natuurlijk wel mee.)
Aan de andere kant gaat het natuurlijk óók om het geestelijke afzien. De onderliggende aanname is dat het leven in een grot ongekende psychische concentratie met zich meebrengt. Concentratie die als een pijl naar de diepte schiet, in plaats van als een windvaan te fladderen.
Dat is het tweede: zoeken naar verandering betekent niet zoeken naar steeds weer een nieuwe kick. Het verzamelen van allerlei kicks lijkt wel op het verzamelen van steeds meer bezit en is bijna een materialistisch streven geworden. Groots en meeslepend leven is bedacht door arme kunstenaars, niet door tweeverdieners met drie buitenlandse reizen per jaar. Ook hier ga ik liever achteruit dan vooruit, en ook dit is een oneigentijdse eigenschap.
Nietzsche spreekt van het productieve dat aanstotelijk is. Ik denk dat aanstotelijk begrepen moet worden als iets uitzonderlijks, dat niet vaak voorkomt, niet vaak voor kán komen. Iets wat veel inspanning kost, maar met weinig middelen. Iets wat in de breedte niet veel voorstelt, maar grondvesten doet schudden. Is het meest aanstotelijke in deze tijd niet veel doen met weinig middelen? Juist omdat het streven van de meeste mensen is om weinig te doen met veel middelen?
Dit is allemaal erg abstract. Hoe doe je veel met weinig? Daar komt de concentratie weer om de hoek kijken. Het beeld van de windvaan leende ik van Peter Bieri. Hij beschrijft een geconcentreerde vorm van kiezen tussen een veelheid aan opties, door op een cognitieve wijze verschillende mogelijkheden tegen elkaar af te wegen. Nu denk ik dat dit niet alleen cognitief gebeurt of moet gebeuren. Juist emotie (of intuïtie) kan je de weg wijzen naar de goede keuze. Of een revolutie in het hoofd, teweeggebracht door een verhaal dat het leven verandert, muziek die de Grote Onrust wakker maakt, kunst die je ratio doet wankelen.
Een andere vorm van concentratie komt van Malcolm Gladwell. Wil je ergens goed in worden, dan moet je aan deliberate practice doen, gerichte oefening. En wil oefening gericht zijn, dan kan ze maar een klein gebied beslaan. Deliberate practice is als de pijl die een smalle gang boort naar de allerdiepste lagen. De pijl maakt geen groot gat aan de oppervlakte, maar kan wel een tunnel boren die de oppervlakte op den duur laat instorten. Eerst een revolutie, dan een evolutie. Die op haar beurt een volgende revolutie in gang kan zetten.
Ik vind van mezelf dat niet zo veel verlang, omdat ik een gezonde afkeer heb van materiële rijkdom. Niet iedereen is het daarin met me eens, ik ben vaak genoeg veeleisend genoemd. En dat is ook waar. Ik ben veeleisend in het primitieve. Niet verzamelen, maar begrijpen. Zo veel mogelijk doen met zo weinig mogelijk middelen.
10 schrijvers en denkers over Levenskunst
16/06/10 12:02 Denk aan: Filosofie
1. Schrijven is een vorm van zelfonderzoek. Door je gedachten te ordenen en onder woorden te brengen, vergaar je zelfkennis. Zelfkennis is een voorwaarde voor een goed leven: je leert omgaan met de veranderlijke aard van het leven. Schrijven biedt daarbij een houvast, maar ook de mogelijkheid om op onderzoek uit te gaan en ideeën uit te proberen. Had Montaigne nu geleefd, dan had hij vast een weblog gehad.
Michel de Montaigne: De melancholie van de wijsheid
2. Lezen is een vorm van zelfonderzoek. Filosofische of literaire teksten, zoals de maximes van La Rochefoucauld, confronteren de lezer met zijn waarden, door een andere (interpretatie van de) werkelijkheid voor te spiegelen. Soms is die confrontatie zo heftig dat je liever niet verder leest. Maar juist dan is het zaak om zo eerlijk mogelijk jezelf in de ogen te zien. La Rochefoucauld: Authenticiteit en eigenbelang – het lastige evenwicht van de honnête homme
3. Schep je eigen waarden, los van de groep. Mensen zoeken aansluiting bij groepen en ideologieën, omdat ze onzeker zijn en beschermd willen worden. Maar dat werkt je eigenlijk alleen maar tegen. Er is geen set van gegeven waarden die absoluut is en waar je je aan moet conformeren. Levenskunst gaat om het zoeken en scheppen van je eigen waarden. Friedrich Nietzsche: ‘De dood van God’ maakt de weg vrij voor een authentieke levenskunst
4. Er zijn geen antwoorden, alleen standpunten. Als God dood is, is dan alles geoorloofd? Misschien, misschien ook niet. De literatuur kan beide antwoorden in hetzelfde werk geven, zoals in de grote romans van Dostojevski. Hij toont meerdere theorieën en gezichtspunten zonder een oordeel te vellen. Het is aan de lezer om de polyfone perspectieven te onderzoeken en tegen elkaar af te wegen en zijn eigen standpunt in te nemen. Fjodor Dostojevski: Mensen zijn dom en slecht
5. Levenskunst is zorg voor jezelf. Het doel van levenskunst is vrijheid. Datgene wat de vrijheid om je leven vorm te geven zoals je wilt in de weg zit, verdient de meeste zorg. Je leeft en zorgt altijd in een context en de vrijheid daarin is altijd beperkt. Zorg voor jezelf brengt daardoor automatisch zorg voor de ander met zich mee. Michel Foucault: Het leven een kunstwerk
6. Ook loslaten is deel van levenskunst. In de mystieke ervaring of roes verlies je je kenmerkende eigenschappen en val je buiten de heersende moraal. Het is belangrijk om de mystieke ervaring niet meteen op te vullen met allerlei gegevenheden, maar te onderzoeken. Hoe stevig sta je in je schoenen, als de grond onder je voeten verdwijnt? Robert Musil: Mystiek zonder God
7. Authenticiteit kan niet zonder het gemeenschappelijke. De bron van een authentieke levenshouding ligt in het individu, maar krijgt pas echt gestalte in relatie tot de ander. Dialoog en het onderzoeken van gedeelde waarden zijn essentieel in het vormgeven van je eigen leven. Charles Taylor: ‘sociale authenticiteit’
8. De mens is absoluut vrij en absoluut alleen. Er zijn een paar gegevenheden in het leven, zoals je geslacht en je afkomst, maar er is geen doel of opdracht. Door keuzes te maken en je bewust te zijn van je verhouding tot de buitenwereld, schep je het project van je eigen leven. Pas in de praktijk van het existeren, ontstaat er zoiets als een essentie of basis. Jean-Paul Sartre en het existentialisme
9. Cognitieve afwegingen leiden tot goede keuzes. Er zijn altijd meerdere opties als je voor een beslissing gesteld staat. Die verschillende opties kun je onderzoeken, rationeel en emotioneel en met gebruik van je voorstellingsvermogen. Dan zal je wil de juiste keuze maken en daarvoor gaan. De toekomst staat niet vast; je hebt de macht haar met je vrije wil te veranderen. Peter Bieri / Pascal Mercier: Levenskunst als denkproces
10. Middenin de pijn staan en hard stampen. Via onderzoek naar je meest pijnlijke en duistere ervaringen, kom je tot de kern van wat het betekent om mens te zijn en jezelf te zijn. Hoe doe je dat? Door veel te lezen en door te schrijven. Want, zo leerde Montaigne al: schrijven is een vorm van zelfonderzoek. Michel Houellebecq: alleen in boeken jezelf kunnen zijn
Kijk de volledige lezingen over deze schrijvers en denkers terug via de website van Studium Generale.

_________________________________________________________________________________
Gerelateerde artikelen:
2. Lezen is een vorm van zelfonderzoek. Filosofische of literaire teksten, zoals de maximes van La Rochefoucauld, confronteren de lezer met zijn waarden, door een andere (interpretatie van de) werkelijkheid voor te spiegelen. Soms is die confrontatie zo heftig dat je liever niet verder leest. Maar juist dan is het zaak om zo eerlijk mogelijk jezelf in de ogen te zien. La Rochefoucauld: Authenticiteit en eigenbelang – het lastige evenwicht van de honnête homme
3. Schep je eigen waarden, los van de groep. Mensen zoeken aansluiting bij groepen en ideologieën, omdat ze onzeker zijn en beschermd willen worden. Maar dat werkt je eigenlijk alleen maar tegen. Er is geen set van gegeven waarden die absoluut is en waar je je aan moet conformeren. Levenskunst gaat om het zoeken en scheppen van je eigen waarden. Friedrich Nietzsche: ‘De dood van God’ maakt de weg vrij voor een authentieke levenskunst
4. Er zijn geen antwoorden, alleen standpunten. Als God dood is, is dan alles geoorloofd? Misschien, misschien ook niet. De literatuur kan beide antwoorden in hetzelfde werk geven, zoals in de grote romans van Dostojevski. Hij toont meerdere theorieën en gezichtspunten zonder een oordeel te vellen. Het is aan de lezer om de polyfone perspectieven te onderzoeken en tegen elkaar af te wegen en zijn eigen standpunt in te nemen. Fjodor Dostojevski: Mensen zijn dom en slecht
5. Levenskunst is zorg voor jezelf. Het doel van levenskunst is vrijheid. Datgene wat de vrijheid om je leven vorm te geven zoals je wilt in de weg zit, verdient de meeste zorg. Je leeft en zorgt altijd in een context en de vrijheid daarin is altijd beperkt. Zorg voor jezelf brengt daardoor automatisch zorg voor de ander met zich mee. Michel Foucault: Het leven een kunstwerk
6. Ook loslaten is deel van levenskunst. In de mystieke ervaring of roes verlies je je kenmerkende eigenschappen en val je buiten de heersende moraal. Het is belangrijk om de mystieke ervaring niet meteen op te vullen met allerlei gegevenheden, maar te onderzoeken. Hoe stevig sta je in je schoenen, als de grond onder je voeten verdwijnt? Robert Musil: Mystiek zonder God
7. Authenticiteit kan niet zonder het gemeenschappelijke. De bron van een authentieke levenshouding ligt in het individu, maar krijgt pas echt gestalte in relatie tot de ander. Dialoog en het onderzoeken van gedeelde waarden zijn essentieel in het vormgeven van je eigen leven. Charles Taylor: ‘sociale authenticiteit’
8. De mens is absoluut vrij en absoluut alleen. Er zijn een paar gegevenheden in het leven, zoals je geslacht en je afkomst, maar er is geen doel of opdracht. Door keuzes te maken en je bewust te zijn van je verhouding tot de buitenwereld, schep je het project van je eigen leven. Pas in de praktijk van het existeren, ontstaat er zoiets als een essentie of basis. Jean-Paul Sartre en het existentialisme
9. Cognitieve afwegingen leiden tot goede keuzes. Er zijn altijd meerdere opties als je voor een beslissing gesteld staat. Die verschillende opties kun je onderzoeken, rationeel en emotioneel en met gebruik van je voorstellingsvermogen. Dan zal je wil de juiste keuze maken en daarvoor gaan. De toekomst staat niet vast; je hebt de macht haar met je vrije wil te veranderen. Peter Bieri / Pascal Mercier: Levenskunst als denkproces
10. Middenin de pijn staan en hard stampen. Via onderzoek naar je meest pijnlijke en duistere ervaringen, kom je tot de kern van wat het betekent om mens te zijn en jezelf te zijn. Hoe doe je dat? Door veel te lezen en door te schrijven. Want, zo leerde Montaigne al: schrijven is een vorm van zelfonderzoek. Michel Houellebecq: alleen in boeken jezelf kunnen zijn
Kijk de volledige lezingen over deze schrijvers en denkers terug via de website van Studium Generale.
_________________________________________________________________________________
Gerelateerde artikelen:
Over gewetensvragen: nogmaals Peter Bieri
31/05/10 19:47 Denk aan: Filosofie

Als je een keuze maakt om iets wel of niet te doen in je leven - wel of niet studeren bijvoorbeeld - betekent dat automatisch dat minstens één optie geen werkelijkheid wordt. Je kunt immers niet én wel studeren én niet studeren. Een van de twee moet het onderspit delven. En dan rijst de vraag: Kun je leven met de herinnering aan identiteiten die je hebt verworpen?
Hoe ouder je wordt, hoe indringender deze vraag klinkt. De rij met opties in de kolom 'verworpen' wordt langer en langer, de kolom 'gekozen' heeft na een paar groeistuipen een haast definitieve vorm aangenomen - een vorm die meestal gedrongen zal zijn, maar in elk geval altijd schril zal afsteken bij de lange rij verworpen keuzes.
Is dat erg? Ik denk dat het wel meevalt. Juist het denkproces dat voorafgaat aan een levensbelangrijke beslissing, moet ervoor zorgen dat je geen spijt van die beslissing krijgt. Het antwoord op de vraag of je met die verworpen identiteiten kunt leven is dan automatisch 'ja'. Als je alle opties hebt afgewogen en de wil je in de richting van een keuze brengt, is spijt niet meer van toepassing.
Ik weet niet of Bieri het over spijt heeft, dat is wat ik ervan maak. Ik kreeg het Handwerk van de vrijheid voor mijn verjaardag, dus ik zal het binnenkort controleren. Spijt hebben over een beslissing die je bij je volle bewustzijn hebt gemaakt, na een gedegen innerlijk onderzoek, is onzinnig. Deze opvatting heeft me wel eens in de problemen gebracht. Ik heb keuzes gemaakt die niet handig waren, maar waar ik toch geen spijt van wilde betuigen. Men denkt dan al gauw dat je er geen verantwoordelijkheid voor wilt nemen.
Terwijl het precies andersom werkt: als ik zeker weet dat ik die keuze niet anders had kunnen maken, omdat ik met alle informatie die ik had nu eenmaal dit heb gekozen, moet ik juist verantwoordelijkheid nemen. Als ik spijt krijg en zeg: ik had het anders moeten doen, had ik maar geweten wat ik nu weet, dan schuif ik mijn verantwoordelijkheid af, in de hoop op vergeving. Ik kan bij mijn volle verstand een achterlijke keuze maken. Weet je wat, het is achterlijk maar ik doe het lekker toch. Zolang ik maar onthoud dat donders goed weet dat het belachelijk is.
De vraag van Bieri moet je jezelf dus niet achteraf stellen, omdat je ervoor moet zorgen dat je dan het antwoord al weet. Achteraf is het een retorische vraag: Kun je leven met de herinnering aan identiteiten die je hebt verworpen? Uiteraard, want ik weet waarom ik ze verworpen heb. De vraag is de stem van het geweten tijdens het denkproces. Als ik kies om niet te studeren, kan ik dan leven met de gedachte aan een gemiste studie?
Eigenlijk moet je de vraag dus herformuleren zodat hij op de toekomst is gericht. Nog mooier is om een vraag te stellen over de eindeloze mogelijkheden die nog voor je liggen. Dat zegt Bieri ook: je moet je de verwerkelijking van alle mogelijkheden tot in detail voorstellen. Wat houdt mijn leven in als ik A kies? Hoe ziet mijn dag eruit bij B?
Het is de filosofische omkleding van een alledaagse wijsheid: dat je niet op een dag wakker wilt worden om te beseffen dat je leven voorbij is zonder dat je hebt gedaan wat je wilde. Dan kun je met recht spijt hebben. Eigenlijk komt levenskunst erop neer dat je ervoor zorgt dat je nergens spijt over hoeft te hebben. Dan doe ik het nog best aardig.
Levenskunst als bewust denkproces: Peter Bieri / Pascal Mercier
12/05/10 12:52 Denk aan: Filosofie

Het Handwerk van de vrijheid is het filosofische hoofdwerk van Bieri, die onder het grote publiek vooral bekendheid geniet als Pascal Mercier, schrijver van Nachttrein naar Lissabon. Het filosofische en literaire werk zijn nauw met elkaar verbonden. Juist de verbeelding en expressie krijgt in Bieri's filosofie een grote rol toebedeeld, en in zijn romans kan hij laten zien hoe dat in zijn werk gaat.
De titel Handwerk van de vrijheid laat zien dat voor Bieri levenskunst een proces is ('handwerk') waar je aan kunt werken en dat tot op zekere hoogte te controleren is. 'Over de ontdekking van de vrije wil' luidt de ondertitel en een analytische benadering van de wil vormt de basis van Bieri's filosofie. In de lezing voor de serie Levenskunst over Bieri, zette professor Joep Dohmen deze analyse van de wil uiteen. Kort gezegd gaat aan de wil een veelheid van wensen vooraf. De wil is de wens die uiteindelijk gekozen wordt, na afweging van mogelijkheden en middelen. Hij is een oordeel over de verschillende wensen die je hebt en uit zich in een bereidheid dat oordeel te volgen. Bieri gaat dus uit van een vrije wil, die uit een denkproces ontstaat.
Door de nadruk op de wil te leggen, komt een heel nieuw thema aan de oppervlakte in het denken over levenskunst, zoals we dat in de voorgaande lezingen hebben gehoord. Niettemin komen ook bij Bieri vragen terug die bij de andere denkers en schrijvers spelen: over de vrijheid en over de taal bijvoorbeeld. Voor Bieri hangt vrijheid samen met een open toekomst, waarin de wil speelruimte heeft. Het denkspelletje is ernst: maak je in een toekomst die open ligt een keuze, dan zal dat ook echt invloed hebben op het verloop van die toekomst. En een andere keuze maken is mogelijk, door de speelruimte van de wil.
Hoe kom je er dan achter wat te kiezen? Hierbij spelen taal en verbeelding een rol. Staande op een cruciaal punt in je leven (studeren of niet studeren? kinderen of geen kinderen?), moet je met je voorstellingsvermogen aan de slag. Door de consequenties van de verschillende keuzes te verbeelden, kun je de keuzes tegen elkaar afwegen. Hoe ziet mijn leven eruit als ik niet ga studeren? Wat betekent dat écht? En als ik wel ga studeren? Het is een heel geconcentreerde vorm van kiezen, werkelijk bewust leven, zoals Joep Dohmen benadrukte.
De expressie in taal is een ander thema dat in de loop van de reeks steeds is teruggekomen, en ook bij Bieri prominent aanwezig is. Dat heeft twee kanten. Het gaat om het verwoorden van wat je wilt en wie je bent, want pas door dat heel precies uit te drukken (te articuleren, zegt Bieri) kom je erachter wat dat is. Zomaar wat roepen is hetzelfde als zomaar wat kiezen: het kan nooit eigen zijn, van jezelf. Aan de bewuste keuze gaat een bewuste bewoording in de taal vooraf.
Maar dat kan geen mens zomaar. Niemand wordt geboren met een duidelijke articulatie, letterlijk en figuurlijk. Die moet je leren van anderen. Bijvoorbeeld door het zien van films, het spreken met vrienden en het lezen van boeken. Dat houdt de verbeelding aan het werk, zet je aan tot reflectie en scherpt je vermogen om jezelf uit te drukken. Eigenlijk precies wat Studium Generale ook met de reeks Levenskunst beoogt (may I add: wat ik ook met dit blog beoog). Op 8 juni is alweer de laatste lezing, zorg dat je erbij bent om met een veranderde blik op de wereld de zaal weer te verlaten!
Bekijk de lezing Hoe eigen ik mezelf toe?
De onbekende uit mijn droom was niet bij de lezing over Peter Bieri, maar des te meer bekenden, wat natuurlijk veel leuker is. Hierboven het stuk dat ik voor het Studium Generale nieuwsblog over de lezing schreef.
Wat maakt dat je dus bent?
10/05/10 19:00 Denk aan: Filosofie

Je ontkomt er niet aan het jezelf voor te leggen: Ik ..., dus ik ben. Probeer het, en je begrijpt meteen die weifelende, nadenkende toon in alle stukken. Het is namelijk verdomde moeilijk. In mijn recensie schreef ik ironisch 'Ik lees, dus ik ben' en 'Ik word gelezen, dus ik ben'. Maar dat voelt tweedehands. Je bent zonder object ook iets. Gaat het dan om taal? Of om gezien worden? Of nog abstracter? Ik neigde al gauw naar - hoe verrassend - ik denk, dus ik ben, of liever ik denk na, dus ik ben. Is dat niet prachtig? Door zo'n 'opdracht' kom je uit eigen denkbeweging uit op een van de beroemdste filosofische stellingen die er bestaan. Om achteraf pas op te merken dat die invulling niet heel origineel is.
Verder dus maar. Wat maakt dat ik ben? Fundamenteler vragen krijg je niet gauw. Ik moest denken aan de levenskunstlezingen, waarin het steeds gaat over vrijheid, kiezen, beweging. Dat is de hoek waar ik het zoeken moet. Ik kies, dus ik ben? Ik ben vrij, dus ik ben? Alleen al om de lelijke formulering valt de laatste af. En niet elke keuze maakt dat je bent, het gaat om de keuze tegen jezelf en anderen in, een vrije keuze vanuit hoofd en hart, een gedurfde keuze.
Ik durf, dus ik ben! Nu ben ik niet de meest avontuurlijke persoon op aarde. Je hoort mij niet over bungeejumpen, jungletochten of hallucinatoire experimenten. (Bang ben ik ook niet, hoor.) Ik maakte eens een bergwandeling over een besneeuwd pad, langs een diepe afgrond vol rotsen. Halverwege ben ik omgekeerd. Ook al was het even ver om terug te gaan als heen. Toch herinner ik me dat moment niet als een nederlaag, maar eerder als een overwinning. In dit geval was 'nee' de juiste beslissing. Ik keek in de afgrond, de duizelende afgrond van Sartre, en het boeide me niet wat de anderen ervan zouden denken. Ik ging terug, wat een opluchting. Dus toch kiezen? Ik durf te kiezen, dus ik ben?
Al deze dingen dacht ik gisterenavond, vlak voor ik ging slapen. Eindelijk was ik eruit: ik durf te kiezen, dus ik ben. Ook als kiezen betekent: teruggaan. Het beeld dat erbij hoorde: de foto die iemand van mij maakte op de besneeuwde richel, waar ik al half omgekeerd sta, op weg terug (sorry, niet digitaal beschikbaar).
Was ik er echt uit? 's Nachts ging in een droom mijn gedachtegang verder. Ik liep met iemand te praten, een onbekende. Ik vertelde hem mijn bevindingen, trots dat ik een origineel standpunt voor mijzelf had ontdekt. Hij zei: 'Het gaat je er dus eigenlijk om, altijd voor jezelf te kiezen. Ook al is het een "nee". Je stelt je eigenbelang voorop. Dan moet je zeggen: Ik ben egoïstisch, dus ik ben.' Ik sputterde tegen, maar moest die onbekende cynicus toch gelijk geven.
Vanochtend dacht ik verder. Wat kon ik tegen hem inbrengen? Want zo zat het toch niet, dat elk kiezen egoïstisch is? Dat is in elk geval niet wie ik ben of wil zijn. Ik dacht terug aan de mens, wiens hersenstructuur is ingesteld op betekenis geven en daarmee op sociaal gedrag (Een steen als een mens). En ik dacht aan het pact dat Castorp en Claudia in De Toverberg sluiten vóór Peeperkorn (Notities van een synestheet). En aan de beschrijving van loyaliteit door Pascal Mercier in Nachttrein naar Lissabon: 'Daarom kwam het op loyaliteit aan. Dat was geen gevoel, zei hij, maar een wil, een beslissing, het partij kiezen door de ziel.'
Zijn dat niet de meest gedurfde keuzes, vóór iemand gemaakt en dóór de ziel gaand? Ik denk het wel. Jammer genoeg komen dit soort tegenwerpingen altijd te laat. Ik zal ze die onbekende nooit meer kunnen meegeven. Of zou hij toevallig morgen bij de Levenskunstlezing over Pascal Mercier aanwezig zijn?
Notities van een synestheet
18/11/09 22:18 Denk aan: Leven

Bericht van het intellectuelenfront
29/08/08 18:28 Denk aan: Literatuur

Ik raakte dan ook helemaal opgetogen van een artikel van Peter Bieri, waarin hij net iets eloquenter uitlegt waar het om draait. Sowieso is het fijn om jezelf te herkennen in de beschrijving van een ideaalbeeld. Al essayerend (zoekend) probeert hij een definitie van Bildung te vinden. Lezen blijkt voor deze vorm van zelfontwikkeling onontbeerlijk, maar wel een speciaal soort lezen. Nog zo'n vervelende vraag: waarom lees je van die hoogdravende boeken, zijn thrillers soms niet goed genoeg? (Eh, nee?!)
Peter Bieri is in Nederland trouwens bekender onder zijn schrijverspseudoniem Pascal Mercier. Zijn roman Nachttrein naar Lissabon is een terechte bestseller, hoewel het in veel opzichten een hopeloos ouderwets boek is, over een hopeloos ouderwetse leraar klassieke talen. Tot in de kleinste details ademt de roman dat ouderwetse gevoel uit. Als de hoofdpersoon een taalcursus Portugees koopt, blijkt hij thuis te komen met platen - van die grote zwarte lp's bedoel ik. Even dacht ik alles verkeerd te hebben begrepen, maar het verhaal speelt toch echt rond de eeuwwisseling. Twintigste naar eenentwintigste dan. Aan dit omgekeerde anachronisme wordt geen woord vuil gemaakt, het is gewoon een fout, een vergissing van de schrijver. Maar een heel tekenende, die Peter Bieri ongewild in zijn artikel zal verduidelijken.
De ontwikkelde mens - nee: de zich ontwikkelende mens, want Bildung houdt nooit op - is iemand die zich door boeken laat veranderen, betoogt Bieri. Dát is het antwoord! Dáárom zijn lezers beter! Dáárom zijn thrillers slechter! (De bescherming van de haakjes heb ik niet meer nodig.) Hij leest niet voor het vermaak of alleen om kennis te vergaren, maar ook om zichzelf te toetsen. In het volle bewustzijn van de kans dat het boek dat zelf overhoop zal halen.
Ik hoor het al: dat kunnen Hollywoodfilms toch ook, of cafédiscussies, of drugs. Misschien. Maar je moet als 'ontvanger' stevig in je schoenen staan om er iets wezenlijks uit te halen waar je jaren later nog aan terugdenkt als een vormend moment. Bildung krijg je door alles in dienst te stellen van de mogelijkheid tot geestelijke transformatie. Drugs en B-films kunnen die geven, een paar keer, maar raken dan uitgeput. Boeken raken nooit uitgeput. Elk boek geeft weer een volledig nieuwe en unieke opening. In die zin zijn ze een makkelijk handvat om je te ontwikkelen.
Dit is een van mijn overtuigingen. Een andere overtuiging is dat de mens niet ontwikkeld is als hij geen kennis neemt van wat de wereld hem nog meer te bieden heeft. Hoe kun je je een beeld vormen van 'de mens' en 'de maatschappij' als je nooit wegzwijmelt bij RTL Boulevard of (als vrouw) de FHM inkijkt? Hoe kun je op een rationele manier over genot en het lichaam praten als je nooit uit je dak bent gegaan op scheurende beukmuziek, al dan niet met een pil in je mik? Feit blijft dat al die ervaringen elk voor zich niet iets wezenlijks veranderen, maar zich eerder opstapelen en hoogstens met z'n allen iets betekenen. Terwijl boeken... nou ja, vul zelf maar in. Lijkt mij dat Bieri, die voor de definitie van Bildung ook schrijft over tolerantie, openheid, nieuwsgierigheid, inlevingsvermogen, het hiermee eens is.
Helaas. Bieri trapt in de intellectuelenval. Hij is een typisch voorbeeld van een ivorentorenbewoner die naar beneden kijkt en meent dat alles daar vuig en voos is, terwijl hij gewoon een nieuwe bril nodig heeft (mensen die Nachttrein naar Lissabon hebben gelezen, begrijpen wat ik bedoel). Dit is de eenentwintigste eeuw! Opeens staan die lp's van de taalcursus in een heel ander licht. Zou zelfs de cd tot de verderfelijke buitenwereld behoren, omdat de Grote Denkers die niet hebben kunnen aanschouwen? En wat dan met, genade genade, de empeedrie?
Bieri eindigt zijn stuk met de meest conservatieve, zielige, onontwikkelde alinea die ik dit jaar heb gelezen. 'Überhaupt is de ontwikkelde mens iemand die zich ergert aan bepaalde dingen: aan de leugenachtigheid van de reclame en de verkiezingstaal; aan platitudes, clichés en alle vormen van onoprechtheid; aan de eufemismen en cynische informatiepolitiek van het leger; aan alle vormen van dikdoenerij en meeloperij, zoals je ze ook tegenkomt in de kranten van de burgerij die zichzelf beschouwen als plaatsen van beschaving. De gebildete mens ziet elke kleinigheid als voorbeeld van een groot kwaad.’
Gatsiedakkie. Bieri transformeert binnen het bestek van zijn artikel van ontwikkeld tot onontwikkeld. Ik proef kleinzieligheid die doet denken aan de LPF. Mijn grootste ergernis zijn wel mensen die zich aan alles ergeren wat niet in hun straatje past. Mensen die van een mug een olifant maken, die bij elke platvoerse uiting van de massa meteen het kwaad, oeps 'Een Groot Kwaad' erbij moeten halen. Die denken dat je ergeren een teken van intelligentie is. 'Er bestaat, hoe paradoxaal het ook klinkt, een onontwikkelde geleerde,' schrijft Bieri. Een ieder die zijn artikel uit heeft, zal hem op zijn woord geloven. Ik ben blij dat RTL Boulevard weer begonnen is. Lekker herkenbaar. Laat Bieri maar in zijn ivoren toren met lp's spelen.
PS: Nachttrein naar Lissabon blijft een geweldig boek.
