Geluk, ambivalentie en tragiek: Martha Nussbaum en levenskunst

levenskunst
Nut en rechtvaardigheid zijn de twee leidende principes van de moderne moraal. Martha Nussbaum, een van de belangrijkste hedendaagse Amerikaanse filosofen, onderzoekt hoe die moraal weer een bredere invulling kan krijgen. Daarvoor grijpt ze terug op de levenskunstfilosofen van de klassieke oudheid, in het bijzonder Aristoteles. De centrale vraag in haar ethiek is dan ook ‘Hoe te leven’? Ethiek, Bildung, maar ook politieke filosofie krijgen allemaal haar aandacht onder de centrale noemer van het ‘goede leven’. Het goede, zo laat Joep Dohmen in zijn lezing over Nussbaum zien, is niet singulier maar meervoudig.

Ethiek
Wat is dan het goede? Dat blijft nogal impliciet. Een belangrijk onderdeel van Nussbaums beschrijving van het goede is dan ook dat het niet singulier of eenduidig is. Voor Plato was het goede weliswaar moeilijk te bereiken, maar in zijn aard wel helder. Nussbaum volgt Aristoteles in zijn kritiek op deze enkelvoudige opvatting van het goede. Zoals de titel van haar boek over dit onderwerp zegt, is zij geïnteresseerd in The Fragility Of Goodness, de broosheid van het goede.

Die broosheid is te beschrijven aan de hand van het tragische. Aristoteles heeft uitgebreid de tragedies bestudeerd en geeft die een plaats in zijn ethiek. Van de tragici leren we dat waardevolle zaken in het leven niet altijd commensurabel zijn. Een beroemd voorbeeld is Antigone. Zij staat voor de beslissing of zij haar overleden broer de laatste eer zal bewijzen, of de koning gehoorzamen die haar dat verboden heeft. Hier bestaat geen juiste keuze, beide opties zijn even ‘waarden-vol’ en door te kiezen voor het ene, moet zij het andere laten. Het is een tragische situatie bij uitstek, waarin de kwetsbaarheid van Antigone wordt getoond, maar ook de kwetsbaarheid van het goede zelf.

Hiermee is nog niet bepaald wat het goede dan precies inhoudt. Bestaat het alleen in ‘vervuilde’ vorm, vermengd met het noodlot en het tragische? Hoe moeten we ons daar dan toe verhouden? Nussbaum legt de nadruk op het individuele, concrete mensenleven, en op vorming die gericht is op zowel het praktisch denkvermogen als de emoties. Via de literatuur en kunst, zoals het verhaal van Antigone, kunnen we meer leren over de vele verschillende verschijningsvormen die het goede kan hebben. Het goede krijgt gestalte in een individueel, uniek leven zoals van Antigone. Bovendien leren we over de worstelingen met het noodlot die ieder mens zal moeten leveren.

Bildung
Ook de filosofie van het onderwijs gaat tegenwoordig hoofdzakelijk uit van ‘nut’ als leidend principe. In haar veelbesproken pamflet Not For Profit (Niet voor de winst), pleit Nussbaum voor een andere vorm van onderwijs, waarin de studenten allereerst een werk- en levenshouding ontwikkelen waarin plaats is voor zelfstandigheid, betrokkenheid en sensibiliteit.

In die vorming komt het pluralisme van ‘het goede’ weer terug. Onderwijs moet uitgaan van het bestaan van verschillende waarden en tradities en zich niet beroepen op ‘heilige boeken’. Dit onderwijs geënt op ‘liberal arts’ is er juist voor iedereen. Daar is wel een kanttekening bij te maken, want de invulling lijkt wat elitair. Niet iedereen heeft het in zich om Sophokles en zijn Antigone te doorgronden.

Politieke filosofie en capabilities
Nussbaum lijkt in haar politieke filosofie wel uit te gaan van mogelijkheden (capabilities) die alle mensen gemeenschappelijk hebben. Niet in gelijke mate, en ook niet terug te brengen tot één goed – want het goede is ook hier meervoudig van aard. Maar wat het precies inhoudt, raakt steeds verder op de achtergrond. In haar politieke denken is de vraag niet meer ‘Wat is een goed leven?’ maar ‘Wat is een slecht leven?’ Met andere woorden, het draait om het definiëren van de minimale voorwaarden voor sociale rechtvaardigheid. Positieve vorming en zelfverwerkelijking raken daarmee enigszins uit zicht. Bovendien, stelt Maarten van Buuren in de discussie na de lezing, is het tragische besef hier ook verdwenen. Er zijn talloze mensen die wel capabilities bezitten, maar die op een of andere manier niet tot ontwikkeling weten te brengen.

De verbinding tussen het vroege werk van Martha Nussbaum, dat meer op de individuele ontwikkeling via literatuur en kunst gericht is – en het latere, politiek-filosofische oeuvre, is daardoor niet makkelijk te expliciteren. Misschien moeten we weer terug naar de duizenden jaren oude tragedies. Treedt bij die Griekse personages immers niet steeds de onontkoombare verknooptheid van het persoonlijke en politieke naar voren?

Het persoonlijke en politieke zullen zeker ook in de volgende lezing voor de serie Levenskunst aan bod komen. Op 7 februari spreekt Maarten van Buuren over Machiavelli. De lezing over Martha Nussbaum is hier terug te zien.

[Verschenen op het Studium Generale nieuwsblog]



Bookmark and Share
Comments

The Social Network: 6 keer (geen) tragedie

the_social_network
Is The Social Network een moderne tragedie? De film handelt over de uitvinding van Facebook en de weg naar het grote geld voor Mark Zuckerberg, een weg die geplaveid is met een aantal (mensen)offers, vooral dat van zijn beste vriend Eduardo Saverin. In een aantal recensies (opvallend: vooral in de Vlaamse) wordt de film getypeerd als 21e-eeuwse / Amerikaanse / moderne tragedie. Dat is natuurlijk een uitgesleten uitdrukking die niet zoveel zegt, een cliché dat critici wel vaker van stal halen zonder daar verder echt iets mee te bedoelen. Maar als je de film iets serieuzer benadert als tragedie, vallen toch een aantal interessante zaken op. Vijf redenen waarom The Social Network een tragedie lijkt, en één reden waarom hij dat toch niet is.

1. De fatale vrouw
Hoewel er geen grote vrouwenrollen zijn, draait alles in The Social Network om meisjes. Wat drijft de mannen in hun streven naar de top? Vrouwen. In de eerste scène wordt Zuckerberg gedumpt - de directe aanleiding voor het ontstaan van een website waar tegenwoordig 500 miljoen mensen wereldwijd een profiel hebben. Vrouwen en seks, dat is waar de wereld op draait, aldus Zuckerberg. Hij heeft de pijnlijke les van zijn ex-vriendin heel goed geleerd en omgezet in een gigasucces.

2. De eer
Iets minder geprononceerd in The Social Network is ander klassiek tragisch motief: de eer. De film wordt verteld via twee rechtszaken die tegen Mark Zuckerberg zijn aangespannen. Uiteraard gaat het daarin om geld, een stukje van de taart. De achterliggende drijfveer, dat wat alles in beweging zet, is echter eer. De gebroeders Winklevoss klagen Zuckerberg aan omdat hij hun idee zou hebben gestolen. Wanneer besluiten ze om naar de rechter te stappen om hun gelijk te halen? Nadat ze een belangrijke roeiwedstrijd verliezen, van - kan het meer onterend - 'the Dutchies'. (Terwijl het eerder onterend werd gevonden om als Harvard man je gelijk bij de rechter te bevechten.) En dan die rare vriendschap tussen Zuckerberg en Saverin die gedoemd is kapot te gaan. 'Is het omdat ik werd toegelaten tot de Phoenix-club en jij niet?' vraagt Saverin aan zijn voormalige boezemvriend. Hoe kinderachtig het ook is, hoe onbelangrijk zo’n clubje ook klinkt, de wereld draait op dit soort trivialiteiten. De sociale vorm van het butterfly-effect is de rode draad in deze film. Excellent.

3. De dunne scheidslijn tussen mannenvriendschap en rivaliteit
Zie 2. De eer.

4. Toeval
Alle bovenstaande redenen zijn samen te vatten onder de noemer 'toeval', beter: 'onvermijdelijk toeval'. Dat is weer een andere, seculiere manier om te zeggen: noodlot. Klinkt paradoxaal, onvermijdelijk toeval. Iets wat onvermijdelijk is, is geen toeval toch? Misschien niet. Het onvermijdelijke kiest een toevallige vorm om zich te manifesteren. Neem het meisje bij wie Sean Parker, latere zakenpartner van Zuckerberg, voor het eerst hoort over Facebook. (Overigens: weer een meisje dat richting geeft aan het streven van een man.) Dat meisje is totaal onbelangrijk, wie zij is, is toevallig. Maar dat Parker in contact moest komen met Facebook, is onvermijdelijk. Het hele verhaal van The Social Network is op deze manier te ontleden.

5. De held
Dat Zuckerberg uit die berg toevalligheden de juiste kansen weet te pikken, maakt van hem een held. Een van de interessantste dingen van de film vond ik de manier waarop de geest van Zuckerberg wordt verbeeld. Je leert niets over zijn gevoelsleven of zijn innerlijke gedachten, je zult het moeten doen met wat hij hardop zegt. (Wat een opluchting om eens niet lastig te worden gevallen door een voice-over.) Uit wat hij zegt en ook hóe hij het zegt blijkt de werking van een bijzondere geest. Merkwaardige associaties en gedachtensprongen, afgevuurd in een razendsnel tempo. Hij heeft een scherp oog voor kansen, hij herkent in het toevallige het onvermijdelijke. Voortdurend vertaalt hij individuele hang-ups naar algemene concepten. Briljant. De hele film vertrekt uit de juridische vraag of hij nu wel of niet het Facebook zelf bedacht heeft. Maar uiteindelijk gaat het erom dat hij Facebook herkend heeft als the next big thing.

6. Geen ondergang
Toch is The Social Network geen tragedie en Zuckerberg geen tragische held. Een tragische held creëert met zijn scherpe geest, gedreven door vrouwen of eer geen miljardenbedrijf, maar zijn eigen ondergang. Hij maakt met de beste bedoelingen krachten los die hij niet kan beheersen en die hem zullen doden of krankzinnig maken. Denk maar aan Oedipus, of Romeo en Julia. Goed, Zuckerberg verliest zijn beste vriend, maar hij krijgt er een nieuwe voor terug. Hij verlangt nog steeds naar het meisje dat hem (terecht) aan de kant heeft gezet, zonder hoop dat zij het verlangen ooit zal beantwoorden. Maar dat is nou niet echt genoeg om van een tragisch einde te spreken. Het verhaal ís natuurlijk ook nog lang niet geëindigd. Zuckerberg heeft naar het schijnt gezegd dat hij het jammer vindt dat er een film over hem is gemaakt terwijl hij nog leeft. Dat kan ik me van hem voorstellen. Voor de kijker is juist het feit dat deze film een verhaal vertelt dat in werkelijkheid zich nog aan het ontvouwen is, fascinerend en buitengewoon post-post-postmodern.



Bookmark and Share
Comments

Alain de Botton over mislukking (en succes)

We wouldn't call Hamlet a loser, he is someone who has lost.
(Alain de Botton, TEDTalk A kinder, gentler philosophy of success)

Dit citaat is onvertaalbaar en prachtig. Het duidt precies aan wat tragiek inhoudt: verliezen van het leven, zonder een mislukkeling te zijn. Er gaat ook een grote troost van uit. Ik schreef in Mislukking en het karakter als catastrofe: 'Graven tot op de bodem van je catastrofale karakter, de mislukking recht in de ogen kijken en weer omhoog klimmen om de hele wereld je vondsten te tonen.’

Dat is wat Hamlet (Shakespeare) heeft gedaan. Misschien moet er geen mislukking staan, maar verlies. Het leven is een aanhoudende strijd met de wereld en uiteindelijk verliest iedereen. Door je verlies te tonen aan de wereld van wie je hebt verloren, boek je toch nog een symbolische overwinning. Wel oppassen dat je je niet verliest in de glorie van het verlies en via de omgekeerde weg van slachtoffercultus jezelf als overwinnaar ziet.





Bookmark and Share
Comments

Vitaliteit en melancholie: over popmuziek

robert_johnson
Vitaliteit en melancholie: dat is wat Maarten Steenmeijer in muziek zoekt, zo concludeerde hij in zijn lezing Verslaafd aan popmuziek bij het Soeterbeeck Zomercafé, afgelopen dinsdag. Vitaliteit en melancholie, dat is mooi gezegd en herkenbaar, dat is ook wat ik zoek. Of draait álle popmuziek soms om die combinatie van vitaliteit en melancholie?

Lees verder
Comments