Zou je jezelf je eigen leven toewensen?

titaantjes_waren_we
Stel je voor, je krijgt de kans om een brief te sturen aan je jongere ik. Wat zou je erin zetten? Welke kennis wil je jezelf meegeven, voor welke misstappen jezelf behoeden? In Titaantjes waren we staan 75 brieven van Nederlandse auteurs aan hun jongere ik. Het boek verschijnt ter gelegenheid van de Boekenweek. Voor 8WEEKLY schreef ik er een recensie over. Maar op de echt interessante vragen kun je in een recensie eigenlijk niet ingaan.

Boeken waarin de schrijvers een duidelijke opdracht is gesteld, verleiden de lezer haast automatisch ertoe die opdracht zelf ook te vervullen, al is het maar in gedachten. De lezer zal een stuk eerlijker zijn, omdat niemand de brief zal lezen. Bij het zoveelste 'wees gerust, alles komt goed' in Titaantjes waren we, kon ik een gaap niet meer onderdrukken. Waren dit echte schrijvers? Waar was hun verbeeldingskracht dan gebleven? Ik bedoel niet dat het van weinig fantasie getuigt om uit te komen op 'alles komt goed' (hoewel dat ook zeker zo is). Ik bedoel dat zij blijkbaar zijn vergeten wat er in de tussenliggende tijd gebeurd is en zich niet kunnen voorstellen wat er nog staat te gebeuren.

Wie weet lopen ze morgen onder een tram. Of erger nog, hun kind. Krijgen ze kanker. Of erger nog, hun kind.

Wie weet hebben ze jaren geleden iemand verloren en zijn ze daar bovenop gekomen. Ze denken dat ze kunnen zeggen 'alles komt goed'. Maar bagatelliseren ze daarmee niet de diepe ellende die de jongeling nog voor zich heeft? Vind ik wel.

Mooier zijn de brieven die het kind in ere houden. Die eerlijk en rauw zijn, zoals het leven dat dat kind tegemoet gaat. Zou je jezelf je eigen leven toewensen? Dat is nog eens een echte vraag. Bijna te eerlijk voor een gelegenheidswerk. Toch stelt Adriaan van Dis die vraag in zijn brief en het antwoord is niet vertederend, geruststellend of bagatelliserend.

Zou je jezelf je eigen leven toewensen? Ik word er bijna bang van, van zo'n vraag. Omdat er meerdere, ook negatieve antwoorden op te geven zijn. (Los van wat mijn eigen antwoord zou zijn.)

Het is een vraag die ook gesteld wordt in The Pillowman, een toneelstuk van Martin McDonagh. Op Wikipedia heet het een zwarte komedie, maar in mijn herinnering was het toch vooral zwart. De pillowman bezoekt kleine kinderen met een ellendig leven in het vooruitzicht en overtuigt ze ervan er een eind aan te maken, voor het te laat is. Geinig.

Wanneer is het te laat? Voor de meest ellendige kinderen is het bij hun geboorte al te laat. Dan rest alleen te zeggen, 'het was beter geweest als je niet was geboren', zoals Grunberg schrijft in zijn niet-geschreven brief. Zulke mistroostige woorden hebben geen plaats in een jubileumboek, vind hij. Nu staan ze er toch in, in de inleiding. Van Dis bewijst dat zo'n brief juist in een vrolijk jubileumboek waarin alles goed komt, tot de beste van het geheel behoort.

Lees ook mijn recensie Boekenweekessay: een jubileumboek als goudmijn op 8WEEKLY

Bookmark and Share
_________________________________________________________________________________

Gerelateerde artikelen:
blog comments powered by Disqus