Klinkende ikken

Bekentenissen van een zelfontwijker, luidt de ondertitel van Atte Jongstra’s Klinkende ikken. Op de omslag zit Jongstra voor een dubbele spiegel die hem tot in het oneindige zou kunnen weerspiegelen, ware het niet dat de afmetingen van het boek nu eenmaal beperkt zijn. Titel en omslag doen me deugd; ze doen me denken aan mijn eigen bespiegelingen over spiegelende ikken en foto’s, lenzen en aan te trekken en af te leggen identiteiten.

De inhoud van dit Privédomein wekt dezelfde indruk als de omslag: als de afmetingen van het boek niet beperkt waren geweest, had de schrijver vast tot in het oneindige door kunnen gaan met zijn bekentenissen, die in essentie de bekentenissen van een verzamelaar zijn. Voor het verzamelende ik staat de hele wereld open en ligt de oneindigheid op de loer.

Ik heb erg genoten van Klinkende ikken. Het mooiste is misschien wel dat Atte Jongstra als een afgerond mens eruit oprijst, hoezeer hij ook blijft beweren dat hij niet aan zelfkennis doet, zichzelf vreemd blijft en anderen dus ook. Omdat Jongstra een wel heel notoire verdichter is, moet ik misschien spreken van het afgeronde personage dat uit dit boek oprijst.

De beste eigenschap van dit personage is zijn nieuwsgierigheid. Zijn oog hoeft maar op een vreemde naam te vallen en hij zoekt alles erover op dat hij kan vinden. Een andere eigenschap is zijn gulheid. Hij wil alles delen met de lezer. Dat neemt je voor hem in.

Atte Jongstra is niet kieskeurig: naast de allergrootsten uit de wereldliteratuur, schenkt hij zijn leestijd en schrijfruimte ook ruimschoots aan totaal onbekende schrijvers en onderzoekers die dankzij Google aan de vergetelheid worden ontrukt. Hij is dus niet alleen gul als hij zijn vondsten met de lezer deelt, hij is ook gul met zijn aandacht.

Dat gaat natuurlijk ook makkelijk, nu Google als een permanente vergaarbak van vragen altijd voor ons klaarstaat. Ik hou er wel van als een schrijver niet moeilijk doet, maar gewoon opschrijft: dat viel me op, dus ik typte het in op Google. De kunst van Jongstra bestaat eruit dat hij uit de duizenden hits het interessante weet op te serveren. Googelen is heus niet zo makkelijk als het lijkt. Niets om je voor te schamen.

Afgelopen zomer besprak Jongstra voor NRC een aantal litblogs, literaire blogs. Hij begon met een mooie beginselverklaring van een internetadept: ‘Want de litblog is een prachtig middel, je brengt de actualiteit in het op zichzelf al zeer veelzijdige medium dat we website noemen. Dat de noodlijdende literaire tijdschriften in Nederland niet al lang zijn overgestapt op de blog als publicatiemiddel is mij een raadsel. Het werkt. Ik ga dat demonstreren in deze rubriek.’ Die uitwerking viel vies tegen en de demonstratie bleef uit. De ene helft van de blogs werd niet meer bijgehouden, andere waren weer niet echt literair te noemen. Er verschenen maar zes afleveringen.

Ik denk dat Atte Jongstra zelf een blog moet beginnen. De afmetingen van het web zijn immers onbeperkt. Vele ikken wachten erop geboren te worden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *