Wie het niet ziet moet beter kijken: brief aan Jan Hanlo

Voor de bijlage van De Groene ter gelegenheid van de Jan Hanlo Essayprijzen, schreef ik ‘terug’ aan de naamgever van de prijs die ik ooit zo gelukkig was te winnen.

Beste Jan,

Dank je wel voor de geruststelling. ‘Een verstandige vader’, zoals de titel luidt van de tekst die me toevallig onder ogen kwam, dat klinkt meteen al veilig en vertrouwd. Meer dan een verstandige vader heb je niet nodig. Het spreekt voor zich dat kinderen naar zo iemand luisteren, dat ook wij naar zo iemand zouden luisteren zodra we hem zouden horen spreken.

Het klinkt ook ouderwets, ‘verstandige vader’. Vreemd eigenlijk, dat twee woorden die toch niet heel ondagelijks zijn, bij elkaar gezet een mirage van voorbije tijden voortoveren. Of laat ik zeggen: niet van voorbije tijden, want of die tijden er ooit waren is nog maar de vraag, maar van tijden die in een sprookjesachtig buitengebied lijken te liggen, nooit werkelijkheid geweest en tegelijk juist altijd al bestaan, in de verhalen die mensen elkaar vertellen en die ze nog wel even zullen blijven herhalen. Het rijk der sprookjes en fabelen. Daar waar woorden zomaar in hun tegendeel kunnen verkeren en mensen, dieren en getallen ontsnappen aan de wetten van de natuur en de filosofen.

Die verstandige vader is een Vader van een jeugdherberg. Een groep van elf kinderen komt daar – zonder enige begeleiding – aan. Waar ze vandaan komen weet niemand, waar ze naartoe op weg zijn evenmin. Vader vraagt er niet naar, hij lijkt te handelen naar de wetten van gastvrijheid. Het moet al ’s avonds laat zijn als ze arriveren, want de kinderen maken zich direct gereed om naar bed te gaan. Dan rijzen de problemen. Terwijl Vader maar tien slaapplaatsen heeft, verlangen de elf kinderen ieder hun eigen bed (wat doet vermoeden dat het niet om broers en zussen gaat, maar om kinderen van god en iedereen verlaten, die alleen nog hun eigen lijf te redden hebben). Wat te doen?

Een verstandige vader

In een jeugdherberg komt een groep van 11 kinderen. Er zijn maar 10 bedden. Elk kind wil afzonderlijk in een eigen bed slapen. Ik zal zien wat ik doen kan, zegt de Vader van de jeugdherberg. Hij geeft kind nr. 1 een bed en stopt kind nr. 11 voorlopig – onder protest, maar dat doet er niet toe – bij kind nr. 1. In het tweede bed stopt hij het volgende kind, in het derde het dan volgende kind, en zo door. Tot en met het achtste bed liggen er dus al negen kinderen in bed, met dien verstande dat twee kinderen tijdelijk samen in één bed liggen. Voor het tiende kind is er bed nr. 9. Voor het in bange twijfel verkerende elfde kind is er dan gelukkig bed nr. 10 over, dat natuurlijk met vaart en gejuich bezet wordt. De Vader kreeg in deze schikking tenslotte zo’n handigheid, dat hij later zelfs vijftien kinderen in zijn tien bedden onderbracht, zó dat ieder een bed voor zich alleen had.

Jan Hanlo
Uit: In een gewoon rijtuig, 1966

Ik las het prozagedicht in eerste instantie niet als sprookje maar als een wiskundig raadsel. Er was een tijd – misschien even fabelachtig als de voorbije tijden van verstandige vaders – waarin wiskunde en sprookje elkaar raakten. Alles had een mythische kwaliteit. De paradox van Zeno over Achilles en de schildpad: is dat niet een wiskundig sprookje? Achilles zal de schildpad die een voorsprong heeft gekregen nooit inhalen vanwege de aard van de getallen, die oneindig deelbaar zijn door twee: steeds als Achilles de helft van de weg heeft afgelegd, heeft de schildpad dat immers ook. Zijn voorsprong is even oneindig als de deelbaarheid van het getal. Een gelukkig einde blijft uit, maar dat geldt voor vele sprookjes.

De Vader van de jeugdherberg blijft nuchter onder het hem gestelde probleem, hij laat zich niet uit het veld slaan maar begint bij het begin. Hij stopt het eerste en het elfde kind voorlopig bij elkaar in één bed, ‘onder protest, maar dat doet er niet toe’. Het volgende kind gaat in het tweede bed, dan het volgende in het derde, het vierde, het vijfde. ‘Tot en met het achtste bed liggen er dus al negen kinderen in bed’, en op het eind is er met andere woorden een bed over, waar dan het elfde kind alsnog zijn eigen slaapplaats krijgt.

Het lijkt tovenarij, de objecten waarnaar de getallen verwijzen vermenigvuldigen zich (bijna) ongezien. Maar het is eerder een goocheltruc met woorden. En zoals dat gaat met een goocheltruc, heb je hem alleen door als je ervan wegkijkt. Zolang ik lees, kan ik niet anders dan geloven. (Nota bene in iemand die Vader heet.) Dat klinkt alsof het om een parabel over literatuur gaat. Je ogen vallen op de tekst en een andere wereld wordt waarheid – een wereld waarvan je weet dat die niet ‘echt’ is, al bestaat die wereld natuurlijk wel degelijk, in elk geval zolang als je ogen de woorden volgen en in de beste gevallen tot nog lang daarna.

Een beetje saai is het ook, die willing suspension of disbelief en zo, dat weten we nu wel. Bovendien: literatuur een goocheltruc noemen, is er een grotere belediging denkbaar? De reden dat ik over de Vader schrijf is dan ook omdat dit sprookje-als-wiskundig-raadsel niet stopt bij de goocheltruc. Vader is niet zomaar een slimmerik die een probleem aanpakt als een uitdaging, zijn klanten door de systemen perst zodat hij op het eind een rekening kan presenteren. Zo prozaïsch mag het niet zijn. Hij gaat voort, ook nadat het elfde kind ‘met vaart en gejuich’ in het laatste bed is geklommen.

Vader neemt een sprong tot voorbij de schildpad, ins Blaue hinein, het absurdisme in. Want als het met elf kinderen lukt, waarom dan niet met twaalf? En als met twaalf, waarom niet met dertien? ‘De Vader kreeg in deze schikking tenslotte zo’n handigheid, dat hij later zelfs vijftien kinderen in zijn tien bedden onderbracht, zó dat ieder een bed voor zich alleen had.’ De initiële geruststelling van een kloppend universum blijkt een illusie, explodeert in het gezicht van de lezer. Dit is geen goochelshow maar dada! En Vader doet sliepuit naar de wiskundigen en filosofen.

Het onmogelijke is mogelijk, er is altijd nog een kind te herbergen. Wie het niet ziet, moet beter kijken. Dank je wel, voor die geruststelling.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *