Nietzsches ‘dood van God’ maakt de weg vrij voor een authentieke levenskunst

levenskunst

Friedrich Nietzsche staat wel bekend als ‘de filosoof met de hamer’. Zijn uitspraak ‘God is dood’ is zelfs op T-shirts terug te vinden. Nietzsche is ook te lezen als filosoof van de levenskunst, waarbij het gaat om zelfstilering en bevestiging van het leven. Hoe zijn deze twee interpretaties met elkaar te rijmen? Joep Dohmen gaf in zijn lezing voor de serie Levenskunst vorig najaar een grondige inleiding op Nietzsches moraal en op de oproep tot zelfverwerkelijking die daar nog steeds van uitgaat.

Nietzsche onderscheidt twee soorten moraal: aan de ene kant de antieke levenskunst die bestaat uit zelfstilering, aan de andere kant de christelijke moraal die gebaseerd is op het gehoorzamen aan de wet. De christelijke moraal is in de loop van de eeuwen dominant geworden. Nietzsche noemt de twee de ‘slavenmoraal’ en de ‘herenmoraal’. Voor hem zijn ze niet neutraal; de herenmoraal schrijft hij hoger aan. Mensen, heren en slaven, zijn ongelijkwaardig aan elkaar. (Zie ook Twee soorten moraal: Voorbij goed en kwaad, Boek IX, 260.)

Nietzsches filosofie is een analyse van de moderniteit, die zich kenmerkt door emancipatie en gepaard gaat met onzekerheid en twijfel. Autoriteiten hebben afgedaan en gemeenschappelijke doelen bestaan niet meer. Ondertussen blijft de moraal traditioneel, door en door christelijk – een slavenmoraal. Niet echt een moraal die de mens helpt emanciperen. Mensen zoeken altijd veiligheid en garanties, die ze helpen bij hun onzekerheden. Maar dat werkt je eigenlijk alleen maar tegen. Het gaat erom jezelf te ontwikkelen tot een persoonlijkheid, die ‘ja’ zegt tegen het leven en je niet als een slaaf te conformeren aan de groep.

Nihilisme is het meest extreme gevolg van het verval van tradities. Er is geen enkel leidend, absoluut principe. De uiterste consequentie van het nihilisme is de dood van God. (Zie ook De dolle mens, De vrolijke wetenschap, 125.) Toch betekent Nietzsches nihilisme niet dat hij een cultuurpessimist is. De dood van God biedt de mogelijkheid van een nieuw begin en maakt de weg vrij voor een authentieke levensstijl, oftewel een terugkeer naar de antieke herenmoraal.

Waaruit bestaat die levenskunst van zelfstilering? Er is geen set van gegeven waarden waar je je aan moet conformeren. Het gaat om het zoeken en scheppen van je eigen waarden. Op basis daarvan kom je dan tot een gestileerd karakter. Zelfkennis, oefening, het bezit van smaak om goed en slecht te beoordelen, het hebben van een doel zijn onderdelen daarvan.

Nietzsche past hiermee in de reeks filosofen die authenticiteit voorop stellen. De hedendaagse filosoof Charles Taylor heeft het streven naar authenticiteit in onze postmoderne tijd tot thema gemaakt. Kijk hier de hele lezing over Nietzsche terug.

Authenticiteit en eigenbelang: het lastige evenwicht van de honnête homme

levenskunst

François de La Rochefoucauld is bekend van zijn maximes: puntige uitspraken over de mens. Ze verschenen in een vertaling van Maarten van Buuren bij de Historische Uitgeverij. In de serie Levenkunst hield Van Buuren dit najaar een lezing over La Rochefoucauld. Hij vertelde hoe hij in de maximes een heel nieuwe laag ontdekte, toen hij er ter voorbereiding van de lezing met een ethische bril naar keek. De maximes achtervolgen de lezer met vragen die hem in zijn waarden confronteren. Houdt de auteur mij een spiegel op of herken ik me totaal niet?

La Rochefoucauld leidde een turbulent leven in zeventiende-eeuws Frankrijk. Met zijn vrienden had hij een bijzonder tijdverdrijf: het schrijven van maximen, die ze onder elkaar lieten circuleren. In 1664 liet La Rochefoucauld zijn eigen maximen drukken.

In de maximes ontmaskert La Rochefoucauld de oude moraal, die hij huichelachtig vindt. Zowel de christelijke moraal van bescheidenheid, waarachter eigenlijk eigenliefde schuilgaat, als de oude adellijke moraal die teruggaat op de ridderlijke waarden breekt La Rochefoucauld af tot op de grond. Hij formuleert een eigen moraal – of misschien anti-moraal – die niet gebaseerd is op goed en kwaad, maar op sterk en zwak. Hiermee bereidt hij de weg voor Nietzsche, die ook zijn oeuvre zal bouwen rond kracht en zwakte als centrale waarden.

Die nieuwe moraal moet op de puinhopen van de oude opgebouwd worden. Daarbij is het begrip ‘honnête homme’ belangrijk. Je moet je passend gedragen, in gezelschap en als individu. De honnête homme kan zich sociaal aanpassen aan de kringen waarin hij verkeert en valt ook samen met zichzelf en zijn eigen waarheid. Het gaat er niet om de waarden van anderen of van de maatschappij te imiteren. De notie van authenticiteit, die in de levenskunst centraal staat, krijgt hier al vorm. Niettemin benadrukt La Rochefoucauld telkens weer dat de mens in alles gedreven wordt door eigenbelang. Authenticiteit en eigenbelang: hoe verhouden die twee zich tot elkaar?

Kijk de hele lezing La Rochefoucauld. De mens ontmaskerd terug

Michel de Montaigne: De melancholie van de wijsheid

levenskunst

Had Michel de Montaigne in deze tijden geleefd in plaats van in de zestiende eeuw, dan had hij misschien wel een weblog bijgehouden. Want het zelfonderzoek van Montaigne, samengebracht in zijn Essays, had goed gepast bij de open en onderzoekende vorm van een weblog (het was dan het weblog op zijn best geweest). Ook daarin hangt alles met elkaar samen. De schrijver verwijst naar hoge en lage, de hedendaagse en voorbije cultuur – in Montaignes tijd vaak Latijnse citaten, in deze tijd filmpjes van Youtube. En het weblog is nooit af, net als de Essays. Steeds keerde Montaigne terug naar zijn tekst, verwerkte reacties van anderen, schrapte en herschreef.

Het is een intrigerend beeld dat Joep Dohmen van een virtuele Montaigne schept. In zijn lezing in de serie Levenskunst gaat hij nader in op de morele houding die uit de Essays te destilleren is. Het begin is beroemd: Montaigne verklaart dat hij een leven zonder opsmuk wil beschrijven, ‘naakt’. Niet zomaar een leven, zijn eigen leven. Waarom schetst Montaigne zijn zelfportret zo ‘gewoontjes’? En is het geen valse bescheidenheid, is Montaigne eigenlijk niet verblind door ijdelheid als hij zichzelf zo op de voorgrond plaatst, zoals Pascal beweerde?

Een van de belangrijkste dingen van de Essays is de activiteit van het schrijven zelf. Het schrijven is een vorm van zelfonderzoek. En zelfkennis, zo stel Montaigne, is een opdracht van elke mens. Alleen door heel nauwkeurig en eerlijk jezelf te bestuderen, kun je je oordeelsvermogen scherpen. Dat is nodig om met de veranderlijkheid om te kunnen gaan, die de mens en het leven kenmerkt. Veranderlijkheid ook een kenmerk van het essay, dat een zoekende vorm is. Vorm en inhoud vallen hier samen.

Zelfkennis is dus te vinden bij het schrijfproces. Montaigne trekt zich terug en probeert zichzelf via zijn teksten te begrijpen. Dit gaat eerst aan de hand van citaten van illustere voorbeelden, later gebruikt Montaigne steeds meer zijn eigen stem en vindt hij een persoonlijke uitdrukkingsvorm. Het zoeken en verwijzen betekent geenszins dat de diepte wordt geschuwd. Hoewel Montaigne erg grappig is, treffen zijn inzichten in de mens door hun nauwkeurigheid, die tegelijk algemeen is. Montaigne is een voorloper én een voorbeeld voor de moderne bloggers, stelt Dohmen. Laten we hopen dat onder hen iemand zit die evenveel vreugde en wijsheid brengt.