Leestips voor een zomer met een filosofisch tintje

Dikke thrillers zijn het geijkte leesvoer op vakantie. Niks mis mee. Wil je toch ook eens iets anders? Hieronder mijn leestips voor een zomer met een filosofisch tintje. Niet te lang en niet te dik, niet te moeilijk maar zeker ook niet te makkelijk, goed te doen op de camping met een glas witte wijn erbij, stof tot nadenken en voor gesprekken onder de sterrenhemel.

1. Alain de Botton – De kunst van het reizen
Het ultieme vakantieboek. Waarom gaan mensen op reis? Steeds meer en steeds verder? Hoe zorg je ervoor dat je het vakantiegevoel langer vasthoudt? Het mooist vind ik het hoofdstuk over het vastleggen van herinneringen en details. Hoe? Door te tekenen. Al tijdens het lezen van dit boek, zul je je vakantie anders beleven, dat garandeer ik. Met plaatjes! (10 euro)

2. Ryszard Kapuscinski – Ebbenhout
Het ultieme boek over Afrika. Afrika? Ja, zelfs al mocht je niets hebben met Afrika dan is dit boek een aanrader, omdat het je beeld van Afrika voorgoed verandert. Ik ken tientallen mensen die met tegenzin aan dit boek begonnen en het vervolgens aan hun hele vriendenkring cadeau hebben gedaan. Ik was er zelf één van. Kapuscinski is de journalist met negen levens. Hoe overleef je de Sahara, een staatsgreep en vuistgrote kakkerlakken, en dat allemaal op één dag? Hij leert het je.

3. Montaigne – Essays
Alle essays bij elkaar maken een baksteen van een boek. Maar kies er een paar uit (sommige zijn maar twee bladzijden lang) en geniet van de humor en scherpte van Montaigne. Wedden dat je daarna wenst dat je hem zou kunnen ontmoeten, om met hem te proosten en met hem onder de sterrenhemel verder te praten? Er zijn kleine, thematische bundeltjes verschenen van een aantal essays, over toeval, het uiterlijk, de liefde en de vriendschap. Het leukst is natuurlijk om uit de baksteen je eigen selectie te maken. Over droefgeestigheid, kannibalen en een gedrochtelijk kind.

4. Nietzsche – Schopenhauer als opvoeder
Hier heb ik al vaker over geschreven. In negentig (leesbare!) pagina’s zet Nietzsche je op scherp. Het stuk is een zelfhulpboek avant-la-lettre. Zonder de open deuren, stijlfouten en tenenkrommende bekentenissen van de populair-psychologische esoterie die vandaag de dag de wereld overstelpt. Mét opdrachten, tips en aforismen die je gedachten doen rillen van zelfbewustzijn. Onderdeel van de Oneigentijdse beschouwingen.

5. Kierkegaard – De ongelukkigste
Doe mij een plezier en lees eens iets van Søren Kierkegaard, de Deense filosoof en vader van het existentialisme. Bijvoorbeeld een stuk uit Of/of: ‘De ongelukkigste’. Niet het vrolijkste stuk (twaalf pagina’s ellende), maar wel huiveringwekkend mooi: ‘Zoals bekend moet ergens in Engeland een graf zijn, dat zich niet onderscheidt door een prachtig monument of een weemoedig stemmende omgeving, maar door een korte inscriptie – “de ongelukkigste”. Naar verluidt heeft men het graf geopend, maar geen spoor gevonden van een lijk.’

6. Rob Wijnberg – Boeiuh
Behoefte aan iets actuelers? Als je Boeiuh nog niet gelezen hebt, moet je dat zeker doen. Rob Wijnberg schrijft in dit pamflet over zijn eigen generatie (ook nog net de mijne, denk ik). Op een betrokken en persoonlijke manier. Ik ben het niet overal mee eens, maar dat zet juist aan het denken. Van Temptation Island tot wetenschap en filosofie, en van de Amsterdamse uitgaansscène tot information overlaad.

7. Marjolijn Februari, Roel Bentz van den Berg
De twee beste essayisten van Nederland (in my humble opinion) wil ik ook nog noemen. Wil je eens een keer een essay lezen, kies er een van Februari of Bentz van den Berg. De kunst van het essayschrijven beheersen ze tot in de puntjes: ze zijn persoonlijk maar stijgen boven zichzelf uit, ze zijn stellig in hun twijfel, ze schrijven kraakhelder en met humor, ze kruipen onder je huid zonder dat je het door hebt. En ideaal voor de vakantie: je kunt af en toe een hapje nemen en daarna weer verder razen door het een of andere spannende boek. Ik denk dat ik wel weet wat blijft hangen.

10 schrijvers en denkers over Levenskunst

1. Schrijven is een vorm van zelfonderzoek. Door je gedachten te ordenen en onder woorden te brengen, vergaar je zelfkennis. Zelfkennis is een voorwaarde voor een goed leven: je leert omgaan met de veranderlijke aard van het leven. Schrijven biedt daarbij een houvast, maar ook de mogelijkheid om op onderzoek uit te gaan en ideeën uit te proberen. Had Montaigne nu geleefd, dan had hij vast een weblog gehad.
Michel de Montaigne: De melancholie van de wijsheid

2. Lezen is een vorm van zelfonderzoek. Filosofische of literaire teksten, zoals de maximes van La Rochefoucauld, confronteren de lezer met zijn waarden, door een andere (interpretatie van de) werkelijkheid voor te spiegelen. Soms is die confrontatie zo heftig dat je liever niet verder leest. Maar juist dan is het zaak om zo eerlijk mogelijk jezelf in de ogen te zien.
La Rochefoucauld: Authenticiteit en eigenbelang – het lastige evenwicht van de honnête homme

3. Schep je eigen waarden, los van de groep. Mensen zoeken aansluiting bij groepen en ideologieën, omdat ze onzeker zijn en beschermd willen worden. Maar dat werkt je eigenlijk alleen maar tegen. Er is geen set van gegeven waarden die absoluut is en waar je je aan moet conformeren. Levenskunst gaat om het zoeken en scheppen van je eigen waarden.
Friedrich Nietzsche: ‘De dood van God’ maakt de weg vrij voor een authentieke levenskunst

4. Er zijn geen antwoorden, alleen standpunten. Als God dood is, is dan alles geoorloofd? Misschien, misschien ook niet. De literatuur kan beide antwoorden in hetzelfde werk geven, zoals in de grote romans van Dostojevski. Hij toont meerdere theorieën en gezichtspunten zonder een oordeel te vellen. Het is aan de lezer om de polyfone perspectieven te onderzoeken en tegen elkaar af te wegen en zijn eigen standpunt in te nemen.
Fjodor Dostojevski: Mensen zijn dom en slecht

5. Levenskunst is zorg voor jezelf. Het doel van levenskunst is vrijheid. Datgene wat de vrijheid om je leven vorm te geven zoals je wilt in de weg zit, verdient de meeste zorg. Je leeft en zorgt altijd in een context en de vrijheid daarin is altijd beperkt. Zorg voor jezelf brengt daardoor automatisch zorg voor de ander met zich mee.
Michel Foucault: Het leven een kunstwerk

6. Ook loslaten is deel van levenskunst. In de mystieke ervaring of roes verlies je je kenmerkende eigenschappen en val je buiten de heersende moraal. Het is belangrijk om de mystieke ervaring niet meteen op te vullen met allerlei gegevenheden, maar te onderzoeken. Hoe stevig sta je in je schoenen, als de grond onder je voeten verdwijnt?
Robert Musil: Mystiek zonder God

7. Authenticiteit kan niet zonder het gemeenschappelijke. De bron van een authentieke levenshouding ligt in het individu, maar krijgt pas echt gestalte in relatie tot de ander. Dialoog en het onderzoeken van gedeelde waarden zijn essentieel in het vormgeven van je eigen leven.
Charles Taylor: ‘sociale authenticiteit’

8. De mens is absoluut vrij en absoluut alleen. Er zijn een paar gegevenheden in het leven, zoals je geslacht en je afkomst, maar er is geen doel of opdracht. Door keuzes te maken en je bewust te zijn van je verhouding tot de buitenwereld, schep je het project van je eigen leven. Pas in de praktijk van het existeren, ontstaat er zoiets als een essentie of basis.
Jean-Paul Sartre en het existentialisme

9. Cognitieve afwegingen leiden tot goede keuzes. Er zijn altijd meerdere opties als je voor een beslissing gesteld staat. Die verschillende opties kun je onderzoeken, rationeel en emotioneel en met gebruik van je voorstellingsvermogen. Dan zal je wil de juiste keuze maken en daarvoor gaan. De toekomst staat niet vast; je hebt de macht haar met je vrije wil te veranderen.
Peter Bieri / Pascal Mercier: Levenskunst als denkproces

10. Middenin de pijn staan en hard stampen. Via onderzoek naar je meest pijnlijke en duistere ervaringen, kom je tot de kern van wat het betekent om mens te zijn en jezelf te zijn. Hoe doe je dat? Door veel te lezen en door te schrijven. Want, zo leerde Montaigne al: schrijven is een vorm van zelfonderzoek.
Michel Houellebecq: alleen in boeken jezelf kunnen zijn

Kijk de volledige lezingen over deze schrijvers en denkers terug via de website van Studium Generale.

10 filosofische vragen op weg naar zelfkennis

vraagteken

Zelfkennis is een belangrijk thema op dit blog. Filosofische zelfkennis welteverstaan, niet zelfkennis die berust op psychologie van de koude grond, waar zelfhulpboeken zo goed in zijn. Wat is dan filosofische zelfkennis en hoe kom je eraan? Dat is iets waar ik de komende tijd vaker over zal berichten. Zelfkennis krijg je pas als je een nietsontziende eerlijkheid tegenover jezelf bezigt en jezelf voortdurend een spiegel voorhoudt.

Hieronder tien vragen om jezelf te stellen, op weg naar filosofische zelfkennis. Het zijn vragen die eerder voorbij zijn gekomen, onder elkaar gezet met linkjes erbij naar de betreffende posts. Lijkt een beetje op een zelfhulpboek? Misschien. Ik spreek je aan de andere kant nog wel. Eén ding nog: neem nooit genoegen met je eerste antwoord.
Lees ook 10 filosofische vragen om over het verhaal van je leven na te denken

Ik begin met een trits vragen die aan de oppervlakte raken.
1. In welk hokje zou ik mezelf stoppen? Oftewel: wie ben je en waar onderscheidt zich dat door? Iedereen bezit bepaalde kenmerken, die je een identiteit geven in de buitenwereld. Welke daarvan vind je belangrijk? Hoogopgeleid zijn, kinderen hebben, hedonist of asceet zijn. Of de kenmerken verder gaan dan de buitenkant, doet er even niet toe.

2. Tot welke groep behoor ik? Deze vraag sluit aan op 1, maar heeft te maken met het milieu waarmee je je identificeert. Je behoort tot meerdere groepen in de maatschappij, maar met welke voel je je verbonden: studenten, werkende moeders, Marokkanen of bejaarden? En waarom?

3. Welke materiële zaken dragen dat uit? Ik was drie dagen op reis voor Studium Generale en kwam erachter dat mijn mobiele internet niet werkt in Berlijn. Dat zorgde voor enige paniek, maar ook had ik meteen aansluiting met de andere internetverslaafden in de groep. (Zie ook: Help, wie ben ik!)

Wie je bent, heeft te maken met hoe je verschilt van al die andere mensen op de wereld. Niet alleen aan de buitenkant en in de statistiek, maar ook in je opvattingen en overtuigingen.
4. Ben ik een optimist of een pessimist? Lijkt makkelijk, maar er zit meer achter dan je denkt. (Zie ook: Pessimisten zijn niet intelligent, maar ongelukkig)

5. Hoe verdeel ik de mensen om me heen? Als je het hebt over anderen, welke tweedelingen breng je dan aan? Zij die veel eten onder stress en zij die niets meer kunnen eten. Zij die vinden dat ze altijd te weinig doen terwijl ze heel veel werk verzetten en zij die geen last hebben van de Grote Onrust. Waarom zijn die criteria belangrijk? Ben je blij met de kant waar je zelf staat? (Zie ook: 3 manieren om de mensheid op te delen)

Als je heel veel losse eindjes hebt verzameld, heb je nog geen duidelijk beeld van jezelf, eerder information overload. Zelfkennis is óók gestructureerde kennis, die een verhaal maakt van het verleden en richting geeft aan de toekomst.
6. Wie is mijn voorbeeld? Om je betere ik te realiseren (uiteraard een proces dat je nooit kunt voltooien), moet je weten wat dat betere ik is, en om daar achter te komen, heb je een voorbeeld nodig om je op te richten. Het voorbeeld van Nietzsche was Schopenhauer, wie is dat van jou en waarom? Niet meteen zeggen: je vader.

7. Vul in: Ik … dus ik ben. Niet alleen oppervlakkige kenmerken en karaktereigenschappen bepalen wie je bent. Door je keuzes bepaal je hoe je je leven vormgeeft. Wat ligt er aan de basis van je beslissingen? Wat maakt het hart van jou als mens uit? (Zie ook: Wat maakt dat je dus bent?)

Dan is het nu tijd voor absolute eerlijkheid, een strenge blik in de afgrond van de ziel.
8. Kun je leven met de keuzes die je hebt gemaakt? Als je keuzes maakt, wordt één optie werkelijkheid en de rest verdwijnt in het niets. Kun je dat tegenover jezelf verantwoorden of heb je spijt van je beslissingen? (Zie ook: Over gewetensvragen: nogmaals Peter Bieri)

9. Wat is de leugen van jouw leven? De droom die de mens als een wortel voor zijn eigen neus laat bungelen, die hem op gang houdt, maar die voor altijd onbereikbaar blijft. ‘Mijn leven is draaglijk omdat ik me altijd dommer voordoe dan ik ben.’ Of: ooit ga ik op wereldreis, want ik ben eigenlijk niet zo burgerlijk als het lijkt. (Zie ook: Lebenslüge: even kennismaken)

10. Zou je jezelf je eigen leven toewensen? En wat als het antwoord daarop ‘nee’ is? (Zie ook: Zou je jezelf je eigen leven toewensen?)

Beste boeken van 2009

Toen ik zag dat ik 52 boeken heb afgetikt in Bookpedia, ben ik gestopt met lezen voor de rest van dit jaar. Zo’n mooi afgerond weekgemiddelde, daar moet je verder niet aankomen. Nadere beschouwing bracht dat aantal echter op 53 (probleem van zulke programma’s is dat je ze heel nauwkeurig moet bijhouden, anders heb je er niets aan). De elf niet uitgelezen of deels gelezen boeken zijn daar niet bij opgeteld.

28 boeken uit 2009 las ik (Nederlandse uitgave). Gemiddeld kregen deze boeken uit 2009 3,46 sterren. Drie boeken kregen 5 sterren, geen een boek kreeg 1 ster.

De 53 gelezen boeken ín 2009 kregen gemiddeld 3,26 sterren. Dat valt me tegen. Vijf boeken kregen 5 sterren en één boek 1 ster (deze).

Voor 8WEEKLY las ik 14 boeken, ruim één per maand dus.

Genoeg geouwehoerd, tijd voor de lijst.
Allereerst de beste boeken van 2009:
1. Michel Houellebecq en Bernard-Henri Lévy – Publieke vijanden
2. Marcel Proust – Tegen Sainte-Beuve, De kant van Swann
3. Paul Auster – Onzichtbaar

Dan de beste boeken die ik daarbij nog las in 2009:
4. Dezso Kosztolányi – De bekentenissen van Kornel Esti
5. Gebrand Bakker – Boven is het stil

De top 10 wordt aangevuld door:
6. Joris van Casteren – Lelystad (2008)
7. Chloe Aridjis – Wolken boven Berlijn (2009)
8. Atte Jongstra – Klinkende ikken (2008)
9. Paulien Cornelisse – Taal is zeg maar echt mijn ding (2009)
10. Arne van Terphoven – Het festivalgevoel (2009)

Hopelijk brengt 2010 weer heel veel mooie boeken. En anders zijn er eeuwen genoeg om uit te putten. Veel leesplezier!

Favoriete platen van 2009

1. Ghinzu – Mirror Mirror
2. Sonic Youth – The Eternal
3. Portugal. The Man – The Satanic Satanist
4. Arctic Monkeys – Humbug
5. Kasabian – The West Ryder Pauper Lunatic Asylum
6. Port O’Brien – Threadbare
7. The xx – xx
8. Who Made Who – The Plot
9. Peter Doherty – Grace / Wastelands
10. Jack Peñate – Everything Is New
11. Alberta Cross – Broken Side of Time
12. Grizzly Bear – Veckatimest

Ik vond 2009 niet echt een spectaculair muziekjaar. Daarom zijn dit ook niet de ‘beste’ platen, maar ‘favoriete’ platen. De eerste zeven vooral. Maar zeven is zo gek. Tien lukte weer niet. Zoals wanneer je een feestje geeft en weet dat als je Pietje uinodigt, je Jantje ook moet vragen. Maar met Jantje komt Keesje en voor je het weet zit je huis vol.

Enjoy!

Beste boeken van 2008

Ik ben dol op alle eindejaarslijstjes die her en der opduiken. Vooral natuurlijk om te zien of je eigen smaak een beetje overeenstemt met die van de zogenaamde kenners.

Ik was aangenaam verrast toen ik las dat de Engelse popcritici dezelfde nummer 10 in hun lijstje van beste albums uit 2008 hebben als ik, namelijk Made in the Dark van Hot Chip. Een plaat die in geen enkele andere lijst terugkomt. Ik dacht al dat ik iets raars had gedaan, maar voel me nu gesteund door de kenners der kenners.

Natuurlijk spit ik vooral de boekenlijstjes door. En door het programma Bookpedia is het nu ook heel makkelijk geworden om zelf een lijstje te maken. Net als in iTunes, waar je gewoon alle muziek uit het jaar 2008 bij elkaar zet om er een top 10 uit te halen, kun je in Bookpedia kiezen voor publicatiejaar. Omdat ik het eerste boek heb ingevoerd op 2 januari 2008, is dit het eerste jaar dat mijn leesgedrag volledig geboekstaafd is.

Oeps. Ik heb welgeteld 11 (elf) boeken uit 2008. Dat is 1,62 procent van het totaal (679 tot nu toe ingevoerd, waarvan zeker alles uit 2008 is ingevoerd). Schaamrood op de kaken.

Gelukkig houd ik ook bij welke boeken ik gelezen heb en wanneer. Laat ik dan zoeken op ‘Gelezen in 2008’. 41 boeken. Dat klinkt beter.

Een van de bijzonderheden die ik ook invul, is de status van het boek. Uit, ongelezen, mee bezig, deels gelezen (deze laatste optie is vooral handig voor poëzie). Mag ik dan bij de 41 uitgelezen boeken de vijf titels optellen die op ‘mee bezig’ staan? Maakt 46 in totaal.

Met nog een paar statistieken is wel een lijstje samen te stellen:
1. Beste boek uit 2008 is met vijf sterren Over de liefde van Doeschka Meijsing.

Andere boeken die ik dit jaar heb gelezen en die vijf sterren hebben gekregen:
2. De wandelaar van Adriaan van Dis (2007)
3. De idioot van Dostojevski (1869)
4. Honger van Knut Hamsun (1890)

Ook in de top met vier sterren staan onder andere
5. Noem me bij jouw naam van Aciman (2007)
6. Duizelingen van Sebald (1990)
7. Zapdansen van Bentz van den Berg (2005)
8. No One Belongs Here More Than You van Miranda July (2007)
9. Grafherrie van Remco Daalder (2008)

En als nummer 10, een boek dat ik dit jaar weer voor een deel heb gelezen en dat je nooit uit hebt:
10. Oneigentijdse beschouwingen van Nietzsche (1876)

Overigens kregen van de 41 gelezen boeken er 17 vier of vijf sterren, een mooie score.
Voor 2009 wens ik iedereen veel leesplezier toe!

Kwintet of sextet… septet

Cicero, de boekenbijlage van de Volkskrant, is na de zomerstop begonnen met een nieuwe reeks, getiteld ‘Het Kwintet’. Bekende schrijvers maken een lijstje van vijf boeken, plus toelichting. Het criterium: ‘Welke vijf boeken maakten een onuitwisbare indruk, bewerkstelligden revoluties in het hoofd of verdienen het domweg om te worden aanbevolen?’ Beetje flauw, dat laatste, want het doet af aan die mooie revolutie in het hoofd. Een revolutie in het hoofd: daar had Bieri het ook over voor hij zo onwrikbaar bleek als een absolute monarch.

Voorlopig zal de Volkskrant het mij niet vragen, dus dan zet ik mijn kwintet hier maar neer. Al moet erbij vermeld worden dat lijstjes niet vaker dan zeer zelden op een weblog moeten verschijnen. Een ieder is natuurlijk uitgenodigd om niet op een journalist van de Volkskrant te blijven wachten, maar hieronder ook schaamteloos zijn bijdrage te leveren.

Oké, daar gaan we, in chronologische volgorde:

0. De dolle tweeling-reeks van Enid Blyton.
Kijk, hier beginnen de problemen. Zou ik De dolle tweeling aan iemand anders aanraden dan mijn overbuurmeisje? Nee. Maar die boeken bewerkstelligden een revolutie in mijn hoofd. Nachtelijke feestjes, poetsen bakken bij mam’selle, uitzieken op de zaal bij matrone, lacrosse spelen en elk jaar een langere rok dragen: ik kan die boekjes nog woordelijk uitspellen. Ik wás Pat en Ann, en ondeugende Janet, lieve Hillary en norse Prudence. Een veilig bad vanwaaruit het avontuur op je lag te wachten.

Oké, ik begin opnieuw:

1. De verhalen van Edgar Allan Poe.
Op een zeker moment blijkt dat veilige bad zo lek als een mandje. Eigenlijk is het onbegrijpelijke, halfdode, op het punt van instorten verkerende veel mooier! Denk maar aan ruïnes.

2. Essays van Montaigne.
Nog steeds een torenhoog voorbeeld van hoe je al schrijvende je eigen leventje kunt inzetten in een filosofische onderzoeking. En wie verwacht nou dat een Franse burgemeester uit de zestiende eeuw zo grappig kan zijn, zonder iets aan eruditie en zeggingskracht in te leveren?

3. Iets van Derrida.
Ik geef meteen toe: ik heb nog nooit een heel boek van Derrida gelezen. Die paar korte stukken waren echter voldoende om een jaar lang in louter tekst te leven, in een platte werkelijkheid waar alles naar alles verwijst, zonder beperking, zonder dogma. Nog een voorgoed gestanst streven: hoe hij een tekst fileert tot op de milimeter en die tegelijk in een associatieve context zet die mijlen breed is, dat wil ik ook.

4. Op zoek naar de verloren tijd van Marcel Proust.
Dit boek heeft letterlijk mijn leven veranderd. Ik las het, de dingen vielen op zijn plek en ik ben nooit meer dezelfde geweest. Zou dat ook een tweede keer kunnen gebeuren? Proust heeft een blauwdruk geschreven, zoniet van de menselijke emoties, dan toch van de mijne. Daarbij verwoordt hij waarom de mens leest en schrijft, en de absolute noodzaak daarvan. Hoe hij de schaamte overwint om een schrijvende staat van oprechtheid te bereiken: zo moet dat dus. Verbloem ik de zaken omdat ik me schaam voor mezelf? Gebruik ik ingesleten woorden om te verhullen wat ik eigenlijk wil zeggen? Het antwoord is altijd ‘ja’, Proust dwingt je zo ver te gaan dat het in de buurt van een ‘nee’ komt.

5. De Asielzoeker van Arnon Grunberg.
Deze roman las ik drie maanden na de dood van mijn vader en vier maanden na het verbreken van een lange relatie en heeft me als een soort Baron von Münchhausen aan mijn haren uit het moeras getrokken. Dat is pijnlijk. Maar het kan dus. Vreemd dat anderen bij dit boek alleen maar smakelijk hebben moeten lachen terwijl ik heb gehuild als een wolf bij volle maan.

Sorry… 6. Het zijn en het niet van Jean-Paul Sartre moet er ook echt bij… Je hebt altijd een keus, ik kies ervoor om van mijn kwintet een sextet te maken… of is het al een septet…

Overigens voerde Boeken van NRC Handelsblad ooit de reeks ‘Het beslissende boek van…’ Als ik er uit mijn sextet / septet één moet kiezen als beslissendste boek, dan is het Proust. P.F. Thomèse, de eerste die zijn kwintet mag toelichten in de Volkskrant van vorige week, noemt ook Proust – Contre Sainte-Beuve. Binnenkort meen ik in vertaling beschikbaar.

Lees hier over ‘Het beslissende boek van…’ mijn vader Gerard Rasch.

En lees hier een mooi interview met Atte Jongstra, die naast Augustinus de Privé heeft liggen. Over Bildung gesproken.

Wie volgt?