Daniel Gilbert: over tegenslag en geluk

Stel, je wordt voor het altaar verlaten. Dat moet wel een van de meest dramatische gebeurtenissen van je leven zijn. Het ergste wat je kan overkomen, iets wat niemand mee wil maken. Maar stel: je vraagt een aantal mannen en vrouwen die het hebben meegemaakt, die daadwerkelijk voor het altaar zijn verlaten, hoe ze die gebeurtenis zouden beschrijven. Als het ergste wat ze ooit is overkomen? Of als het beste? Tien tegen één dat een flink deel zal zeggen: verlaten worden voor het altaar is het beste wat me ooit is overkomen.

Psycholoog Daniel Gilbert, van wie dit voorbeeld afkomstig is, doet onderzoek naar hoe mensen hun toekomstig (geluks)gevoel weten in te schatten. Niet zo goed, zo blijkt. En dat vooral omdat de impact van gebeurtenissen veel groter wordt geacht dan ze in werkelijkheid is. Neem het verlatingsverhaal: uiteindelijk maak je er inderdaad een verhaal van, waarin alle elementen betekenis krijgen. ‘Ik mag m’n ex wel dankbaar zijn dat ie is weggelopen, want een paar jaar later ontpopte hij zich tot crimineel.’ Of (deze kun je bij elke tegenslag gebruiken): ‘Deze dramatische gebeurtenis heeft me alleen maar sterker gemaakt dan ik daarvoor was.’ (Hoogmoedigen willen hierbij graag Nietzsche op z’n Amerikaans aanhalen: if it doesn’t kill me, it makes me stronger.) Je kunt zelfs een cirkelredenering gebruiken: door weg te lopen bij het altaar, bewees hij dat hij het niet waard was om mee te trouwen.

Het bestaan van dit trucje, waar de mens toch zelf zo goed in is, vergeten we meestal als we nadenken over hoe het is om met tegenslag om te gaan. Daarom verwachten we dat tegenslag een veel grotere impact zal hebben dan ze heeft, aldus Gilbert. Het trucje werkt bovendien onbewust, je kunt niet gaan zitten en eens even rustig een verhaal breien van je mislukte trouwerij om vervolgens vrolijk verder te gaan.

Dat brengt me op één punt waar Gilbert het niet over heeft en dat volgens mij wel cruciaal is: tijd. Het mag misschien waar zijn dat je tegenslag op een gegeven moment weet om te buigen tot een positieve wending in je leven, maar dat gebeurt nooit meteen. Het duurt even voordat je zover bent dat je je eigen verhaal op orde hebt en ook gelooft. De seconden, minuten, dagen en weken nadat de verschrikkelijke waarheid tot je doordringt dat die eikel je bij het altaar heeft laten staan, zijn toch echt de ergste die je ooit zult meemaken. Dat je er later een mooie betekenis overheen weet te leggen, verandert daar niets aan. Het is een nieuwe blik op iets uit het verleden, niet een nieuw verleden.

Ook vraag ik me af of de mens hier echt zo onbewust mee omgaat. ‘Later lachen we erom’ is toch een veelgebruikte uitspraak (misschien niet in Amerika?) die precies dit mechanisme vooropstelt. En wat zeg je tegen iemand die bijvoorbeeld zijn baan kwijtraakt? ‘Wacht maar af, uiteindelijk komt er vast iets beters voor in de plaats.’ (Ik weet uit ervaring dat iedereen dat dan tegen je zegt en ook dat het waar is.) Je moet dat niet alleen tegen anderen zeggen, maar ook tegen jezelf, lijkt Gilberts boodschap.

Het voorbeeld hierboven komt uit het hoofdstuk ‘Immune to reality’ uit Stumbling on happiness. Gilbert gaf ook een vermakelijke TED-talk over het onderwerp, de moeite van het kijken waard:


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *