Lummelen of tijdverspilling II

kuijer_hoe_word_ik_gelukkig

Ligt het aan de milde tot zware herfstdepressie waar iedereen last van lijkt te hebben dat het lummelen, vervelen en op de bank liggen steeds van zich doen horen? Joke J. Hermsen pleitte voor een herwaardering van het nietsdoen. Je onderdompelen in de verveling met de voeten omhoog. Daar is Guus Kuijer niet van gediend. Ongerichte lamlendigheid leidt nergens toe, zo stelt hij in zijn ‘zelfhulpboek’ Hoe word ik gelukkig? Een opvallend meningsverschil dat zij met elkaar voeren – niet echt met elkaar, maar in mijn hoofd omdat ik toevallig hun boeken tegelijk aan het lezen ben. Toch denk ik dat ze het meer met elkaar eens zijn dan ze zelf misschien weten.

Verstrooidheid, schrijft Kuijer, is niet afwezig zijn maar juist ‘inwezig’. Iemand die er schijnbaar met zijn gedachten niet bij is, verstrooid is, is juist heel erg gericht op iets. Iets uit het (nabije) verleden dat in zijn gedachten blijft hangen en dat hij niet van zich kan afzetten. Verstrooidheid is daarom goed: het is een teken van concentratie. Alleen het woord is niet goed, omdat verstrooiing niet alleen lijkt te verwijzen naar een versnipperde aandacht, maar ook naar hersenloos amusement (in de zin van ‘verstrooiing bieden’).

Kuijer zegt het zelf niet met zoveel woorden, maar hij toont zich in zijn boek een duidelijk voorstander van de deliberate practice. Mensen, kinderen vooral, moeten een interesse ontwikkelen, een gerichtheid op één punt en alles in het werk stellen om zich op dat punt te verdiepen. In het geval van kinderen is het de taak van de school en van onderwijzers om de omstandigheden te creëren waarin het kind zijn interesse kan ontdekken en verder kan ontwikkelen, liefst tot het een passie is. Zo’n kind zal als alles goed gaat een verstrooide volwassene worden.

Hoe valt dat te rijmen met de lofzang van Hermsen op de verveling en het zalig niets doen? De overeenkomst zit ‘m in het resultaat, niet in de weg ernaartoe. Want ook bij Hermsen lijkt het toelaten van verveling niet geheel belangeloos: je laten overspoelen door de tijd is een voorwaarde voor creativiteit en inspiratie. Uit de verveling komen ideeën voort. Zomaar lamlendig op de bank hangen is dus niet de bedoeling. Ook daar is een gerichtheid gewenst, een concentratie die zich precies concentreert op de verveling zelf. Zonder concentratie vloeien de inzichten en goede ideeën ook maar langs je heen – dan kun je je net zo goed laten verstrooien door een amusementsprogramma op tv.

Beiden zijn het er dus over eens dat je je niet moet laten meeslepen door de waan van de dag, maar je eigen weg moet volgen. Bij Hermsen is dat vooral ‘je eigen tijd volgen’, bij Kuijer gaat het om je eigen interesse. Dat is het antwoord op de vraag hoe je gelukkig wordt. Je eigen tijd volgen betekent je overgeven aan het niets, aan reflectie en intuïtie, waaruit ideeën, kunst en herinneringen ontstaan. Kuijer benadrukt juist de werklust, die gericht is op íets. Maar ook die is gefundeerd in reflectie, kunst en herinneringen. Overgave en concentratie is waar het beiden om te doen is: aan iets of aan niets, aan werk of aan ledigheid – dat maakt gek genoeg niet zo heel veel uit.

Lees ook Lummelen of tijdverspilling I

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *