Stine Jensen en Rob Wijnberg: Dus ik ben

dus_ik_ben

Een weblog, artikelen in nrc.next, een televisieprogramma (dit najaar bij HUMAN): Dus ik ben is niet alleen een boek, maar een project. Stine Jensen en Rob Wijnberg zetten bij hun zoektocht naar de moderne identiteit alle middelen in die tegenwoordig voorhanden zijn. Mensen zijn uitgenodigd online ‘mee te denken’, samen met onder anderen Robbert Dijkgraaf, Arie Boomsma en Sunny Bergman. Had het boek niet het sluitstuk van het project moeten vormen in plaats van een tussenstand te geven?

Op 8WEEKLY: Op zoek naar de moderne identiteit

Een weblog, artikelen in nrc.next, een televisieprogramma (dit najaar bij HUMAN): Dus ik ben is niet alleen een boek, maar een project. Stine Jensen en Rob Wijnberg zetten bij hun zoektocht naar de moderne identiteit alle middelen in die tegenwoordig voorhanden zijn. Mensen zijn uitgenodigd online ‘mee te denken’, samen met onder anderen Robbert Dijkgraaf, Arie Boomsma en Sunny Bergman. Had het boek niet het sluitstuk van het project moeten vormen in plaats van een tussenstand te geven?

Sinds Maxima’s gewraakte uitspraak over de Nederlander die niet bestaat, is de discussie over identiteit niet meer verstomd. Het boek Dus ik ben draait vooral om deze maatschappelijke identiteit, en gaat niet zozeer over de persoonlijke, individuele zoektocht naar ‘wie ik ben’. Elk hoofdstuk verkent een thema in het denken over identiteit: ‘Ik werk, dus ik ben’, ‘Ik heb lief, dus ik ben’. Die thema’s lijken inzicht te beloven in de constructie van de persoonlijke identiteit. Jensen en Wijnberg koppelen ze echter aan de geschiedenis van de filosofie, om zo een diagnose te stellen van de moderne, Nederlandse identiteit. Dus ik ben volgt daarmee grofweg dezelfde opzet als het heldere en intelligente Nietzsche en Kant lezen de krant van Rob Wijnberg (2009).

Duik
Antwoorden zoals die waar de populaire filosofie van de levenskunst patent op heeft, moet je in dit boek niet verwachten. In het hoofdstuk ‘Ik heb lief, dus ik ben’ gaat het bijvoorbeeld over de vermeende pornoficatie van de samenleving en over de immense media–aandacht voor de kus van Wesley en Yolanthe. Wat dat zegt over mijn verhouding tot seksualiteit is niet helemaal duidelijk. In hetzelfde hoofdstuk komen Levinas, Rousseau, Goethes Werther en Michel Houellebecq langs. Het denken van deze wel heel uiteenlopende auteurs en hun betekenis voor een hedendaagse visie op liefde, zetten Wijnberg en Jensen in duidelijke bewoordingen uiteen. Dat wekt bewondering. Veel (jonge) mensen zullen door zulke glasheldere en zinnige stukken interesse krijgen om dieper in de filosofie te duiken.

Wie zich daartoe aangespoord voelt, moet zeker ook een duik nemen in de website die bij dit boek hoort. Waar het boek de persoonlijke identiteit wat verwaarloost, staat die hier in het middelpunt van de belangstelling. Aan de hand van een beeld vertellen de meedenkers over hun eigen invulling van ‘…dus ik ben’. Ook de bezoeker is uitgenodigd mee te doen, door foto’s en filmpjes te plaatsen op Flickr en YouTube. Je ontkomt er niet aan na te denken over je eigen interpretatie. Ik lees, dus ik ben? Ik word gelezen, dus ik ben? En welk beeld hoort daar dan bij?

Val
Het gevaar van de actuele aanpak van Jensen en Wijnberg is dat stukken en argumenten snel achterhaald raken. Enkele dagen na de presentatie van het boek viel het kabinet Balkenende–IV. Alle voorbeelden die draaien om Wouter Bos of de PVV (en dat zijn er nogal wat), zijn vóór de lezer het boek uit heeft al verouderd. Net als dat van Wesley en Yolanthe trouwens, en daar hoeft het kabinet niet voor te vallen. Hadden deze papieren stukken daarom niet beter op het weblog gestaan, waar de omloopsnelheid hoog is en niemand hoeft te wachten op de drukpers? Hopelijk wordt dit mooie en zinvolle project ook afgesloten met een (geïllustreerd) boekwerk dat steunt op haar filosofische waarde, eerder dan op die veel te vluchtige van de actualiteit.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *