Prins Bernhard, Pim Boellaard: hun verhaal en hun tijd

biografie.jpg

Als één ding zeker is over het schrijven – en lezen – van een biografie, dan is het dat de hoofdpersoon bijzonder moet zijn, iemand die nieuwsgierigheid oproept. Prins Bernhard en verzetsheld Pim Boellaard zijn bij uitstek zulke hoofdpersonen. Toch kregen hun biografen, respectievelijk Annejet van der Zijl en Jolande Withuis, beiden regelmatig de vraag: waarom een boek over deze mannen? In een dubbellezing in de serie De biografie gaven zij antwoord op die vraag. De drijfveer om je hoofdpersoon te begrijpen, het puzzelen op de raadsels van een leven en de grote invloed van de tijd kwamen daarin naar voren.

Waarom schrijft een vrouw uit de feministische hoek een biografie van zo’n welvarende macho in de oorlog, een ‘held’, zo kreeg Jolande Withuis vaak te horen. De levensloop van Boellaard en vooral de keuzes die hij maakte, fascineren. ‘Wat maakt dat iemand om kan gaan met zoveel tegenslag, en moedig en eervol gruwelijkheden kan doorstaan?’ Dat is op zich al een interessante vraag. Bij Boellaard gaat die nog verder. Hij groeide op in een beschermd, negentiende-eeuws milieu, als in een roman van Louis Couperus. Hoe kan het dat zo iemand in de oorlog zo’n heldhaftige rol gaat spelen en na de bevrijding een briefje krijgt van een communistische medegevangene die hem bedankt voor alle goede zorgen?

In oorlogstijd is het misschien wel gebruikelijk dat vriendschappen over klassen en geloven heen gesloten worden, iedereen is nu eenmaal op elkaar aangewezen. Maar het is niet vanzelfsprekend om een held te zijn en het goede te doen, zoals Boellaard deed. Hoe zit dat? Dat is een drijfveer om biografisch onderzoek te doen en een boek over iemand te schrijven.

Ook Annejet van der Zijl heeft vaak de vraag gekregen ‘Waarom Bernhard?’ Nieuwsgierigheid is ook waar zij op uitkomt. Eigenlijk is ze enigszins erin gerold, net als Withuis met Boellaard. Een vooropgezet plan om biografieën over hen te schrijven, was er in beide gevallen niet. Via het werk aan andere boeken kwamen de schrijfsters op het spoor van een interessante geschiedenis, of zoals de ondertitel van Bernhard luidt: Een verborgen geschiedenis. Er is een raadsel dat erom vraagt opgelost te worden, dat de nieuwsgierigheid prikkelt en uitdaagt tot onderzoek.

Van der Zijl vertelt hoe zij geïnteresseerd raakte in het Duitse verleden van Bernhard, toen ze schreef aan Sonny Boy. Over de vooroorlogse jaren van Bernhard als Duitse jongeman was nog maar weinig bekend. Terwijl die Duitse geschiedenis veel duidelijk zou kunnen maken over de latere opvattingen en vreemde gedragingen van de prins, zo vermoedde Van der Zijl. Bernhard wordt altijd afgeschilderd als een held of als een schurk – dat extreme beeld kan niet kloppen. Het begrijpen van een persoon is belangrijk; het schrijven van een biografie is een manier om grip te krijgen op een mens en via die mens op de geschiedenis.

Van der Zijl zat op een vruchtbaar spoor, zo bleek al snel, onder andere op de Berlijnse universiteit waar Bernhard studeerde. In Duitsland is Bernhard niet zo bijzonder als hier in Nederland en de archieven met zijn studiegegevens kon Van der Zijl zonder problemen gebruiken. Bernhard wás ook niet zo bijzonder als wij misschien denken: de Duitse geschiedenis van de latere prins-gemaal laat zien dat hij een typisch kind van zijn tijd was. Een jongeman uit een gegoede, maar verarmde familie, geboren met een gouden lepel in de mond die hem daarna werd afgenomen, zonder kansen in de toekomst en met een hang naar vertier.

Via de Duitse geschiedenis kon Annejet van der Zijl laten zien hoe prins Bernhard gevormd werd door zijn tijd. Als we begrijpen waar iemand vandaan komt, begrijpen we ook beter zijn latere reacties en handelingen, zeker als het gaat om zijn eigen verhouding tot dat verleden. Jolande Withuis’ held Boellaard lijkt zich juist aan zijn tijd en verleden te ontworstelen en zijn eigen pad uit te stippelen. Verschillen als deze zeggen iets over de mens: hoe je je laat vormen door de tijd en omgeving waarin je toevallig leeft en hoe je je daartegen verzet. In de verhalen over uitzonderlijke levensgeschiedenissen zoals van Boellaard en Bernhard kan de lezer zich spiegelen, aan de hand van dit soort patronen.

Over dit onderwerp – hoe de patronen van een leven je helpen je eigen leven te begrijpen en vormgeven – zullen volgende week in de derde lezing Hans Goedkoop en prof. Joachim Duyndam verder spreken. Graag tot dan! De lezing van gisteren is hier terug te zien.

[Verschenen op het Studium Generale nieuwsblog]

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *