Dingen denken, dingen doen, dingen veranderen: do-it-yourself

underground

‘Hier in Nederland is het té goed.’ Mensen moeten wakker geschud worden, ‘je moet dingen gaan denken, dingen gaan doen … en door dat te gaan doen kunnen we misschien ook wel echt wat veranderen.’ We zijn te gast in punkwinkel No Fun, in het Amsterdam van 1977 (Wonderland, een documentaire over punk in Nederland, 1977). Het is een opvallende uitspraak dat het in Nederland té goed zou gaan. Verzetten de punks zich niet tegen juist tegen werkloosheid en gebrek aan goede woonruimte, tegen een maatschappij zonder toekomstperspectief? Oftewel: No Future nu, zoals Leonor Jonker haar boek over de punk in Nederland noemde. Zij opent de derde avond van de serie Underground met het filmfragment uit de punkdocumentaire.

Beste vrienden met je ouders
Misschien kwamen die grote maatschappelijke problemen – jeugdwerkloosheid, leegstand – pas een paar jaar later echt aan de oppervlakte. In het begin van de jaren tachtig verandert ook de punk- en kraakscène; die wordt steeds extremer en de reacties van de autoriteiten verharden mee. Is dat wat ons nu ook te wachten staat? Een steeds terugkerende vraag is waarom jongeren nu, 35 jaar later, zo weinig hun stem laten horen, niet massaal de straat op gaan of zich zelfs maar afzetten tegen de generaties boven hen. Je zou kunnen zeggen dat het ondanks de crisis nog steeds ‘té goed’ is hier in Nederland. Is het weer tijd om de mensen wakker te schudden?

Een stevig (generatie)conflict, waardoor je weer ‘dingen gaat denken, dingen gaat doen’ is misschien precies wat de crisis nodig heeft, lijkt Thomas van Aalten te vinden. Het is de vraag of generatieconflicten nog wel van deze tijd zijn. Tegenwoordig zet je je niet meer af tegen je ouders, maar ben je vrienden van elkaar. Beste vrienden zelfs. Leonor Jonker herkent dat wel. Van Aalten en Jonker schelen minder dan tien jaar, maar tussen hen tekent zich een groot verschil af: ergens in die tien jaar is de verhouding tussen jeugd en ouders totaal veranderd, van conflict naar vriendschap. Dat verandert ook de houding tegenover verzet en protest.

Punk in alle huiskamers
Je kunt je afvragen of de geest van verzet wel echt zo wijd verspreid was in de jaren zeventig en tachtig. Punkers en krakers maakten maar een heel klein deel van de bevolking uit, vormden een echte underground-cultuur, geconcentreerd in de grote stad. Hebben we daar niet een vertekend beeld van? En is het wel eerlijk als we de hele jeugd van nu vergelijken met zo’n kleine groep van toen? Martijn Haas ging op zoek ging naar de mooie, spannende verhalen voor zijn geschiedenis van de Amsterdamse jaren tachtig, verteld aan de hand van losgeslagen en uitzonderlijke types.

Zoals Mike von Bibikov, hoofdpersoon van zijn laatste boek Bibikov for President, die de bestaande politiek wilde ontkennen en een nieuwe staatsvorm bedenken. Met zijn partij De Reagering nam hij deel aan de Amsterdamse gemeenteraadsverkiezingen om zo de politiek van binnenuit te veranderen (met weinig succes). Met de piratenzender Rabotnik TV werd ingebroken op de kabel zodat Bibikov in alle huiskamers te zien was. Toch wel iets anders dan YouTube, waar ook elke zonderling zich kan laten zien, maar niemand ernaar hoeft te kijken.

Do-it-yourself
Het gaat er ook niet zozeer om of de punkmentaliteit representatief was voor de jaren tachtig (natuurlijk was zij dat niet, we kennen ook allemaal de gepolijste muziek uit die tijd, het ‘greed is good’ van Gordon Gekko en de suffige bloemkoolwijken in provinciestadjes). Belangrijker is te luisteren naar wat het meisje in de punkwinkel No Fun zegt: we moeten dingen doen en denken en dan kunnen we misschien wel iets veranderen. Het is die eenvoudige overtuiging – ‘do-it-yourself’, ga niet zitten wachten tot iemand het voor jou doet – die de moeite waard is om weer leven in te blazen. Daar heb je geen idealen of generatieconflict voor nodig. En wat het idee erachter is? Dat bedenken we over een jaar of dertig wel.

Kijk voor meer beeld, verhalen en discussie: Van underground tot commercie in muziek, kunst en tv met Thomas van Aalten, Martijn Haas en Leonor Jonker. Hans Achterhuis ging eerder in op de achtergronden van de ideologie van de jaren zeventig en tachtig: De utopische ideologie van anarchisten en kapitalisten en Caroline Nevejan sprak in een persoonlijk verhaal over kraken en hacken tot ontwerp en bestuur.

Lees ook:
Strijden voor een utopisch ideaal of kapitaal: anarchisten, marxisten en neoliberalen
Van kraken en hacken tot ontwerp en bestuur: praktisch idealisme

[Verschenen op het Studium Generale nieuwsblog]

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *