Hamlet en entropie: alfa vs. bèta

hamlet_en_entropie

Het is een vaak herhaald refrein: het zou slecht gesteld zijn met de algemene ontwikkeling van studenten, leerlingen, stemmers, internetters, van wie niet eigenlijk. Ook in de academische wereld laait eens in de zoveel tijd de discussie op dat gestudeerde mensen te weinig kennis bezitten buiten hun eigen vakgebied. Dan gaat het vooral om letterenmensen die geen weet hebben van de natuurwetenschappen. Vraag een literatuurwetenschapper naar de tweede wet van de thermodynamica en hij kijkt niet alleen met een gezicht als een vraagteken, maar begint zelfs schamper te lachen. Jean Paul van Bendegem, wiskundige en filosoof, schreef een pamflet waarin het vuur flink oppookt: Hamlet en entropie. De twee culturen een halve eeuw later.

Als je niet weet waar de regel ‘To be or not to be’ vandaan komt, ben je dom, maar kun je niet uitleggen van entropie inhoudt, dan mag je daar trots op zijn, stelt Van Bendegem. Waarom staat algemene kennis van letteren en cultuur in hoger aanzien dan die van de natuurkunde? Een goeie vraag. Maar er zijn toch wel wat kanttekeningen bij te plaatsen. Ten eerste ziet Van Bendegem het in al zijn woede en pamflettaire verongelijktheid nog te rooskleurig. Het is namelijk al lang niet meer dom om niets van Hamlet of Shakespeare te weten, ook niet onder ‘geletterden’. Goed, Shakespeare is nog tot daaraan toe. Ik spreek echter herhaaldelijk studenten en afgestudeerden die geen idee hebben wie Joost Zwagerman is, wat De Stijl is en wanneer, of die met een vage blik in de ogen van nee schudden als het gaat over James Joyce. (Dat geldt niet alleen voor zogenaamde hoge cultuur, ook populaire cultuur valt vaak in een zwart gat.) En die zich daar geen seconde over schamen.

Ik ga geen klaagzang houden, want ik klaag alleen over klagers. Ik constateer alleen dat het met die twee culturen wel meevalt: eerder is er één cultuur van algemene onwetendheid. De vraag is natuurlijk of en waarom dat erg is. Ik ben een literatuurwetenschapper die geen flauw benul heeft wat de tweede wet van de thermodynamica inhoudt. Ik schaam me er niet voor, omdat ik ook geen idee heb van het nut van die kennis. Ik houd me bezig met literatuur en filosofie, wat heb ik dan aan een of andere natuurkundige wet? Inmiddels heb ik wel vijf keer gelezen of gehoord wat die verrekte wet precies betekent, maar het gaat het ene oor in en het andere weer uit. Ik kan het gewoon niet onthouden omdat ik het niet kan relateren aan wat voor mij belangrijk is. Of liever: omdat het een abstractie blijft.

Dat is anders met entropie, de tweede poot in Van Bendegems titel en representant van de bètacultuur. Entropie is juist een begrip dat ik vaak gebruik (en dan weet niemand wat ik bedoel). Dat komt omdat ik het heb leren kennen in de context van de literatuur: The Crying of Lot 49 van Thomas Pynchon, een toppunt van hermetisch postmodernisme dat we bij literatuurwetenschap moesten lezen. Het is jammer dat Van Bendegem nu juist entropie heeft gekozen als voorbeeld (maar ja, Hamlet en de tweede wet van de thermodynamica bekt ook niet echt lekker), terwijl dit nu juist een begrip is dat de twee culturen overstijgt. Gek genoeg probeert hij niet de vastgestelde onwetendheid weg te nemen door uit te leggen wat entropie eigenlijk betekent. Terwijl je daar toch moet beginnen, lijkt me. Wil je niet verzanden in een steeds herhaald, klaaglijk refrein over domme mensen dan moet je ook uitleg durven geven.

Wikipedia meldt over entropie: ‘De entropie van een geïsoleerd systeem dat niet in evenwicht is, neemt in de loop van de tijd toe, tot het maximum voor dat geïsoleerde systeem is bereikt. De toestand met de maximale entropie is de evenwichtstoestand.’ Met andere woorden: de tweede wet van de thermodynamica.

Dat onthouden literatuurwetenschappers dus niet, onze hersenen kunnen het gewoonweg niet bolwerken. Maar vertaal het naar een meer metaforische, ethische inhoud. Entropie als het voorkomen van tegenstrijdigheden en paradoxen, vitalisering van dode objecten, letterlijke metamorfoses en de instabiliteit van de vorm en identiteit. Hoe alles toewerkt naar chaos, tot het moment dat het toppunt van chaos bereikt is en alles stilvalt. Voor je het weet, zie je overal om je heen de entropie. Het is een begrip waarmee je de werkelijkheid betekenis kunt geven. Dat is dan misschien niet precies wat natuurkundigen er belangrijk aan vinden, maar het slaat wel een brug tussen de twee culturen.

Van Bendegem pleit voor een verandering in het onderwijs. Wie kan daar nu tegen zijn? Het is alleen de vraag hoe die verandering eruit moet zien. Je zult het nooit bewerkstelligen dat alfamensen natuurkundige wetten uit hun mouw schudden. Ze zijn letterlijk alfa-minded. Net zoals bètamensen niet minded zijn voor de verhalende, praktische wetenschap en cultuur. Het is nodig om te laten zien welke bruggen tussen de twee bestaan, zoals in dit voorbeeld over entropie. Een natuurkundige wet kan ook op een literaire manier de wereld duiden. Dan houdt hij op een abstractie te zijn en kan hij blijven haken in de alfa-mind. Aangezien betekenis geven de kern is van waar de alfawetenschap mee bezig is, lijkt me dat een zeer welkome toevoeging.

Blijft de vraag: wat heeft een wiskundige aan Hamlet? ‘To be or not to be’: 0 of 1, dat is de vraag.

Lees ook de recensie op wiskundemeisjes.nl, die me op het spoor zette van dit boekje. Hun blog is een mooi voorbeeld van een brug tussen de twee culturen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *